RaboResearch - Economisch Onderzoek

This article is also available in English

China: balanceren tussen groei en hervormingen

Economisch Kwartaalbericht

Delen:
Deze publicatie is verouderd. Bekijk de recentste editie

Naar de overzichtspagina van het Economisch Kwartaalbericht

  • De groei van het bruto binnenlands product in het tweede kwartaal van 2016 was 6,7%. Wij denken dat de groei eerder rond de 4 procent schommelt
  • Publieke investeringen en consumptie houden de economie gaande, private investeringen en handel krimpen
  • De overheid balanceert tussen het op gang houden van de economie en het bewaken van sociale en financiële stabiliteit. Daarbij wordt teruggegrepen op de historisch beproefde investeringsstrategie en wordt gewaakt voor te hard snijden in overcapaciteit
  • De politieke spanning tussen China en enkele Zuidoost-Aziatische landen loopt verder op, maar we verwachten geen escalatie van het conflict op korte termijn

Vertekende groeicijfers

Figuur 1: Rabobank China Activity Indicator (CAI) duidt op lagere groei
Figuur 1: Rabobank China Activity Indicator (CAI) duidt op lagere groeiBron: Macrobond, Rabobank

De officiële groei van het bruto binnenlands product (BBP) in het tweede kwartaal van 2016 bedroeg 6,7 procent (j-o-j), net als in het eerste kwartaal. Dit is in lijn met de officiële groeidoelstelling van 6,5-7 procent uit het 13e Vijfjarenplan. Overigens hebben economen weinig vertrouwen in de officiële groeicijfers. Ook de Rabobank China Activity Indicator (CAI) duidt op een veel lagere groei van circa 4 procent (figuur 1).

Factoren achter groei weinig bemoedigend

Figuur 2: Buitenlandse handel blijft zwak
Figuur 2: Buitenlandse handel blijft zwakBron: Macrobond, Rabobank

Het onderliggende beeld is weinig bemoedigend. De netto buitenlandse handel blijft vooralsnog zwak (figuur 2). Hoewel we in mei een kortstondige opleving van de exportgroei zagen, dook het driemaandgemiddelde in juni weer in het rood. Ook de importgroei is nog steeds niet florissant, wat duidt op een zwakke toename van de particuliere consumptie. Van de doelstelling van de Chinese overheid om de economie te veranderen van een investeringsgedreven productie-economie naar een consumptiegedreven diensteneconomie is tot op heden nog maar weinig zichtbaar (zie figuur 3). Maar wellicht is het hier ook nog te vroeg voor, omdat beleid enige tijd nodig heeft om tot wasdom te komen. Tot slot zien we dat de private investeringen in het tweede kwartaal licht zijn gekrompen (figuur 4), terwijl de publieke investeringen zeer sterk zijn gegroeid.

Figuur 3: Detailhandel en particuliere consumptiegroei
Figuur 3: Detailhandel en particuliere consumptiegroeiBron: Macrobond, NiGEM, Rabobank
Figuur 4: Private Investeringen zijn in tweede kwartaal gekrompen
Figuur 4: Private Investeringen zijn in tweede kwartaal gekrompenBron: Macrobond, Rabobank

Afbouw overcapaciteit gaat moeizaam vanwege risico op sociale onrust

Om de economische groei in China op korte termijn op peil te houden, hebben beleidsbepalers nog wel enige manoeuvreerruimte. Zo kan de beleidsrente verder worden verlaagd en ook fiscaal wil de overheid de druk bij het bedrijfsleven verlagen. Op de wat langere termijn kan China een enorm groeipotentieel aanboren door de arbeidsproductiviteit te stimuleren. Hiertoe moeten echter vergaande hervormingen aan de aanbodzijde van de economie worden doorgevoerd. De Chinese overheid heeft in het dertiende Vijfjarenplan dan ook een hervormingspakket aangekondigd.[1] Dit pakket omvat onder meer het verhogen van de pensioengerechtigde leeftijd, het openstellen van private investeringsmogelijkheden in sectoren zoals de luchtvaart, telecommunicatie, gezondheidszorg en het onderwijs en het deels liberaliseren van de kapitaalmarkt.

