RaboResearch - Economisch Onderzoek

This article is also available in English

Sectorprognoses: productiedalingen in veel sectoren door coronavirus

Themabericht

Delen:

Lees meer over sectorontwikkelingen in deze sectorstudies en de sectorkennis op rabobank.nl

  • Wereldwijde groeivertraging en uitbraak coronavirus raken Nederlandse sectoren
  • Het is alle hens aan dek in de zorg
  • We verwachten een forse krimp in de bouw, de landbouw, de horeca en de vervoersector
  • Dit raakt ook de uitzendbranche
  • Verder voorzien wij een krimp in de (groot- en detail)handel en de industrie
  • We verwachten een beperkte groei in het onderwijs, de specialistische zakelijke diensten en de informatie- en communicatiesector
  • De noodmaatregelen van de overheid en banken zijn erop gericht om blijvende economische effecten te beperken

De uitbraak van het coronavirus en de maatregelen die zijn getroffen om verdere verspreiding af te remmen raken iedere sector. Voor sommige sectoren loopt het effect slechts via hun verbindingen met andere delen van de economie. Andere sectoren treft het virus in het hart. Op basis van deze sectorprognoses gaan we ervan uit dat de Nederlandse economie in 2020 met circa 0,2 procent krimpt.

De terugval in bedrijvigheid is het sterkst in de maanden maart en april. In sommige (deel-)sectoren ligt het werk zo goed als stil. Onze ramingen gaan ervan uit dat het internationale goedenverkeer wel wordt bemoeilijkt, maar niet wordt stilgelegd.

Wij nemen aan dat de virusuitbraak in de loop van het tweede kwartaal onder controle komt, waardoor de economie in de tweede helft van 2020 en in 2021 weer normaliseert. Consumenten geven dan naar verwachting weer geld uit, en bedrijven pakken de productie en hun investeringsplannen weer op. Deze normalisatie zal in de ene sector sneller plaatsvinden dan in de andere.

Tabel 1: Veel Nederlandse sectoren dit jaar in de min
Tabel 1: Veel Nederlandse sectoren dit jaar in de min Bron: RaboResearch

In 2021 laten de meeste sectoren weer groei zien, al is deze groei in veel gevallen kleiner dan de krimp in 2020. Per saldo ligt de bedrijvigheid daarmee in 2021 voor een aantal sectoren nog onder het niveau van 2019.

Meer dan gebruikelijk zijn deze prognoses omgeven door grote onzekerheden. Zo zijn de economische ontwikkelingen afhankelijk van de manier waarop het virus en de maatregelen daartegen zich ontwikkelen en hoe snel de overheidssteun daadwerkelijk op gang komt.

Zorg: alle hens aan dek

De ziektelast als gevolg van de uitbraak zorgt voor een sterke toename van de zorgvraag. Ook het ziekteverzuim onder zorgmedewerkers loopt op. Hierdoor worden er meer medewerkers ingezet: verloven worden ingetrokken en er wordt een beroep gedaan op verpleegkundigen en artsen die momenteel niet meer of nog niet beschikken over een BIG-registratie, zoals recent gepensioneerden of studenten die hun coschappen lopen. Ook zijn grote hoeveelheden beschermingsmiddelen nodig. In hoeverre alle overuren en extra materialen ook zorgen voor extra omzet hangt ervan af in welke mate deze extra zorg declarabel is.

Tegelijkertijd staat de geplande zorg voor een deel ‘on hold’. Hierbij kan worden gedacht aan heup- en knieoperaties, bevolkingsonderzoeken en niet-urgent tandartsbezoek. Deze uitgestelde zorgvraag zal op een later moment weer moeten worden ingehaald. In de welzijnssector vindt een verschuiving plaats van face-to-face naar telefonisch en digitaal contact. Kinderdagverblijven hebben hun deuren gesloten, maar op 20 maart maakte de overheid bekend dat ouders gecompenseerd worden die al voor deze periode hadden betaald. Per saldo zal de zorgsector in 2020 harder groeien dan eerder verwacht.

