RaboResearch - Economisch Onderzoek

Zzp’ers na de crisis

Themabericht

Delen:
  • Het aantal zzp’ers is niet alleen toegenomen in de crisisjaren, ook na de crisis gebeurde dat
  • De hoeveelheid zzp’ers is minder afhankelijk van economische groei dan de hoeveelheid werknemers
  • Maar het inkomen van zzp’ers is wel gevoelig voor schommelingen in het bbp
  • De toename van het aantal zzp’ers is mogelijk gemaakt door beleid
  • Voorgenomen veranderingen in het beleid zullen dan ook bepalend zijn voor de toekomst van zzp’ers

Zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) spelen een steeds belangrijkere rol in de Nederlandse economie. Vier jaar geleden schreven we over de rol van zzp’ers tijdens de crisisjaren. Nu de jaren van laagconjunctuur achter ons liggen en de economie weer volop bloeit, is het interessant om de rol van zzp’ers in de jaren na de crisis onder de loep te nemen. In tegenstelling tot wat sommigen wellicht hadden verwacht, zijn zzp’ers niet teruggekeerd naar loondienst nu het beter gaat met de economie.

Crisis of groei: aantal zzp’ers blijft stijgen

De financiële crisis betekende voor Nederland een grote dip in 2009 en na twee jaren met economische groei weer een dip in 2012 en 2013. Het aantal zzp’ers is tijdens deze crisisjaren -op een kleine daling in 2010 na– steeds doorgegroeid (figuur 1 en 2). Er zijn nu ruim 1,4 miljoen zzp’ers in ons land. Voor 40 procent van deze zzp’ers is het zzp-inkomen slechts een bijverdienste; zij verdienen het grootste deel van hun inkomen bijvoorbeeld door een andere loondienstbaan, pensioen of een uitkering. Tot en met 2010 groeide zowel het aantal zzp’ers dat het zzp-inkomen als hoofdinkomen heeft als het aantal dat het als neveninkomen heeft. Daarna is alleen het aantal zzp’ers dat zijn hoofdinkomen uit het zzp-schap haalt gegroeid.

Figuur 1: Bij op- en neergang van het bbp...
Figuur 1: Bij op- en neergang van het bbp...Bron: CBS
Figuur 2: …bleef het aantal zzp’ers toenemen
Figuur 2: …bleef het aantal zzp’ers toenemenBron: CBS, CBS baseert zich op de cijfers van de Belastingdienst

Soms wordt beweerd dat het aantal zzp’ers zo sterk is gestegen door de crisis. Het lijkt er inderdaad op dat door de crisis meer mensen zijn gestart als zzp’er, maar ook na de crisis bleef het aantal zzp’ers toenemen. In de crisisjaren nam zowel het aantal fulltime als parttime zzp’ers toe. Nu het economisch weer beter gaat, stijgt alleen het aantal zzp’ers voor wie het zzp-inkomen het hoofdinkomen is. Wellicht omdat het zzp-schap de laatste jaren voldoende loont, waardoor het niet nodig is om daarnaast nog een andere baan aan te houden. Sommige zzp’ers zijn hun zzp-schap wellicht in de crisisjaren begonnen naast hun baan en nu het economisch goed gaat, zien ze de mogelijkheid om dat fulltime te gaan doen.

Het lijkt erop dat het voor veel zzp’ers een bewuste keuze was om zzp’er te worden. In de Zelfstandigen Enquête van TNO en CBS van 2017 is onder zzp’ers gepeild wat de redenen waren om te starten als zzp’er. Het vaakst werden ‘ik zocht een nieuwe uitdaging’ (38 procent), ‘ik wilde zelf bepalen hoeveel en wanneer ik werk’ (33 procent) en ‘ik heb altijd al als zelfstandige willen werken’ (29 procent) genoemd. Het merendeel blijkt tevreden met die keuze; 89,5 procent geeft aan dat als ze vrij mochten kiezen, ze liever als zelfstandig ondernemer werken dan als werknemer in loondienst.

