RaboResearch - Economisch Onderzoek

Duurzaamheidsbeleid dat zoden aan de dijk zet

Column

Delen:

Dat de Amerikaanse president Donald Trump een klimaatscepticus is, was al langer bekend. Op 6 november 2012 twitterde hij: ‘The concept of global warming was created by and for the Chinese in order to make US manufacturing non-competitive’. En op 29 januari 2014: ‘Snowing in Texas and Louisiana, record setting freezing temperatures throughout the country and beyond. Global warming is an expensive hoax!’ Ervan uitgaande dat hij gelooft wat hij twittert, is het dus geen verrassing dat Trump tegen het Klimaatakkoord van Parijs uit 2015 is. Toch is het ontluisterend dat Trump, nu hij president is, niet de verantwoordelijkheid neemt die bij die positie hoort. Maar wie weet heeft de bizarre keuze van Trump een onbedoeld positief effect.

Het is wel eens eerder gebeurd dat een Amerikaanse president een besluit nam in de hoop milieubeleid te frustreren, maar daarmee juist het tegenovergestelde bereikte. In de jaren tachtig was Ronald Reagan president van de Verenigde Staten. Hij voerde een stevige dereguleringsagenda, en met name de milieuwetgeving was een doorn in zijn oog. Hij bedacht een list. In februari 1981 gaf hij Executive Order No. 12291 uit. Vanaf dat moment moesten alle belangrijke nieuwe milieuvoorschriften worden onderworpen aan een kosten-batenanalyse voordat ze konden worden goedgekeurd.

Het gevolg was dat het wetenschappelijk onderzoek naar het in geld uitdrukken van milieu-effecten een vlucht nam. Ineens werden effecten die tot dan toe geen prijskaartje hadden, alsnog beprijsd en kregen ze in de maatschappelijke kosten-batenanalyse toch waarde. Dat leidde vaker dan Reagan had bedoeld tot een positief besluit over nieuwe milieuwetgeving.

Iets dergelijks kan nu ook gebeuren. Er zijn heus meer landen die bedenkingen hadden bij de uitvoering van het Klimaatakkoord van Parijs. Maar door Trumps keuze stappen deze landen niet uit het akkoord. Nee, zij werken gek genoeg nauwer samen dan wat daarvoor voor mogelijk werd gehouden. Ook binnen de VS zelf groeit het verzet: staten als Californië, Washington en New York, samen goed voor een vijfde van het Amerikaanse bbp, hebben een klimaatalliantie opgezet. Californië sloot zelfs een klimaatakkoord met China. En het zal niet lang duren voordat de mijnarbeiders uit de Rust Belt erachter komen dat kolen niet de toekomst hebben. Rekening houdend met de opzegtermijn kan de VS zich over vier jaar, op 4 november 2020, terugtrekken uit het akkoord. Dat is een dag na de presidentsverkiezingen. Wie weet is er op 3 november een president die ‘Parijs’ wel omarmt.

Los van die dagdroom, is de realiteit dat nu al steeds meer partijen inzien dat een klimaatneutrale economie het nastreven waard is. En dat begint bij het beprijzen van broeikasgasemmissies. Want dat zet de prikkels op scherp, zodat marktpartijen hun emissies automatisch zullen terugdringen. Stevige CO2-prijzen voorkomen bovendien dat business cases niet rendabel zijn, omdat de investeringskosten wel hard meetellen maar de baten in termen van minder uitstoot niet. En met dank aan die erfenis van Reagan kunnen we dat beprijzingsinstrument nu beter inzetten.

Het beprijzen van uitstoot is de enige manier om daadwerkelijk zoden aan de dijk zetten. Figuurlijk, maar voor landen die gevaarlijk laag liggen als de zeespiegel stijgt, ook letterlijk. 

Delen:
Auteur(s)
Barbara Baarsma
Directeur Kennisontwikkeling Rabobank Rabobank KEO
030 21 62666

naar boven