Grootste krimp bij de horeca, de cultuursector, de bouw, de sierteelt en de transportsector

In deze sectoren slaat de groei om in een forse krimp, met het zwaartepunt in het tweede kwartaal. Er is in deze sectoren niet of nauwelijks sprake van een inhaaleffect in het derde en vierde kwartaal, omdat men niet-gebruikte diensten hier doorgaans niet tweemaal na elkaar gebruikt. Denk hierbij aan een omgeboekte reis of een bezoek aan een museum. 

De horeca en de cultuur- en recreatiesector krijgen flinke klappen te verduren. Momenteel zijn restaurants, cafés, theaters en musea gesloten. Maar ook hotels draaien veel minder omzet door het wegblijven van toeristen en zakelijke reizigers. Daarnaast worden vrijwel alle evenementen afgezegd en kan het naar schatting nog wel even een duren voordat de situatie hier weer op een normaal niveau is.

In de landbouwsector wordt vooral de sierteelt hard geraakt door buitenlandse vraaguitval. De voedselproductie blijft op peil. Wel verwachten we dat er knelpunten kunnen ontstaan bij onder meer de oogst van zachtfruit wanneer een deel van de arbeidsmigranten wegblijft.

In de transportsector wordt vooral het personenverkeer geraakt. Dit geldt voornamelijk voor personen-vliegverkeer, nu steeds meer landen hun grenzen sluiten. In beperktere mate lijdt ook het vervoer van personen over land. Het aantal reizigers per trein neemt bijvoorbeeld sterk af, maar het effect op de inkomsten wordt enigszins gemitigeerd doordat inkomsten uit (jaar)abonnementen doorlopen.

De bouw op meer fronten geraakt

De bouw ondervond al belemmeringen door de beleidsmaatregelen rondom stikstof en krijgt nu ook te maken met de virusuitbraak. Tevens kampt de sector met een tekort aan arbeidskrachten, dat groter wordt doordat arbeidsmigranten vertrekken. Zo onderschrijft het Economisch Instituut voor de Bouw dat steeds meer Poolse bouwvakkers huiswaarts keren.

Daarnaast kan de bouw ook te maken krijgen met toeleveringsproblemen. Dat laatste geldt bijvoorbeeld voor producten waarvan de bouw afhankelijk is van toelevering vanuit China, zoals zonnepanelen. Ook kan het aanvragen van nieuwe bouwvergunningen en het opstarten van nieuwe projecten vertraging oplopen, wat het herstel later dit jaar en in 2021 in de weg zit.

Ook de zakelijke dienstverlening, de handel en de industrie voelen de gevolgen

Industriële bedrijven kampen met diverse toeleveringsproblemen. Maar het virus raakt ook hun afzet. Enerzijds doordat er afzetgebieden 'op slot' zitten en anderzijds omdat individuele afnemers investeringen tijdelijk uitstellen. Een deelsector die zowel met toeleverings- als met afzetproblemen te maken heeft, is de machinebouw. Maar ook bijvoorbeeld de meubelindustrie, de transportsector en de consumentenelektronica lopen omzet mis die zij waarschijnlijk niet meer goed gaan maken. Daarnaast leggen verschillende autoproducenten de productie in Europa stil. Dan lijkt het er ook nog op dat bedrijven niet-cruciaal onderhoud voorlopig uitstellen om de verspreiding van het virus af te remmen. En dat kost de reparatiesector dan weer werk. De problemen van de industriesector bevinden zich dus op meer plekken van de productieketen.

