RaboResearch - Economisch Onderzoek

Selfies uit Parijs

Column

Delen:

Door het Britse voornemen de Europese Unie (EU) de bons te geven, en de in de media breed uitgemeten migratieproblemen, zou je haast vergeten dat de Europese samenwerking ook veel waardevols oplevert. Een tastbaar voorbeeld is de liberalisering van de nationale telefonie-markten, die voor fikse prijsdalingen voor mobiel bellen, sms’en en internetten heeft gezorgd.

Zo becijferde het  Centraal Bureau voor de Statistiek dat de consumentenprijzen voor mobiele telefoniediensten sinds 2010 met ruim een vijfde zijn gedaald. Wie elke zomer vanaf de camping in Italië met het thuisfront belde of vrienden via Facebook op de hoogte hield van zijn stedentrip in Parijs, zag zijn telefoonrekening in dezelfde tijd nog sneller omlaag duiken door Europese regels.

Ruim twintig jaar geleden hadden de meeste landen in ons deel van de wereld namelijk maar één telefoonbedrijf, dikwijls in handen van de staat. Denk aan het monopolie van de PTT in Nederland en dat van de RTT in België. Wie wilde bellen, had dus weinig te kiezen. Dat gebrek aan concurrentie verhinderde lagere prijzen voor consumenten. Bovendien zijn monopolies doorgaans niet goed voor innovatie (Murphy, Shleifer en Vishny, 1993).

Eind jaren tachtig kwam de Europese Commissie, die binnen de EU verantwoordelijk is voor het indienen van wetsvoorstellen, daarom met een plan om de nationale telefoonmarkten open te breken en technische standaarden Europa-wijd te harmoniseren. Eén zo'n standaard was het toen nog jonge GSM voor mobiele telefonie.

Door die Europese plannen zijn de nationale monopolies in de jaren negentig één voor één losgeweekt van de overheid en verloren ze hun alleenrecht op de telecommarkt. Zo veranderde RTT in Belgacom (later Proximus), heet PTT nu KPN en ontsproten er talloze nieuwe aanbieders van mobiele telefonie in Europa. Denk aan Vodafone, Tele2 en T-Mobile, zelf een afstammeling van de voormalige Deutsche Bundespost.

De concurrentiestrijd die volgde -en die gezien alle spotjes op de tv en radio nog niet voorbij is- bleek niet alleen een enorme meevaller voor de telefoonrekening, maar heeft de technologische ontwikkeling in de sector ook in een stroomversnelling geduwd: telefoonmaatschappijen buitelen over elkaar heen om klanten te lokken met steeds meer en steeds sneller mobiel internet.

In Europees verband zijn daarnaast belangrijke ondersteunende maatregelen ingevoerd om de concurrentie op de telefoniemarkt in goede banen te leiden. Zoals de mogelijkheid om bij het overstappen van telefoonprovider je bestaande nummer mee te nemen en het aan banden leggen van roamingkosten, de prijs van mobiel bellen, sms’en en internetten in het buitenland. Want wie nog maar enkele jaren geleden de grens met België of Duitsland passeerde, zette meestal direct het mobiel internet op zijn telefoon uit, om torenhoge telefoonrekeningen bij terugkomst te voorkomen.

Onder leiding van de toenmalige Luxemburgse eurocommissaris voor Informatie en Media Viviane Reding zijn binnen de EU daarom in de zomer van 2007 maximumprijzen voor roaming ingevoerd. Die worden sindsdien elk jaar stapsgewijs verlaagd. Zo zakte de maximumprijs voor een minuut bellen in een ander land binnen de Europese Unie van 55 eurocent in 2008 naar 19 cent aan het begin van 2016. Vanaf komende zomer moeten de extra kosten die Europeanen betalen voor bellen, sms’en en mobiel internetten van en naar andere EU-lidstaten bovendien helemaal zijn verdwenen.

Literatuur

Murphy, K.M., Shleifer, A., Vishny, R.W. (1993). Why is rent-seeking so costly to growth?

CBS (2016). Consumentenprijzen; prijsindex 2015=100.

Overheid.nl (2016). Besluit nummerportabiliteit.

Delen:
Auteur(s)

naar boven