De overheid heeft vooral moeite om grootschalige overcapaciteit aan te pakken. Voor de komende vijf jaar heeft de overheid zich als doel gesteld om de productie alleen al in de staalindustrie met 450 miljoen ton terug te schroeven. Vooralsnog loopt China ver achter bij die doelstelling. Dat China nog een lange weg te gaan heeft om de economie te hervormen, wordt geïllustreerd door het feit dat de drie best presterende sectoren (luchtvaart, gezondheidszorg en toerisme) een aandeel van slechts 3 procent hebben in de economie. De drie slechtst presenterende sectoren (onroerend goed, infrastructuur/bouw en materialen/metaal/chemie) bestrijken maar liefst 43 procent (zie Natixis).

Om de efficiëntie te bevorderen zoekt de Chinese overheid voorlopig vooral een oplossing in het fuseren van grote staatsbedrijven[2]. Zij is echter huiverig om dat gepaard te laten gaan met grootschalige ontslaggolven. Dit zou namelijk sociale onrust kunnen aanwakkeren. En de feitelijke ontwikkeling van de werkloosheid en de inkomensongelijkheid, twee indicatoren voor sociale stabiliteit, is duidelijk slechter dan het beeld dat de officiële statistieken schetsen (zie Erken, 2016). Vooral in enkele arme provincies, zoals Hebei en Yunnan, geldt een hoge reductiedoelstelling, waardoor risico’s op sociale instabiliteit toenemen (zie figuur 5).

Figuur 5: Achterstandsregio’s Hebei en Yunnan hebben een stevige reductiedoelstelling
Figuur 5: Achterstandsregio’s Hebei en Yunnan hebben een stevige reductiedoelstellingBron: Rabobank op basis van Eurasia, Macrobond en Deutsche Bank. Toelichting: veel provincies moeten hun reductiedoelstelling voor staal- en kolenproductie voor 2016 nog afkondigen. Deze provincies zijn grijs gemarkeerd in de figuur.

Zwakte in de financiële sector

De hoge overcapaciteit bij staatsbedrijven zorgt voor een lage winstgevendheid, wat zijn weerslag heeft op de stabiliteit van het financiële systeem in China. Het aandeel slechte leningen bij (staats-)banken is de afgelopen tijd toegenomen (zie figuur 6).

Figuur 6: Banken staan steeds meer onder druk
Figuur 6: Banken staan steeds meer onder drukBron: Macrobond. Toelichting: Bij de classificatie ‘risicolening’ gaat het om kredietvragers waarvan leningen nog niet als slecht worden gekenmerkt, maar die financieel wel in een lastig parket zitten waardoor ze in betalingsproblemen kunnen geraken.

Omdat veel banken ook in het schaduwcircuit actief zijn, zou ook het aandeel van slechte leningen wel eens hoger kunnen liggen dan de officiële cijfers laten zien. Zo duidt een recente schatting van BMI erop dat het aandeel van slechte leningen in het totaal wel eens 20 procent of meer zou kunnen zijn. Het afbouwen van overcapaciteit bij staatsbedrijven zal er in ieder geval voor zorgen dat een deel van de banken hun verlies op de balans moet nemen. De vraag is of die banken hiervoor voldoende voorzieningen hebben getroffen. Het niet aanpakken van overcapaciteit leidt ertoe dat banken bestaande slechte leningen aan zombie-bedrijven moeten blijven doorrollen. Hiermee wordt het probleem alleen maar vooruit geschoven. Mochten banken in problemen komen, dan verwachten wij wel dat de overheid de solvabiliteit garandeert. Ook zou de Chinese centrale bank (PBoC) ervoor kunnen kiezen de banken te herkapitaliseren door monetaire financiering.

Ook geopolitiek zijn er grote uitdagingen

Figuur 7: Territoriale claims in de South China Sea
Figuur 7: Territoriale claims in de South China SeaBron: Rabobank

China is al jarenlang verwikkeld in een geschil met onder meer Maleisië, de Filipijnen en Vietnam inzake de Zuid-Chinese zee (zie figuur 7), die grote voorraden gas en olie bevat. China heeft de afgelopen tijd in hoog tempo eilanden in beslag genomen of kunstmatige eilanden gebouwd, waarop vervolgens marinebases, vliegvelden en hangars zijn neergezet.