Binnen de zakelijke dienstverlening worden vooral de uitzend- en reisbureaus geraakt. Deze vallen onder de ‘overige zakelijke dienstverlening’. Uitzendbureaus die actief zijn in sectoren die de virusuitbraak raakt, zien hun inkomsten snel teruglopen omdat opdrachtgevers de uitzendkrachten niet meer oproepen. Uitzendbureaus kunnen een beroep doen op de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkbehoud (NOW) - de nieuwe regeling die de Werktijdverkorting vervangt. Toch sluiten wij niet uit dat veel uitzendcontracten worden beëindigd omdat het doorgaans mogelijk is om een (fase A) uitzendcontract te beëindigen als er onvoldoende werk is bij de inlener.

Het coronavirus treft de non-food detail- en groothandel fors doordat de vraag sterk is verminderd. Een beperkt deel van de verkoop bij zowel food als non-food verschuift van de winkelvloer naar online kanalen. Voor sommige productcategorieën betekent uitstel van aankoop ook afstel: niet alle verloren omzet wordt later in het jaar ingehaald.

De krimp in non-food wordt voor een deel gecompenseerd door een plus in food-retail. Ongeveer een kwart van alle handel is voedsel-gerelateerd zoals van supermarkten en groothandels in voedsel- en landbouwproducten. Bij de groothandel in voedingsmiddelen worden de gespecialiseerde toeleveranciers van de horeca geraakt. Daarentegen kennen de supermarkten door ‘hamstergedrag’ een tijdelijke omzetpiek, die dan wel weer samengaat met logistieke hoofdbrekens. 
Alles bij elkaar genomen voorzien wij voor het totale cluster ‘Handel’ op jaarbasis een beperkte krimp.

Onderwijs, specialistische zakelijke diensten en ICT: Wel business, maar niet ‘as usual’

Deze sectoren worden verhoudingsgewijs minder hard geraakt. De ICT en specialistische zakelijke dienstverlening – waaronder accountancy, advocatuur en consultancy – krijgen door de economische neergang mogelijk minder nieuwe adviesopdrachten.

Ook hebben de zakelijke diensten en de ICT-sector in vergelijking met andere sectoren meer aanpassingsmogelijkheden. Veel werkzaamheden kunnen door thuiswerken gewoon doorgaan. Voor het onderwijs is de impact op de gang van zaken groter. Er is een verschuiving van klassikaal naar online lesgeven, maar de economische gevolgen daarvan voor de sector zullen gering zijn.

Maatregelen voor banen en economie

Het kabinet heeft een spoedpakket aan maatregelen aangekondigd om de banen en de inkomens te waarborgen. Een eerste pakket aan maatregelen omvatte onder meer een verruiming van de borgstelling midden- en kleinbedrijf (BMKB). Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat staat via de BMKB borg voor de kredieten aan ondernemers, zodat zij makkelijker geld kunnen lenen. Op 17 maart kwam hier nog een aanvullend pakket met acht nieuwe maatregelen bij.

Ook hebben de banken aangegeven dat zij hun rol zullen pakken in het verschaffen van de benodigde liquiditeit aan bedrijven. Zo krijgen MKB-ondernemingen die in de kern gezond zijn zes maanden uitstel van aflossing op hun lopende leningen.

Deze maatregelen zullen niet voorkomen dat de Nederlandse economie in 2020 in een recessie belandt, maar zorgen er wel voor dat blijvende economische effecten worden beperkt.  

Box 1: Overheidsmaatregelen in een notendop

  1. Verruiming borgstelling midden- en kleinbedrijf (BMKB)
  2. Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkbehoud (NOW);
  3. Extra ondersteuning aan ZZP’ers;
  4. Versoepeling uitstel van belastingbetaling en verlaging boetes;
  5. Verruiming regeling Garantie Ondernemersfinanciering;
  6. Rentekorting kleine ondernemers op microkredieten Qredits;
  7. Tijdelijke borgstelling voor land- en tuinbouwbedrijven;
  8. Overleggen over toeristenbelasting en cultuursector;
  9. Compensatieregeling getroffen sectoren.
Delen:

naar boven