RaboResearch - Economisch Onderzoek

This article is also available in English

Nederland: schone schijn

Conjunctuurbeeld

Delen:
  • De Nederlandse economie groeide in het tweede kwartaal harder dan die in de meeste grote Europese landen
  • Toch is de neergang in het buitenland voelbaar: de industriële productie daalt al drie kwartalen
  • Dat het kabinet volgens de geruchten de komende jaren meer wil uitgeven kan dus een goed getimede impuls blijken
  • Het is wel de vraag of het dat geld krijgt uitgegeven: dit jaar al vallen de overheidsbestedingen vermoedelijk lager uit
  • Mogelijk speelt de krapte op de arbeidsmarkt hierin een rol

Vergeleken met de sombere cijfers die uit Duitsland en het Verenigd Koninkrijk kwamen, viel de recente groei-inschatting voor Nederland juist positief op: de economie groeide in het tweede kwartaal met 0,5 procent k-o-k. Dat was te danken aan extra investeringen, toenemende huishoudconsumptie en verrassend genoeg: stijgende export. Dit laatste lijkt het gevolg van een sterke toename van de wederuitvoer en door de grensoverschrijdende verkoop van diensten. De fraaie cijfers betekenen overigens niet dat Nederland immuun is voor de neergang in het buitenland. Dat zien we dan ook al: de industrie verliest al maanden stoom. Desondanks zijn onze vooruitzichten voor de economie overwegend positief, met een hoge werkgelegenheid die de huishoudconsumptie ondersteunt. Die ramingen gaan wel uit van een ordelijk vertrek van de Britten uit de Europese Unie (EU), wat nog allerminst zeker is.

Figuur 1: Schril contrast met VK en Duitsland
Figuur 1: Schril contrast met VK en DuitslandBron: CBS, Eurostat
Figuur 2: Producentenvertrouwen nog boven nul
Figuur 2: Producentenvertrouwen nog boven nulBron: CBS, IHS Markit

Industrie verliest opnieuw terrein

Tussen april en juni daalde de industriële productie voor het derde kwartaal op rij, met een krimp van 0,9 procent k-o-k. De krimp is dan wel niet zo erg als in Duitsland, de vooruitzichten voor de Nederlandse industrie zijn zeker niet rooskleurig: de Duitse Ifo-index, die het vertrouwen van producenten weergeeft, is inmiddels tot het laagste niveau sinds 2009 gedaald. Bovendien zijn er tekenen dat de sores in de Duitse industrie ook elders in dat land merkbaar worden. Met Duitsland als belangrijkste handelspartner kan dat diepere sporen trekken in de Nederlandse industrie. De Nederlandse PMI steeg in augustus dan wel tot 51,6 -wat normaliter duidt op toenemende productie- maar deze was ook in de afgelopen kwartalen positief, terwijl de productie toen wel degelijk terugliep. Bovendien zullen de handelsspanningen tussen de VS en China eerder verder oplopen dan afnemen. Als laatste blijft de Brexit, met een eventuele harde uittreding, boven de markt hangen. Dit kan het producentenvertrouwen en de export verder schaden. Voor 2019 verwachten we daarom een licht negatieve handelsbalans.

Consumptie schiet omhoog

Die zorgen om een al dan niet ontwrichtend vertrek van de Britten uit de EU kan achter de kleine daling van het Nederlandse consumentenvertrouwen in augustus zitten. Dit geldt ook voor het nieuws over toenemende spanningen tussen China en de VS, berichten over dreigende pensioenkortingen en geruchten over negatieve spaarrentes. Consumenten waren namelijk pessimistischer over zowel het economische klimaat als hun verwachtingen voor hun financiële situatie. Maar voorlopig trekken huishoudens nog gewoon de portemonnee: de consumptie groeide in het tweede kwartaal liefst 0,8 procent k-o-k. Die stijging lijkt het gevolg van de verder gestegen werkgelegenheid. Met een arbeidsparticipatie van 68,8 procent in juli was namelijk nog nooit zo’n groot deel van de Nederlanders tussen de 15 en 75 jaar aan het werk, wat een opsteker is voor het besteedbaar inkomen van huishoudens. De hoge inflatie, in augustus 3,1 procent, kan wel wat roet in het eten gooien. De prijsstijging wordt namelijk nog niet volledig ingelopen door de cao-lonen, ook al stegen deze in augustus met 2,7 procent j-o-j relatief hard. Voor 2019 verwachten we daarom dat de consumptiegroei lager uitvalt dan in 2018.

Figuur 3: Consumentenvertrouwen iets omlaag
Figuur 3: Consumentenvertrouwen iets omlaagBron: CBS
Figuur 4: Nieuwbouw zet niet door
Figuur 4: Nieuwbouw zet niet doorBron: CBS

Begrotingsimpuls?

Naar verluidt zal de regering, die in het eerste kwartaal een staatsschuld optekende van 50,9 procent van het bruto binnenlands product, op Prinsjesdag plannen presenteren om komende jaren meer te besteden en investeren. Middeninkomens kunnen volgens de berichtgeving een lastenverlichting tegemoet zien. Ook is er sprake van groeivriendelijke uitgaven in bijvoorbeeld de infrastructuur en woningbouw. Gezien de tegenwind uit het buitenland zou dit weleens een goed getimede impuls kunnen blijken voor de Nederlandse economie. En het stimuleren van de bouw kan welkom nieuws zijn voor Nederlanders die moeite hebben om een betaalbaar huis te vinden, want ondanks het woningtekort nam het aantal verleende bouwvergunningen afgelopen maanden verder af. Het is een belangrijke factor in de alsmaar stijgende prijzen (7,0 procent j-o-j in juli) en huren (2,5 procent j-o-j in juli). Natuurlijk zijn de plannen op dit moment nog vooral geruchten. Bovendien valt te bezien of de overheid daadwerkelijk in staat zal zijn om meer te investeren of consumeren. Dit jaar zullen de uitgaven waarschijnlijk al lager uitvallen dan gepland, want ook de overheid lijkt te worden geremd door de krappe arbeidsmarkt. In het tweede kwartaal daalde de overheidsconsumptie dan ook met 0,1 procent k-o-k.

Tabel 1: Economische voorspellingen
Tabel 1: Economische voorspellingenBron: Rabobank

 

Delen:

naar boven