RaboResearch - Economisch Onderzoek

China en de Verenigde Staten stellen handelsoorlog vooralsnog uit

Economisch commentaar

Delen:
  • Ondanks recente spanningen op handels- en investeringsgebied tussen de VS en China lijkt de kou na onderhandelingen enigszins uit de lucht
  • China heeft toegezegd om zijn import vanuit de VS te verhogen, met name op het gebied van landbouw- en energieproducten
  • Fundamentele verschillen blijven echter bestaan, bijvoorbeeld op het terrein van bescherming van intellectueel eigendom en het gerelateerde ‘Made in China 2025’
  • Hoewel de kans op handelsescalatie op de korte termijn is afgenomen, blijft dit een belangrijk neerwaarts risico bij het huidige mondiale economische beeld

Na steeds verder oplopende spanningen tussen de VS en China is er na de meest recente onderhandeling een (tijdelijke) afwenteling van de tarifaire maatregelen bereikt. Dit komt met name doordat China heeft toegezegd meer goederen te gaan importeren, met als doel om het bilaterale handelstekort van de VS met China te verkleinen. Eerder beschreven wij de mogelijke impact van een handelsescalatie, welke sectoren hierbij het meest kwetsbaar worden geacht, en de spagaat waarin China zich bevindt. Ondanks het positieve signaal dat van de onderhandelingen uitgaat, is het maar de vraag of een handelsoorlog met de huidige afspraken definitief is afgewend.

Voornaamste uitkomst: China gaat meer importeren

Uit het gezamenlijke statement na de onderhandelingen van afgelopen week bleek dat China heeft toegezegd meer te gaan importeren en meer aandacht te gaan besteden aan de bescherming van intellectuele eigendomsrechten van Noord-Amerikaanse producenten. Hierbij moet wel direct worden aangetekend dat er nog onduidelijkheid bestaat om welk bedrag en om welke specifieke productgroepen dit precies gaat.

Over welk tekort gaat het eigenlijk?

Het handelstekort tussen beide landen loopt steeds verder op (figuur 1). In december 2017 bedroeg dit nog 375 miljard USD. Dit cijfer is afkomstig van het US Census Bureau en hier wordt doorgaans naar gerefereerd wanneer men spreekt over dit bilaterale handelstekort. Het Chinese bureau voor de statistiek (National Bureau of Statistics, NBS) rapporteert echter een veel lager tekort. De discrepantie kan enerzijds worden verklaard door verschillen in rapportagestandaarden en anderzijds door verschillen in het meten van de waarde van cross-border goederenstromen. Momenteel speelt dit geen rol omdat er nog geen officiële streefwaarde als importbedrag is genoemd, hoewel de VS het eerder hadden over een tekortreductie van USD 200 miljard. Maar bij nieuwe onderhandelingen kan dit een rol spelen omdat het uitmaakt naar welk tekort (en naar welke gerelateerde reductie) beide kanten refereren. Overigens noteren de VS weliswaar een bilateraal tekort met China op de goederenbalans, maar tegelijkertijd houden zij een jarenlang overschot op de dienstenbalans met China erop na (van ongeveer 38 miljard USD eind 2017).

Figuur 1: Handelstekort loopt verder op volgens beide definities
Figuur 1: Handelstekort loopt verder op volgens beide definitiesBron: NBS, US Census Bureau, Macrobond
Figuur 2: China importeert vooral noodzakelijke en intermediaire goederen uit de VS
Figuur 2: China importeert vooral noodzakelijke en intermediaire goederen uit de VSBron: OEC, UN COMTRADE, Rabobank

Welke goederen zijn van belang?

