RaboResearch - Economisch Onderzoek

This article is also available in English

Consumptie veert op, inflatie blijft laag

Conjunctuurbeeld

Delen:
  • Breed gedragen groei in Nederland
  • Consumptie huishoudens stijgt weer
  • Inflatie blijft laag
  • Verdere verbetering overheidsfinanciën

Breed gedragen groei

De Nederlandse economie herstelt zich op alle fronten. De exportsector doet het ondanks internationale onzekerheden goed, en de binnenlandse vraag draagt sterk bij aan de bbp-groei. We verwachten dat het volume van het bruto binnenlands product (bbp) dit jaar met 2,2 procent groeit en volgend jaar met 1,9 procent (zie tabel 1). De jongste maandcijfers bevestigen dit beeld: huishoudens consumeren meer en het vertrouwen van producenten en consumenten blijft op historisch hoog. De inflatie blijft nog wel lager dan we eerder hadden voorspeld.

Het CBS heeft deze maand gereviseerde cijfers van de bbp-groei in voorgaande kwartalen gepubliceerd. Het meest opvallend is dat het volume van het Nederlandse bbp voor 2015 opwaarts is bijgesteld, van 2,0 naar 2,3 procent. De groei in het eerste kwartaal van 2017 ten opzichte van het kwartaal ervoor bleef onveranderd op 0,4 procent (zie figuur 1). Dat is lager dan wij eerder hadden verwacht. Een reden voor die wat teleurstellende bbp-groei was de tegenvallende groei van de consumptie van huishoudens. Dat komt waarschijnlijk door een sterke daling van het gasverbruik door het relatief warme weer in de eerste maanden van het jaar.

Omdat de lagere gasconsumptie in het eerste kwartaal van 2017 waarschijnlijk een tijdelijk dip was, verwachten we dat huishoudconsumptie in het tweede kwartaal weer opveert. De consumptiecijfers van april bevestigen dit beeld: de consumptie groeide relatief hard met 0,5 procent m-o-m (eigen seizoenscorrectie). Onze vooruitzichten voor de consumptie zijn positief omdat het aantal banen sterk toeneemt en de reële lonen stijgen. Voor dit jaar verwachten we een private consumptiegroei van 1,9 procent, in 2018 valt deze licht terug tot 1,7 procent.

Figuur 1: Bestedingsbenadering bbp-groei
Figuur 1: Bestedingsbenadering bbp-groeiBron: CBS
Tabel 1: Kerngegevens Nederlandse economie
Tabel 1: Kerngegevens Nederlandse economieBron: CBS, Rabobank

Vertrouwen blijft hoog

Figuur 2: Consumentenvertrouwen blijft hoog
Figuur 2: Consumentenvertrouwen blijft hoogBron: CBS

Onze positieve verwachting wordt ondersteund door hoog vertrouwen onder producenten en consumenten. Het consumentenvertrouwen bleef in juni onveranderd op +23, een niveau dat voor het laatst in 2007 werd bereikt (zie figuur 2). De sub-indicator koopbereidheid – een belangrijke voorspeller van toekomstige consumptie – nam wel toe in juni. Producenten blijven ook optimistisch: het producentenvertrouwen steeg in juni naar 7,2. De Nederlandse inkoopmanagersindex ligt momenteel bovendien op het hoogste niveau in 74 maanden. Dat hoge vertrouwen bevestigt ons in ons beeld dat de productie van de maakindustrie de komende kwartalen zal toenemen.

Sterke daling inflatie

Figuur 3: Lage inflatie
Figuur 3: Lage inflatieBron: CBS

Na een sterke toename van de inflatie in april door tijdelijke factoren daalde de inflatie in mei weer, van 1,4 naar 0,7 procent (figuur 3). Een groot deel van deze daling komt door een lagere prijs van diensten gerelateerd aan vakanties door de vroege mei- en paasvakantie. Ook energieprijzen droegen minder sterk bij aan de inflatie door de lagere j-o-j groei van de olieprijzen. De inflatie is op dit moment lager dan wij eerder hadden verwacht, deels door die lagere olieprijzen.

De kerninflatie (de inflatie zonder huur en de grillige energie- en voedselprijzen) nam ook af in mei en is nu slechts 0,1 procent. Zowel de kerninflatie en de totale inflatie zijn laag op dit moment. Als de inflatie in de komende maanden niet toeneemt zullen we onze huidige inflatievoorspelling van 1,4 procent in 2017 moeten herzien. 

Verdere verbetering overheidsfinanciën

De overheid had in het eerste kwartaal van 2017 een overschot op haar begroting van 1 procent (zie figuur 4). Zowel de inkomsten uit de vennootschapsbelasting als uit de inkomstenbelasting namen toe, terwijl de uitgaven niet verder stegen. Daarnaast ook de Nederlandse staatsschuld voor het in zes jaar onder de 60 procent van het bbp, de schuldrichtlijn van het Europees Stabiliteits en Groeipact. De krimpende schuld is het gevolg van het overschot op de begroting en de verkoop van financiële bezittingen van de overheid.

Figuur 4: Overheidsoverschot neemt toe
Figuur 4: overheidsoverschot neemt toeBron: CBS

Dat de overheidsfinanciën er rooskleuriger uitzien is waarschijnlijk een van de redenen dat de formatieonderhandelingen zo lang duren. Vergeleken met de vorige kabinetsformatie, in 2012, is er veel minder druk: toen gaf de overheid ruim 4 procent meer uit dan het binnenkreeg, en was er in minder dan twee maanden een nieuw kabinet. 

Delen:
Auteur(s)

naar boven