Op 12 juli van dit jaar heeft het Permanente Hof van Arbitrage (PCA) in Den Haag uitgesproken dat veel territoriale claims van China in de Zuid-Chinese Zee ongegrond zijn. China had al voor de uitspraak aangegeven het oordeel van het Hof niet te zullen erkennen en heeft recentelijk de activiteiten in het gebied verhoogd.[3] Hoewel we geen escalatie van het conflict verwachten, lopen de spanningen op dit moment hoog op in een regio die zeer belangrijk is voor de Aziatische handel en groei.

Voetnoten

[1] Zie Eurasia, China Reform Forecast, juli 2016.

[2] Toezichthouder SASAC heeft in juli diverse fusies van staatsbedrijven goedgekeurd. China International Travel Service Group fuseert met China National Travel Services (HK) Group en graanproducent COFCO fuseert met textiel- en graanhandelaar Chinatex. De verwachting is dat SASAC binnen afzienbare tijd ook de fusie van enkele grote publieke staalproducenten zal aankondigen.

[3] China heeft recent een aantal militaire routinevluchten uitgevoerd boven de Spratly-eilanden en Scarborough Shoal, waarover territoriale meningsverschillen bestaan. Vietnam heeft hier in augustus op gereageerd door het plaatsen van een recent aangekocht raketsysteem op de Spratlys.

Naar de overzichtspagina van het Economisch Kwartaalbericht

Colofon

Het Economisch Kwartaalbericht is een uitgave van Kennis en Economisch Onderzoek van Rabobank en kwam mede tot stand in samenwerking met Financial Markets Research. De afsluitdatum van deze publicatie is 6 september 2016.

De in deze publicatie gepresenteerde visie is mede gebaseerd op gegevens uit door ons betrouwbaar geachte bronnen, waaronder Macrobond. Deze bronnen zijn op zorgvuldige wijze in onze analyses verwerkt. De economische groeivoorspellingen zijn gegenereerd met behulp van het werelddekkende econometrische structuurmodel NiGEM.

Overname van de inhoud met bronvermelding is toegestaan. Kennis en Economisch Onderzoek aanvaardt echter geen enkele aansprakelijkheid voor het geval dat de in deze publicatie neergelegde gegevens of prognoses onjuistheden bevatten.

Gebruikte afkortingen bronnen: CBS: Centraal Bureau voor de Statistiek, OESO: Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, IMF: Internationaal Monetair Fonds, CPB: Centraal Planbureau, ECB: Europese Centrale Bank, BoE: Bank of England, BoJ: Bank of Japan, Fed: Federal Reserve.

Gebruikte afkortingen landen/regio's: VK: Verenigd Koninkrijk, VS: Verenigde Staten, JP: Japan, EZ: eurozone, AT: Oostenrijk; BE: België, DE: Duitsland, ES: Spanje, FI: Finland, FR: Frankrijk, GR: Griekenland, IE: Ierland, IT: Italië, NL: Nederland, PT: Portugal. 

Deze informatie kunt u ontvangen door een mail te sturen naar economie@rabobank.nl onder vermelding van ‘KEO Kennismail’. Hierdoor wordt u op de verzendlijst geplaatst van de gratis digitale nieuwsbrief van Kennis en Economisch Onderzoek die tenminste eens per maand uitkomt. In deze nieuwsbrief zijn links te vinden naar het Economisch Kwartaalbericht, maar ook naar alle andere publicaties van onze medewerkers.

Voor overige informatie kunt u bellen met Kennis en Economisch Onderzoek via tel. 030 - 2162666. U kunt ons ook bereiken op het volgende e-mailadres: economie@rabobank.nl

Eindredactie: Wim Boonstra

Redactie: Enrico Versteegh

Productiecoördinatie: Christel Frentz

Delen:
Auteur(s)
Hugo Erken
RaboResearch Global Economics & Markets Rabobank KEO
030 21 52308

naar boven