Toch is het overheidsbeleid hoogstwaarschijnlijk een voorwaarde geweest voor de toename van het aantal zzp’ers. De introductie van specifieke fiscale aftrekposten aan het begin van deze eeuw, vooral de zelfstandigenaftrek[1], heeft zelfstandig ondernemen fiscaal een stuk aantrekkelijker gemaakt ten opzichte van werken in loondienst. Daar tegenover staat dat zzp’ers zelf verantwoordelijk zijn voor het regelen van zaken als pensioen en arbeidsongeschiktheidsverzekering.

Voetnoot
[1] De zelfstandigenaftrek bedraagt momenteel 7.280 euro. Dit bedrag mag van de winst worden afgetrokken voordat de inkomstenbelasting wordt berekend, op voorwaarde dat er minstens 1.225 uur aan de onderneming is besteed.

Door economische groei stijgen de inkomens van zzp’ers weer

Figuur 3: Gemiddeld inkomen werknemers en zzp’ers (2007 = 100)
Figuur 3: Gemiddeld inkomen werknemers en zzp’ers (2007 = 100)Bron: CBS
Toelichting: Het gemiddelde persoonlijke inkomen van zzp’ers betreft het inkomen van zzp’ers waarvan het zzp-inkomen het voornaamste inkomen is. Het gemiddelde persoonlijke inkomen van werknemers bestaat uit twee door ons aan elkaar gekoppelde CBS-reeksen (een reeks die van 2001 t/m 2014 ging en een van 2007 t/m 2016).

Zoals we in ons stuk over zzp’ers tijdens de crisis lieten zien, had de recessie andere gevolgen voor zelfstandigen dan voor werknemers in loondienst. Dat geldt ook voor de huidige periode van hoogconjunctuur.

Figuur 3 en 4 geven het verschil in dynamiek weer tussen zzp’ers en werkenden in loondienst in de periode van de crisis en daarna. Door loonrigiditeit daalden de nominale uurlonen van werknemers in de crisis niet. Hierdoor konden bedrijven hun arbeidskosten alleen verlagen door een deel van de werknemers te ontslaan. Het aantal werknemers daalde tussen 2013 en 2015 dan ook flink (figuur 4). Zelfstandigen zagen hun aantal in de crisis niet dalen, maar hadden juist een lager inkomen door minder opdrachten of een lager tarief.

En nu het economisch beter gaat, zien we precies het omgekeerde gebeuren. De jaren van hoogconjunctuur vertalen zich voor werknemers met name in meer banen. Sinds 2014 is het aantal werknemers weer flink toegenomen. Het gemiddelde inkomen is ook gestegen, maar niet meer dan jaren geleden. Bij zzp’ers zorgt de economische groei juist voor een stijging van hun inkomen (figuur 3).

Figuur 4: Verandering van het aantal zzp’ers en werknemers ten opzichte van 2007
Figuur 4: Verandering van het aantal zzp’ers en werknemers ten opzichte van 2007Bron: CBS

Het aantal zzp’ers lijkt dus minder afhankelijk te zijn van economische groei dan het aantal werknemers. Het inkomen van zzp’ers daarentegen is veel afhankelijker van economische groei. In laagconjunctuur hanteren zij lagere tarieven of werken ze minder; nu het weer beter gaat zijn tarieven gestegen of werken ze meer en stijgt hun inkomen weer. Zzp’ers in alle sectoren zien het inkomen uit hun onderneming weer toenemen. Een goed voorbeeld is de bouwnijverheid, waar het inkomen van zzp’ers duidelijk meebeweegt met de conjunctuur (figuur 5). In 2013 was het gemiddelde jaarlijkse inkomen voor zzp’ers in de bouw ruim 5.000 euro lager dan in 2008. Nu de economie weer groeit, nemen de tarieven en het aantal opdrachten toe, waardoor hun inkomen stijgt. En gezien de huidige vraag naar personeel in de bouw zal deze stijging nog wel even doorzetten. Het verschilt wel per sector wat een zzp’er gemiddeld verdient. De inkomens liggen het hoogst in de financiële en zakelijke dienstverlening. Het minst verdienen zzp’ers in de horeca- en recreatiesectoren (figuur 6).

