RaboResearch - Economisch Onderzoek

Verhuizen naar het ‘wilde westen’?

Column

Delen:

Toen ik voor het eerst naar een stad verhuisde, werd ik vreemd aangekeken als ik voorbijgangers groette. Ik zag de mensen denken: ‘Had ze het tegen mij?’ of ‘Wat moet ze van me?’. Na een tijdje kreeg ik in de gaten dat onbekende mensen groeten daar ongebruikelijk is. In de stad leek het ieder voor zich, terwijl ik in mijn dorp meer het één voor allen gevoel ervaarde. Toch is wonen in de stad enorm populair. De gevolgen van de grote vraag naar huizen zijn nergens zo goed zichtbaar als in Amsterdam: daar betaal je voor een gemiddeld huis al bijna een half miljoen euro. Amsterdamse huurders komen er niet veel beter uit. Met een gemiddelde huurprijs van 23,28 euro per vierkante meter betaal je al gauw 1.200 euro voor een uitgeleefd appartement van nog geen 50 vierkante meter. Ondanks die hoge prijzen blijft het bruisende stadsleven aanlokkelijk voor velen, ook al blijkt uit onderzoek dat stedelingen zich eenzamer voelen dan dorpelingen.

Mijn eerste verhuizing naar de stad was dan ook best even wennen. Na mijn afstuderen vond ik een baan in de Randstad. Nu moest ik er wel aan geloven: weg uit het noorden, weg uit de stad Groningen waar ik me inmiddels thuis voelde, op naar het ‘wilde westen’, en dat helemaal alleen. De zoektocht naar een huis bleek behoorlijk lastig. Kopen op basis van één salaris is praktisch in alle provincies een brug te ver voor jonge koopstarters, zo blijkt uit ons Kwartaalbericht Woningmarkt. Huren moest het dus worden. Maar ook de huren in de vrije sector zijn enorm hoog, en de studio’s of kleine appartementen schaars. Collega’s, die veelal uit dat ‘wilde westen’ kwamen, dachten mee. Iemand wist dat een huis van kennissen in Amsterdam-West tijdelijk vrij kwam, een ander wees me op een nieuwbouwproject in Amsterdam-Oost. De angst sloeg me om het hart; ik had hard een huis nodig, maar wonen in Amsterdam? Ik? Echt niet.

Het lijkt erop alsof het gros van de millennials blij is om naar de Randstad te verhuizen na hun afstuderen – als ze daar al niet op een universiteit waren beland. Toch heb je ook nog die gevallen zoals ik, 24 jaar, die liever in een dorp of kleine stad wonen, in een huis met een tuin én contact met de buren. Dan maar iets verder fietsen voor dat leuke restaurant of de supermarkt. Ook in mijn nieuwe woonplaats buiten de Randstad is een koopwoning voor mij voorlopig buiten bereik. Maar als ik naar het station loop, word ik tenminste wél begroet.

Delen:

naar boven