RaboResearch - Economisch Onderzoek

Verenigde Staten: op een tweesprong

Economisch Kwartaalbericht

Delen:
Deze publicatie is verouderd. Bekijk de recentste editie

Naar de overzichtspagina van het Economisch Kwartaalbericht

  • Ondanks de tegenvallende economische groei blijft de Amerikaanse banenmotor draaien
  • Een renteverhoging door de centrale bank lijkt er dit jaar nog in te zitten
  • De uitkomst van de verkiezingen in november kan leiden tot een koerswijziging van het overheidsbeleid in de komende jaren

Economische groei valt tegen…

Ook in het tweede kwartaal van 2016 kwam er geen einde aan de economische groeivertraging die in het laatste kwartaal van 2015 is ingezet. Vooral de bedrijfsinvesteringen blijven een bron van zorg (zie figuur 1). Door de zwakke groei van de wereldeconomie en de dure dollar hebben Amerikaanse bedrijven slechts beperkte afzetmogelijkheden in het buitenland. Daarom is er weinig reden tot investeren in het uitbreiden van de productiecapaciteit. In de energiesector heeft vooral de lage olieprijs een drukkend effect op de investeringen. Daarmee is de schalieolierevolutie tot stilstand gekomen – in ieder geval voorlopig. Maar ook de onzekerheid over de politieke koers die het land na de verkiezingen in november gaat varen lijkt bedrijven voorzichtig te maken. We verwachten voor 2016 dan ook slechts een reële BBP-groei van 1½ procent. Door de aanhoudende tegenwind uit het buitenland verwachten we voor 2017 een economische groei van 1¾ procent (zie tabel 1).

Figuur 1: Bedrijfsinvesteringen krimpen
Figuur 1: Bedrijfsinvesteringen krimpenBron: Macrobond
Tabel 1: Kerngegevens Verenigde Staten
Tabel 1: Kerngegevens Verenigde StatenBron: Macrobond, NiGEM, Rabobank

… maar banenmotor blijft draaien

Daarentegen blijft de banengroei op tempo.[1] Dit is vooral te danken aan de dienstensector die minder last heeft van de tegenwind uit het buitenland dan de industrie en de mijnbouw. Alleen in mei leek de banenmotor even te haperen, toen de dienstensector een tegenvallende maand had. In juni en juli draaide de banenmotor echter weer op volle toeren (zie figuur 2). Door de aanhoudende werkgelegenheidsgroei neemt het aanbodoverschot op de arbeidsmarkt gestaag af. Niet alleen het officiële werkloosheidscijfer daalt, maar ook de ruimere maatstaven voor werkloosheid die bijvoorbeeld rekening houden met ‘ontmoedigde werkzoekenden’ en ‘deeltijdwerkers om economische redenen’. Dit is een belangrijke steun in de rug van de private consumptiegroei. De krappere arbeidsmarkt heeft ook een opwaarts effect op de kerninflatie. Aangezien de basiseffecten van de olieprijsdaling die in de tweede helft van 2014 is ingezet uit het inflatiecijfer beginnen te lopen, kunnen we in de laatste maanden van het jaar een herstel van de inflatie tegemoet zien (mits de olieprijs niet opnieuw daalt). Per saldo verwachten we voor dit jaar een gemiddelde inflatie van ruim 1 procent en voor volgend jaar een inflatie van 2 procent (zie figuur 3).

Figuur 2: Werkgelegenheidsgroei houdt aan
Figuur 2: Werkgelegenheidsgroei houdt aanBron: Macrobond
Figuur 3: Kerninflatie op peil
Figuur 3: Kerninflatie op peilBron: Macrobond

Fed blijft het proberen

De teleurstellende werkgelegenheidsgroei in mei zette een streep door de plannen van de Fed om in juni of juli de beleidsrente te verhogen. Ook de uitkomst van het Brexit-referendum droeg bij aan de onzekerheid voor de beleidsraad. De herstart van de banenmotor in juni en de veerkracht van de financiële markten na het Britse referendum hebben de Fed weer het vertrouwen gegeven om een renteverhoging te overwegen. Door de tegenvallende economische groei in het tweede kwartaal lijkt een rentestap tijdens de beleidsraadsvergadering van september nog te vroeg. De volgende mogelijkheid is de bijeenkomst van november. Deze vindt echter een week voor de verkiezingen plaats. In 2004 durfde de Fed het wel aan de beleidsrente te verhogen tijdens de verkiezingsperiode, maar dit was in het kader van een regelmatige verkrappingscyclus waarin de beleidsrente op elke vergadering met een kwartje werd verhoogd (zie figuur 4).

