RaboResearch - Economisch Onderzoek

This article is also available in English

Duitsland: economisch optimisme helpt Merkel aan volgende termijn

Conjunctuurbeeld

Delen:
  • De Duitse economie heeft een sterk eerste half jaar achter de rug en groeide met gemiddeld 2,1%
  • Wij verwachten dat de groei voor de rest van dit jaar op peil blijft alvorens volgend jaar iets terug te zakken
  • Duitsland profiteert flink van de opgaande conjunctuur in de rest van de Eurozone, het ruime monetaire beleid en een hoog binnenlands vertrouwen
  • De aanstaande federale verkiezingen in september zullen Merkel opnieuw voor vier jaar in het zadel helpen. Maar er is nog geen zicht op hervormingen die nodig zijn om de Duitse economie klaar te maken voor de toekomst

De Duitse economie groeide de eerste helft van 2017 gemiddeld met 2,1% op jaarbasis (figuur 1). Daarmee groeit Duitsland al meer dan vijf jaar sneller dan het gemiddelde van de Eurozone. De groei was breed gedragen. De uitvoer groeit dankzij de economische opgang elders in Europa, waardoor de vraag naar Duitse producten toeneemt. Tegelijk hebben Duitse consumenten veel vertrouwen in de economie en dat uit zich in een steeds duidelijkere bijdrage van consumptie aan de economische groei (figuur 2). In het tweede kwartaal van 2017 groeide de consumptie zelfs het hardste sinds 2011. Dit positieve sentiment is niet vreemd met een werkloosheid onder de 4%. Er zijn regionale verschillen, maar op veel plekken is er enkel nog frictiewerkloosheid.

Figuur 1: Duitsland speelt een sterke eerste helft van 2017
Figuur 1: Duitsland speelt een sterke eerste helft van 2017Bron: Eurostat, Rabobank
Figuur 2: Consumentenvertrouwen nadert hoogste punt ooit gemeten
Figuur 2: Consumentenvertrouwen nadert hoogste punt ooit gemetenBron: GfK, Rabobank

Groei blijft komende jaren op peil, maar reële loongroei blijft achter

Wij verwachten dat de bpp-groei de rest van het jaar op peil blijft en uitkomt op 2,1%. Het producentenvertrouwen gemeten door het IFO in München loopt enkele maanden vooruit op bbp-cijfers, wijst ook op aanhoudende groei (figuur 3). Volgens deze cijfers zou de groei dit jaar zelfs kunnen toenemen naar maar liefst 4% op jaarbasis. Maar de laatste maanden heeft de IFO wel een heel rooskleurig beeld bij de groei dat niet ondersteunt lijkt door de gerealiseerde, harde data. De Purchasing Managers’ Index (PMI) wijst ook op een aanhoudende groei van rond de 2%.

Figuur 3: Ook producenten zijn erg optimistisch over de Duitse economie
Figuur 3: Ook producenten zijn erg optimistisch over de Duitse economieBron: IFO, Eurostat, berekeningen Rabobank
Figuur 4: Loongroei blijft constant bij hogere inflatie
Figuur 4: Loongroei blijft constant bij hogere inflatieBron: Eurostat
Tabel 1: Groei blijft op peil
Tabel 1: Groei blijft op peilBron: NIESR, Rabobank

De inflatie valt lager uit dan wij eerder verwachtten, onder meer door een dalende olieprijs. Daardoor blijft de reële loongroei positief die de private consumptie ondersteunt (figuur 4). Wel is de inflatie hoger dan afgelopen jaren waardoor de bbp-groei volgend jaar waarschijnlijk wel iets afneemt naar 1,9% (tabel 1). Bovendien blijft de loongroei achter, wat vreemd is aangezien de werkloosheid zeer laag is en de Duitse arbeidsmarkt in steeds meer segmenten krapte laat zien. Door aanhoudende groei in de rest van de Eurozone blijft de uitvoer op peil, ondanks een appreciërende euro. Ook het aanhoudende ruime monetaire beleid is een steun in de rug voor Duitse bedrijven en de overheid (die er weinig gebruik van maakt).

Verkiezingen staan (helaas) niet in teken van toekomstige groei

Zondag 24 september zijn de Duitse federale verkiezingen. Naar alle waarschijnlijkheid resulteren deze in een hernieuwde vierjaarstermijn voor Merkel. De enige spannende vraag is als vanouds wie haar coalitiepartner wordt. Dit zal vooral invloed hebben op de toon jegens Europa en de toekomst van Europese integratie. Binnenlands gaat het meer om de vraag hoe het begrotingsoverschot in te zetten: voor belastingverlaging of investeringen.

Helaas wordt er in de campagne nauwelijks aandacht besteed aan de economische toekomst van Duitsland. En dat terwijl investeringen in wegen, scholen en onderwijs hard nodig zijn. De productiviteitsgroei in de dienstensector blijft erg achter bij de industrie, onder andere doordat veel beroepen beschermd zijn en netwerkindustrieën niet geliberaliseerd zijn (figuur 5). Daarnaast loopt Duitsland achter op het gebied van digitalisatie op buurlanden. Ook vanuit het bedrijfsleven wordt weinig geïnvesteerd terwijl zij over uitgebreide (cash)reserves beschikken (figuur 6). Geen van de Duitse politieke partijen lijkt hier enige visie op te hebben geformuleerd.

De Duitse economie is onder Merkels toezicht getransformeerd van de ‘Zieke man van Europa’ naar groeimotor van de Eurozone. Maar nu riskeert zij aan het hoofd te staan van een stabiele economie die niet klaar is voor de toekomst.

Figuur 5: Productiviteitsgroei in de dienstensector loopt sterk achter
Figuur 5: Productiviteitsgroei in de dienstensector loopt sterk achterBron: OECD productivity database (2016)
Noot: Reële toegevoegde waarde, index 1997=100
Figuur 6: Zowel publieke als private investeringen in Duitsland lopen achter op peers
Figuur 6: Zowel publieke als private investeringen in Duitsland lopen achter op peersBron: OECD Science, Technology & Industry scoreboard (2015)
Noot: cijfers uit 2013, investering als percentage van toegevoegde waarde van bedrijvensector

 

Delen:
Auteur(s)
Daniël van Schoot
RaboResearch Global Economics & Markets Rabobank KEO
030 21 30318

naar boven