Beide landen hebben afgesproken dat China meer goederen zal gaan importeren zonder een specifiek bedrag te noemen. Uit het gezamenlijke statement volgt dat de extra import vanuit China vooral zal bestaan uit meer invoer van landbouw- en energieproducten. Momenteel importeert China vooral noodzakelijke en intermediaire goederen uit de VS, zoals medicijnen, (medische) instrumenten en sojabonen (figuur 2). Het landbouw- en energiedeel omvat grofweg 22 procent van de totale importen vanuit de VS, gelijk aan ongeveer 28 van de totale 130 miljard USD aan importwaarde. Het al dan niet tijdelijk afzien van tarifaire maatregelen door de VS is per saldo gunstig voor de Chinese economie. Het heffen van importtarieven zou immers prijsopdrijvend werken op uiteenlopende goederen en daarmee nadelig uitpakken voor Chinese bedrijven en consumenten. Maar een toename van dergelijke goedereninvoer kan vanuit het oogpunt van importsubstitutie wel nadelig uitpakken voor de huidige leveranciers aan China.

Overige Chinese maatregelen

Tabel 1: Tariefsverlaging Chinese importgoederen eind 2017
Tabel 1: Tariefsverlaging Chinese importgoederen eind 2017Bron: Ministerie van Financiën China (selectie), Rabobank

Los van de genoemde toezeggingen heeft China de afgelopen periode al meer stappen gezet om tarifaire en non-tarifaire barrières te verlagen. Zo zijn diverse tarieven verlaagd of zelfs verwijderd en aan de non-tarifaire kant worden diverse sectoren geleidelijk verder opengesteld voor buitenlandse investeringen, zoals de financiële sector en de autosector. In december 2017 besloot de Chinese overheid het gemiddelde tarief op een selectie van 187 goederen te verlagen van 17,3 naar 7,7 procent (tabel 1). Het meest recente nieuws is dat ook invoerheffingen op auto’s vanaf 1 juli worden verlaagd van 25 naar 15 procent. Ook wordt het onderzoek om beperkingen op te leggen aan de import van Amerikaanse sojabonen en kafferkoren (beide belangrijk voor veevoer) stilgelegd. Op het eerste gezicht lijkt China dus te willen leveren om handelsescalatie te voorkomen.

De kou is nog (lang) niet uit de lucht

Ondanks het positieve signaal is het nog zeer onzeker hoe de (handels-)relatie tussen de VS en China er in de verdere toekomst uit zal zien. Zo hebben de VS in een eerder stadium al tarieven ingesteld op wasmachines, zonnepanelen en staal en aluminium, waar China vervolgens op reageerde met een pakket van ongeveer 3 miljard dollar aan tegenmaatregelen. Een van de verklaringen waarom er een periode van relatieve rust kan ontstaan, is meer politiek van aard, namelijk tussentijdse verkiezingen (‘midterms’) in de VS die in november 2018 plaatsvinden.

Los van het oplopende handelstekort en aankomende verkiezingen is het inmiddels ook duidelijk dat de VS het zogenoemde ‘Made in China 2025’-plan als bedreiging ervaren. Met dit plan heeft China zich ten doel gesteld om mondiaal dominant te zijn in sectoren als ruimtevaart, biotechnologie en hoogwaardige machinetechnologie. Om dit te kunnen bereiken is China momenteel nog afhankelijk van buitenlandse importen van hoogwaardige technologie, en schrijft Chinees beleid in veel gevallen voor dat buitenlandse bedrijven hun technologieën moeten overdragen als zij in China zaken willen doen. De tarieven die de VS op dit terrein hanteren (50-60 miljard USD), zijn na de recente onderhandelingen ‘on hold’ gezet. Hiermee blijven fundamentelere zaken in de bilaterale relatie zoals beleid op het gebied van technologie en (staats-)industrie vooralsnog ongemoeid.

Ten slotte is de historische ontmoeting tussen de Amerikaanse president Trump en de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un gepland op 12 juni in Singapore. Het is nog onzeker of deze top definitief door zal gaan, vooral vanwege militaire oefeningen tussen de VS en Zuid-Korea die een doorn in het oog zijn van Noord-Korea. Eerder hebben wij al aangegeven dat China een belangrijke rol speelt in de relatie van de VS met Noord-Korea. Het is daarom niet ondenkbaar dat de handelspuzzel inmiddels ook geopolitieke stukjes bevat.

Delen:
Auteur(s)
Björn Giesbergen
RaboResearch Global Economics & Markets Rabobank KEO
030 21 62562

naar boven