Figuur 4: Beleidsrente nog steeds dicht bij nulpunt
Figuur 4: Beleidsrente nog steeds dicht bij nulpuntBron: Macrobond

Een onderbreking had de geloofwaardigheid van de centrale bank als onafhankelijk instituut kunnen schaden. In de huidige situatie zou echter sprake zijn van de eerste renteverhoging sinds december 2015. Precies een week voor de verkiezingen zou dit vragen oproepen bij politici, waarvan een deel sowieso al twijfels heeft over het mandaat van de Fed. Voor dit jaar blijft dan de vergadering van december over als laatste kans om de rente te verhogen. Dit lijkt ons dan ook de meest waarschijnlijke uitkomst. Daarbij bestaat natuurlijk een substantieel risico dat verdere tegenvallers in economische ontwikkelingen leiden tot een uitstel van de renteverhoging tot in 2017. Het is zelfs niet geheel ondenkbaar dat de Fed in dat geval een formele pauze inlast. De twijfels in de beleidsraad over de huidige koers zijn dit jaar flink toegenomen en verschillende participanten hebben al aangegeven dat een nieuwe benadering moet worden overwogen.

Verkiezingen zorgen voor onzekerheid

Een belangrijke risicofactor –zowel in positieve als in negatieve zin– voor de Amerikaanse economie is de uitkomst van de verkiezingen in november. Hoewel de aandacht van de media vooral uitgaat naar de presidentsverkiezingen, wordt op 8 november ook het Huis van Afgevaardigden en een derde van de Senaat gekozen. Aangezien het Congres de wetten maakt en niet de president, hangt de politieke koers van de Verenigde Staten af van de combinatie van wie er in het Witte Huis komt en welke partij de meerderheid in de kamers van het parlement krijgt.

We kunnen de uitkomsten van de verkiezingen in drie categorieën indelen.[2] De eerste is ‘divided government’, waarbij geen enkele partij zowel het Witte Huis als beide kamers van het parlement in handen krijgt.[3] Dit zou een voortzetting van de huidige situatie zijn. Op dit moment heeft Amerika een Democratische president en een Republikeinse meerderheid in zowel het Huis van Afgevaardigden als de Senaat. Door de polarisatie tussen de politieke partijen is er een gebrek aan daadkracht in het overheidsbeleid. De conflicten over het begrotingsbeleid kunnen rond deadlines zo hoog oplopen dat met de sluiting van de federale overheid of zelfs het faillissement van de Amerikaanse overheid wordt gedreigd.

De tweede mogelijke uitkomst van de verkiezingen is ‘Republican control’, waarbij president Trump te maken krijgt met een Republikeins Congres. Belastingverlagingen om de economie te stimuleren zijn in dit geval een waarschijnlijk gevolg, waarbij met name het door begrotingshavik Paul Ryan geleide Huis van Afgevaardigden tegenwicht zal proberen te bieden aan plannen om de overheidsuitgaven teveel te laten oplopen. Onzeker is hoe het Amerikaanse handelsbeleid er in dit scenario zal uitzien. Met name de gematigde Republikeinse meerderheid in de Senaat zal dan in samenwerking met de gematigde Democratische minderheid proberen het protectionisme van Trump in te dammen. De onderhandelingen over handelsverdragen zijn echter de verantwoordelijkheid van de president. De Senaat kan alleen goedkeuren, afkeuren of amenderen. De wereldeconomie is echter niet gebaat bij een opleving van protectionisme. Dit kan ook negatieve gevolgen hebben voor de Amerikaanse economie.

