RaboResearch - Economisch Onderzoek

Vijf redenen waarom de Britten niet verlengen

Column

Delen:

Verschenen in de Telegraaf, 10 mei 2020

Door de coronacrisis vergeten we bijna dat er dit jaar ook nog verder onderhandeld moest worden over Brexit. Want nu de scheiding inmiddels is afgerond, zou het voor zowel de EU als het VK beter zijn als er tijdens deze transitieperiode óók een akkoord zou komen over de nieuwe handelsrelatie. Dit zou al voor het einde van dit jaar geregeld moeten zijn.

Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. De standpunten van het VK en de EU liggen ver uit elkaar en de onderhandelingen liggen sinds de coronacrisis vrijwel stil. De politiek leiders hebben wel iets anders aan hun hoofd, zeker in het geval van premier Johnson, en vrijwel het gehele ambtenarenapparaat is met crisisbestrijding in de weer. Het is dus niet zo gek dat er in de (financiële) media veel gespeculeerd wordt over een verlenging van de overgangsperiode.

Wees niet naïef…

In het scheidingsakkoord is afgesproken dat dit één keer mag gebeuren, met een maximum van twee jaar, en dat dit voor 1 juli 2020 geregeld moet zijn. Maar hoe logisch, rationeel en verstandig zo’n verlenging op dit moment ook zou zijn, het is wat mij betreft naïef om te veronderstellen dat de regering van Johnson dit dan ook zonder slag of stoot zal doen. In de laatste Brexit-Outlook ga ik hier uitgebreid op in, maar dit stuk valt kort samen te vatten in de volgende vijf punten.

De eerste is heel simpel: als Brexit gestoeld zou zijn op puur economisch-rationele overwegingen, had het nooit plaatsgevonden.

De tweede reden is ook niet onlogisch. Tijdens de scheidingsonderhandelingen kon het parlement de plannen van de Britse regering nog dwarsbomen. Premier Johnson heeft nu een royale meerderheid. Dat betekent ook dat hij niet meer achter de dwarsliggers kan schuilen: een verlenging is zijn besluit.

De derde reden? De Britten geloven dat de coronacrisis de breuklijnen binnen de Europese Unie bloot heeft gelegd. Het was juist de Europese eenheid die onderhandelaar Barnier een geduchte tegenstander maakte.

Nummer vier? Hoe economisch onverstandig Brexit ook is, de negatieve impact van Brexit valt in het niet bij de huidige coronacrisis. Stel dat na deze historisch diepe recessie de groei in 2021 weer aantrekt. Groeicijfers van 5% zijn dan niet vreemd, zelfs zonder een V-vormig herstel. Lukt het dan nog om de negatieve impact van Brexit uit de cijfers te filteren? Of wordt de Brexit-marketing dan een stuk makkelijker voor premier Johnson?

Tot slot: de vijfde en laatste reden. Waarom zou de regering de economie na deze crisis willen opbouwen binnen de kaders van de gemeenschappelijke markt, om daar vervolgens na twee jaar alsnog uit te stappen? Is het dan niet aantrekkelijker om met financiële hulp van de Bank of England te werken aan een nieuwe economische structuur en het hoofdstuk ‘Brexit’ zo snel mogelijk te sluiten?

… maar bereid je goed voor

Veel van deze argumenten hadden inderdaad zo uit Il Principe van Machiavelli kunnen komen. Maar het is een feit dat het Machiavellisme heerst binnen de Britse politiek. Ik hoop dat ik ongelijk heb, maar er is maar een advies dat ik ondernemend Nederland kan meegeven: blijf ondanks alles de voorbereidingen op een relatief harde Brexit zo goed mogelijk doorzetten. Better safe than sorry!

Delen:
Auteur(s)
Stefan Koopman
RaboResearch Global Economics & Markets Rabobank KEO
030 71 21328

naar boven