RaboResearch - Economisch Onderzoek

This article is also available in English

Buitenland ondermijnt binnenlandse kracht Nederlandse economie, beide verhogen inflatie

Conjunctuurbeeld

Delen:
  • De binnenlandse vraag zal waarschijnlijk sterk groeien, maar toch kan de bbp-groei afzwakken
  • Consumptie van huishoudens en overheid ondersteunt de groei, samen met de bedrijfsinvesteringen
  • Maar de handelsbalans kan de groei vertragen, aangezien de import naar verwachting harder zal stijgen dan de export
  • Zowel buitenlandse als binnenlandse factoren kunnen de inflatie doen stijgen
  • De hogere olieprijs en handelsconflicten kunnen de importprijzen verhogen
  • Daarnaast kunnen de krappe arbeidsmarkt en de btw-verhogingen de inflatie vanuit het binnenland aanwakkeren

De binnenlandse economie zal zich in Nederland waarschijnlijk krachtig blijven ontwikkelen, ook volgend jaar. Een hoog consumentenvertrouwen, de sterke banengroei en hogere overheidsuitgaven dragen allemaal bij aan de groeiende binnenlandse vraag. De krappe arbeidsmarkt en gunstige vooruitzichten ondersteunen ook de groei van de bedrijfsinvesteringen. Toch zal de bbp-groei waarschijnlijk afnemen. De dalende huizenverkopen vertalen zich in een tragere groei van de woninginvesteringen. Belangrijker is dat de sterke binnenlandse vraag de importgroei opstuwt, terwijl een vertraging van de wereldhandel zich vertaalt in een lagere exportgroei. Deze combinatie leidt tot een remmende werking van de handelsbalans op de Nederlandse economie. De combinatie van binnenlandse en buitenlandse factoren kan leiden tot een hogere inflatie in Nederland. Binnen Nederland is de arbeidsmarkt krap en wordt in 2019 de btw-verhoogd. Vanuit het buitenland vormen hogere olieprijzen en stijgende handelstarieven een bedreiging voor de Nederlandse economie.

Consumptie en bedrijfsinvesteringen stuwen groei

De hittegolf van de afgelopen dagen lijkt een goede metafoor voor de staat van de Nederlandse binnenlandse economie. De arbeidsmarkt blijft het huishoudinkomen en het consumentenvertrouwen ondersteunen. Ondanks een werkloosheid van onder de 4 procent in mei blijft de werkgelegenheidsgroei met een stijging van 2,5 procent ten opzichte van een jaar eerder krachtig. Dit vertaalt zich echter nog niet in een breed gedragen loongroei. Toch lijken de recente cao-onderhandelingen te wijzen op een opwaarts potentieel voor de lonen, niet alleen door de loonsverhogingen die zijn afgesproken, maar ook door de strijdlustige houding van de vakbonden die recentelijk heeft geleid tot stakingen. Los van de loonsverhogingen ontwikkelt de consumptiegroei zich dit jaar naar verwachting goed met een stijging van rond de 3 procent jaar-op-jaar (figuur 1). Ook de begrotingsplannen van het kabinet geven de binnenlandse bestedingen een impuls (tabel 1). De krappe arbeidsmarkt en de goede vooruitzichten voor de binnenlandse vraag zijn bovendien gunstig voor de bedrijfsinvesteringen (figuur 1). Volgens een enquête van het CBS verwachten in ieder geval bedrijven in de industrie dat hun investeringen met een kwart zullen stijgen. Voor het hele bedrijfsleven verwachten wij dit jaar een stijging van de investeringen met bijna 8 procent.

Tabel 1: Kerngegevenstabel Nederland
Tabel 1: Economische voorspellingenBron: Rabobank
Figuur 1: Binnenlandse vraag sterk
Figuur 1: Binnenlandse vraag sterkBron: Macrobond, CBS

Huizenmarkthausse neemt af in kracht

Figuur 2: Huizenprijsrecord, maar de verkopen dalen
Figuur 2: Huizenprijsrecord, maar de verkopen dalenBron: Macrobond, CBS

De groei van de woninginvesteringen zal dit jaar waarschijnlijk vertragen. Hoewel de huizenprijzen in mei een nieuwe piek bereikte, worden er minder woningen verkocht dan vorig jaar (figuur 2). Het aanbod van woningen begint op te drogen, in ieder geval in de Randstad. Dit wordt vooralsnog niet gecompenseerd door meer activiteit in andere delen van het land. De krapte op de huizenmarkt in de grote steden zal er waarschijnlijk toe leiden dat de prijzen doorstijgen met naar verwachting 8 procent dit en 7 procent volgend jaar. Maar de hausse neemt af, vooral in Amsterdam waar de prijsstijgingen begonnen. De daling van het aantal transacties heeft een effect op onze bbp-voorspelling, want zij vertaalt zich zoals gezegd direct in een vertraging van de groei van de woninginvesteringen. Minder nieuwe huiseigenaren betekent simpelweg minder nieuwe badkamers en keukens.

Zelfs zonder handelsoorlog kan de netto export de groei vertragen

De belangrijkste reden waarom wij verwachten dat de Nederlandse economie trager zal gaan groeien is een negatieve bijdrage van de netto export. De krachtige vraagontwikkeling van de binnenlandse economie ondersteunt de importgroei. Tegelijkertijd verwachten wij een vertraging in de economieën van onze voornaamste handelspartners, ook los van (eventuele) handelsconflicten. Het bestaande handelsconflict tussen de VS en de EU zal een effect hebben op specifieke Nederlandse exportproducten (voornamelijk staal), maar de maatregelen zijn nog niet groot genoeg om een brede impact te hebben op de macro-economie (zie ons Themabericht hierover). Een escalatie van het conflict kan de bbp-groei wél om zeep helpen. In een extreem scenario dat RaboResearch heeft doorgerekend, heft de VS importtarieven van 20 procent en doen alle Amerikaanse handelspartners dat ook, als tegenmaatregel. In dat geval zou de Nederlandse economie tot 2023 3 procentpunt aan groei verliezen.

Binnen- en buitenlandse inflatiekrachten verenigen zich

Zelfs met de huidige beperkte handelsmaatregelen is het goed mogelijk dat de prijzen van een beperkte verzameling consumentenproducten omhoog zullen gaan. De EU heeft de tarieven verhoogd op een selectie van Amerikaanse exportgoederen. Een aantal hiervan importeren wij vooral uit de VS, waaronder cranberrysap en speelkaarten (figuur 3). Hoewel wij er weinig van zullen merken in de inflatiecijfers, laat dit wel zien dat handelsoorlogen niet alleen slecht zijn voor de bbp-groei vanwege lagere export, maar dat ze ook prijsopdrijvend werken. De olieprijs is een ander buitenlands effect dat al heeft geleid tot een rappe stijging van de inflatie (figuur 4). Dit komt bovenop de binnenlandse inflatiedruk door een sterke vraag, een krappe arbeidsmarkt en btw-verhogingen die volgend jaar zullen worden doorgevoerd.

Figuur 3: EU-tarieven op sommige producten
Figuur 3: EU-tarieven op sommige productenBron: UN Comtrade Database;
Toelichting: De grafiek geeft de vijftien producten weer die Nederland importeert met het hoogste import-aandeel uit de VS. Van specifiek pindakaas zijn helaas geen data beschikbaar. Bourbon valt onder de bredere categorie whisky.
Figuur 4: Inflatie terug van weggeweest
Figuur 4: Inflatie terug van weggeweestFiguur 4: Inflatie terug van weggeweest
Delen:

naar boven