Het derde mogelijke verkiezingsresultaat is ‘Democratic control’, waarbij president Clinton een Democratisch Congres aan haar zijde vindt. Hierbij zal zij met name door de linkervleugel van de partij worden aangespoord de overheidsuitgaven te verhogen, evenals de belastingen voor hogere inkomensgroepen. In alle scenario’s zal de nieuwe president proberen de Amerikaanse economie weer op een hoger groeipad te brengen, waarbij minder prioriteit lijkt te gaan worden gegeven aan het saneren van de overheidsfinanciën. Voor eventuele positieve gevolgen voor de economische groei zullen we echter moeten wachten tot 2018.

Voetnoten

[1] Overigens betekent dit dat de groei van de arbeidsproductiviteit achterblijft.

[2] Philip Marey, The US fiscal policy risk matrix, Rabobank Financial Markets Research Special, 26 mei 2016.

[3] Er zijn in totaal zes mogelijke combinaties die tot ‘divided government’ leiden. Voor een Republikeinse president is dit het geval als hij te maken krijgt met een Republikeins Huis van Afgevaardigden en een Democratische Senaat, een Democratisch Huis en een Republikeinse Senaat, of een Democratisch Huis en een Democratische Senaat. Analoog zijn er voor een Democratische president drie mogelijke combinaties die we tot ‘divided government’ rekenen.

Naar de overzichtspagina van het Economisch Kwartaalbericht

Colofon

Het Economisch Kwartaalbericht is een uitgave van Kennis en Economisch Onderzoek van Rabobank en kwam mede tot stand in samenwerking met Financial Markets Research. De afsluitdatum van deze publicatie is 6 september 2016.

De in deze publicatie gepresenteerde visie is mede gebaseerd op gegevens uit door ons betrouwbaar geachte bronnen, waaronder Macrobond. Deze bronnen zijn op zorgvuldige wijze in onze analyses verwerkt. De economische groeivoorspellingen zijn gegenereerd met behulp van het werelddekkende econometrische structuurmodel NiGEM.

Overname van de inhoud met bronvermelding is toegestaan. Kennis en Economisch Onderzoek aanvaardt echter geen enkele aansprakelijkheid voor het geval dat de in deze publicatie neergelegde gegevens of prognoses onjuistheden bevatten.

Gebruikte afkortingen bronnen: CBS: Centraal Bureau voor de Statistiek, OESO: Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, IMF: Internationaal Monetair Fonds, CPB: Centraal Planbureau, ECB: Europese Centrale Bank, BoE: Bank of England, BoJ: Bank of Japan, Fed: Federal Reserve.

Gebruikte afkortingen landen/regio's: VK: Verenigd Koninkrijk, VS: Verenigde Staten, JP: Japan, EZ: eurozone, AT: Oostenrijk; BE: België, DE: Duitsland, ES: Spanje, FI: Finland, FR: Frankrijk, GR: Griekenland, IE: Ierland, IT: Italië, NL: Nederland, PT: Portugal. 

Deze informatie kunt u ontvangen door een mail te sturen naar economie@rabobank.nl onder vermelding van ‘KEO Kennismail’. Hierdoor wordt u op de verzendlijst geplaatst van de gratis digitale nieuwsbrief van Kennis en Economisch Onderzoek die tenminste eens per maand uitkomt. In deze nieuwsbrief zijn links te vinden naar het Economisch Kwartaalbericht, maar ook naar alle andere publicaties van onze medewerkers.

Voor overige informatie kunt u bellen met Kennis en Economisch Onderzoek via tel. 030 - 2162666. U kunt ons ook bereiken op het volgende e-mailadres: economie@rabobank.nl

Eindredactie: Wim Boonstra

Redactie: Enrico Versteegh

Productiecoördinatie: Christel Frentz

Delen:
Auteur(s)
Philip Marey
RaboResearch Global Economics & Markets Rabobank KEO
030 71 21437

naar boven