RaboResearch - Economisch Onderzoek

Terreur van de emotie

Column

Delen:

Verschenen in Elsevier, 7 oktober 2017

Ondanks de schrijnende verhalen in de media is het lastig hard te maken dat Nederland de hand op de knip houdt als het gaat om zijn bejaarde bewoners. Zo wordt volgens de OESO, de club van rijke landen, nergens in de ontwikkelde wereld meer uitgegeven aan langdurige zorg dan in Nederland. Toch zijn politici gezwicht voor de krantenkoppen en trekken zij opnieuw de portemonnee. Ze laten zich leiden door emotie.

Het was zonder twijfel de opvallendste maatregel uit de verder weinig enerverende Miljoenennota. Komend jaar gaat er 435 miljoen euro extra naar de verpleeghuiszorg, nadat de Tweede Kamer zich eerder dit jaar had verplicht om budget vrij te maken voor betere zorg in verpleeghuizen. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek tellen de verpleeg- en verzorgingshuizen net geen 121.000 bewoners. Dat betekent dat er 3.600 euro per bewoner wordt vrijgemaakt, boven op het budget dat al is gereserveerd voor langdurige zorg. Het is een flinke smak geld, die bovendien hard oploopt.

De rijksbegroting rept van 2,1 miljard euro per 2021. In dat jaar is de groep tachtigplussers, waartoe het leeuwendeel van de verpleeghuisbewoners behoort, 14 procent groter. Brengen ouderen dan net zo vaak hun laatste levensjaren door in een verpleeghuis als ouderen nu, dan stijgt het aantal bewoners van zo’n tehuis tot 138.000. Vanaf 2021 wordt dus ruim 15.000 euro extra uitgegeven per bewoner. Van dat extra geld had de Kamer ook de basisbeurs kunnen herintroduceren en er vier scholieren en studenten een jaar lang van kunnen laten studeren. Van de jaarlijkse kosten van 2,1 miljard had de overheid 8 miljoen zonnepanelen kunnen kopen, een vloot nieuwe onderzeeboten kunnen laten bouwen of de inkomstenbelasting met een paar procent kunnen verlagen om iedereen te laten profiteren van de economische groei.

Natuurlijk wordt zo’n discussie snel beslecht in het voordeel van de ouderen als blijkt dat zij structureel ondermaatse zorg krijgen of verpieteren in het verpleeghuis. Wat blijkt? Volgens een rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) dat drie dagen na de Miljoenennota verscheen, zijn acht op de tien bewoners van zulke tehuizen (heel) tevreden met de zorg die zij krijgen. Dat schetst een ander beeld dan bejaarde verpleeghuisbewoners die door het verplegend personeel aan hun lot worden overgelaten.

Dat neemt niet weg dat 10 procent van de verpleeghuisbewoners zich volgens het rapport (zeer) ongelukkig voelt. Die groep kan beter met maatwerk worden geholpen. Voor groots generiek beleid vormt het rapport geen aanleiding. Hoe kan het dan toch dat de politiek dit soort besluiten neemt? Wellicht wist men vooraf niet dat het zó veel van de staatskas zou vergen. Zelfs het Zorginstituut Nederland, verantwoordelijk voor de nieuwe kwaliteitskaders, moest even slikken toen de kosten werden voorgerekend. Maar het zou zorgwekkend zijn als politici dit soort besluiten daadwerkelijk nemen zonder de kosten te kennen.

De kern van het probleem lijkt de terreur van het hoogstpersoonlijke. Die is in de politieke arena maar al te vaak leidend. Op basis van anekdotisch bewijs, verzameld uit de media of opgehaald tijdens werkbezoeken, wordt een trend geschetst en zelfs beleid gemaakt. De schrijnendste gevallen worden tot algemeen gemiddelde verheven. De ontluisterende verhalen over een relatief beperkt deel van de tienduizenden ouderen in een verpleeghuis, zijn in de Kamer uitgegroeid uit tot synoniem voor de zorg in die instellingen. Maar elk jaar dik 2 miljard euro extra uitgeven, vereist een breder beeld. Het vergt een visie die zich niet alleen laat leiden door emotioneel beladen krantenkoppen, maar juist wordt gestoeld op feiten, zoals het SCP die onlangs leverde.

Delen:
Auteur(s)

naar boven