Figuur 5: Zzp’ers in de bouw kunnen eindelijk weer meer verdienen
Figuur 5: Zzp’ers in de bouw kunnen eindelijk weer meer verdienenBron: CBS
Toelichting: Grafiek laat het gemiddelde inkomen uit het zzp-schap zien van zzp’ers in de bouw die hun voornaamste inkomen verdienen als zzp’er.
Figuur 6: Zzp-inkomen verschilt per sector
Figuur 6: Zzp-inkomen verschilt per sectorBron: CBS
Toelichting: Betreft het gemiddelde inkomen van zzp’ers die hun voornaamste inkomen uit hun onderneming halen, 2016.

Toekomst zzp’ers afhankelijk van beleid

De golven van de conjunctuur lijken niet veel impact te hebben op de stijgende trend in het aantal zzp’ers. Of het aandeel zzp’ers in de werkzame beroepsbevolking blijft toenemen, lijkt dus met name afhankelijk van het al dan niet voortzetten van de huidige fiscale voordelen voor zzp’ers. In het regeerakkoord van Rutte 3 staat dat de zelfstandigenaftrek vanaf 2020 stapsgewijs wordt verlaagd, tot het niveau van de eerste belastingschijf. Dit kan grote gevolgen hebben voor sommige zzp’ers. Als er voor hen een te klein inkomen overblijft, zullen zij wellicht kiezen voor een baan in loondienst. Het is daarom waarschijnlijk dat de grootste toename van het aantal zzp’ers al heeft plaatsgehad. Daarnaast is het afhankelijk van hoe de overheid schijnzelfstandigheid, waarbij de zelfstandige een verkapte werknemer is, tegen wil gaan. Momenteel bestaat de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) nog wel, maar deze wordt tot 2020 niet gehandhaafd. Het is nog onduidelijk wat de opvolger van de Wet DBA gaat zijn. Daardoor weten veel zelfstandigen nu niet waar ze aan toe zijn, net als werkgevers. Dit kan ertoe leiden dat werkgevers liever een werknemer via een uitzendbureau of payrollconstructie aannemen, om op die manier het risico op schijnzelfstandigheid te vermijden.

Een ander voorbeeld van potentieel beleid dat de aantrekkelijkheid van het zzp-schap kan beïnvloeden is verplichte pensioenopbouw voor zzp’ers. Vakbond FNV en werkgeversorganisatie VNO-NCW zijn hier voorstander van, zoals blijkt uit het gelekte concept-pensioenakkoord

Conclusie

Het aantal zzp’ers is niet alleen toegenomen in de crisisjaren, ook na de crisis bleef dit aantal groeien. Het kan dat zzp’ers noodgedwongen begonnen in de crisis en dat dat goed bevalt of dat hun onderneming nu door de economische groei goed loopt, waardoor ze besluiten zzp’er te blijven. Het aantal zzp’ers lijkt minder afhankelijk te zijn van economische groei dan het aantal werknemers dat een baan in loondienst heeft. Het inkomen van zzp’ers is daarentegen veel afhankelijker van economische groei. In laagconjunctuur hanteren zij lagere tarieven of werken ze minder en nu het weer beter gaat stijgt hun inkomen. De groei van het aantal zzp’ers in de komende jaren is met name afhankelijk van de toekomst van de zelfstandigenaftrek en de werking van de opvolger van de Wet DBA. Het is waarschijnlijk dat de grootste toename van het aantal zzp’ers achter ons ligt en dat met name een deel van de zzp’ers met een laag inkomen terug zal keren naar loondienst.

Literatuur

Rabobank (2014), Zzp’ers tijdens de crisis

Rabobank (2017), Arbeidsongeschiktheidsverzekeringen voor zelfstandigen: kiezen of dwingen?

Rabobank (2018), Niet alleen zzp’ers, maar ook veel werknemers koersen af op pensioentekort

Delen:
Auteur(s)
Lisette van de Hei
RaboResearch Nederland Rabobank KEO
030 21 62666

naar boven