RaboResearch - Economisch Onderzoek

Verbetering financiën Nederlandse huishoudens en overheid in 2015

Economisch commentaar

Delen:
  • Begrotingstekort overheid in 2015 verder omlaag
  • Bruto staatsschuld daalde voor het eerst in tien jaar
  • Huishoudens geven meer uit maar blijven voorzichtig
  • Spaaroverschot huishoudens neemt af door lagere pensioenopbouw en hogere investeringen
  • Netto vermogen huishoudens stijgt voor tweede jaar op rij fors

De eerste complete cijfers voor de Nederlandse overheidsfinanciën en macro-economische kengetallen voor de Nederlandse huishoudens over 2015 schetsen een positieve ontwikkeling. Het begrotingstekort van de overheid en de staatsschuld namen af. Huishoudens gaven meer uit maar bleven nog wel voorzichtig. Het netto vermogen van alle huishoudens samen nam voor het tweede jaar op rij fors toe.

Begrotingstekort en staatsschuld omlaag

Het begrotingstekort van de overheid was vorig jaar bijna 3,5 miljard euro lager dan in 2014 en kwam uit op ruim 12 miljard euro of 1,8% van het BBP (figuur 1). Dat is comfortabel verwijderd van de 3%-grens waarboven een land in het Europese strafbankje terecht komt. Maar zoals wij eerder hebben beschreven, is daarmee nog niet voldaan aan alle Europese begrotingsregels. Zoals het CPB onlangs nog voorrekende, was het zogenoemde structurele begrotingstekort vorig jaar te hoog, zal dit in 2016 nog hoger zijn en verbetert het in 2017 niet snel genoeg.

Een belangrijke reden voor het stijgen van het structurele begrotingstekort is de zeer forse daling van de gasbaten (figuur 2). Door de verdere verlaging van het productieplafond in 2016 en een verdere daling van de gasprijs in de afgelopen maanden zullen de overheidsinkomsten uit de gasproductie dit jaar nog verder dalen.

De bruto staatsschuld is in 2015 voor het eerst in tien jaar zowel als percentage van het BBP als in absoluut niveau gedaald. De daling van de schuldratio van 68,2%-BBP in 2014 naar 65,1% in 2015 komt voor de helft door de groei van het BBP en voor de helft door die daling van het absolute niveau van de schuld. De verkoop van een deel van de aandelen van ABN AMRO, nagekomen inkomsten uit de verkoop van NUON aan Vattenfall, beëindigde renteswaps met een positieve waarde en aan de Nederlandse overheid terugbetaalde leningen kunnen de daling van de schuld met 10 miljard euro volgens het CBS verklaren. Door een verdere groei van de economie neemt de schuldratio de komende jaren naar verwachting verder af (figuur 1).

Figuur 1: Begrotingstekort overheid en staatsschuld dalen
Figuur 1: Begrotingstekort overheid en staatsschuld dalenBron: CBS, Rabobank
Figuur 2: Gasbaten fors omlaag
Figuur 2: Gasbaten fors omlaagBron: CBS

Huishoudens blijven in de spaarstand en hun vermogen neemt toe

Het consumptievolume van huishoudens nam vorig jaar voor vrijwel alle soorten uitgaven toe (figuur 3). Toch houden de Nederlandse huishoudens zich nog in. Door een verdere stijging van de individuele besparingen was de volumegroei van de bestedingen met 1,5% een stuk lager dan de 2,2% stijging van het reëel beschikbare inkomen van huishoudens (figuur 4). Daarmee is de rem van de besparingen wel iets kleiner dan in 2014, toen een de inkomensstijging nog helemaal niet terug te zien was in een hoger consumptievolume. Ook voor dit en volgend jaar verwachten wij dat de groei van de consumptieve bestedingen niet hoger zal zijn dan de toename van het beschikbare inkomen (figuur 4).

Figuur 3: Groei particuliere consumptie breed gedragen
Figuur 3: Groei particuliere consumptie breed gedragenBron: CBS
Figuur 4: Consumptie groeit trager dan inkomen
Figuur 4: Consumptie groeit trager dan inkomenBron: CBS, Rabobank

Overigens waren huishoudens op andere vlakken wat minder voorzichtig in 2015. De totale besparingen van huishoudens, waar naast de individuele besparingen ook de pensioenbesparingen in zitten, namen vorig jaar wel af (figuur 5). Een versobering van de fiscale ondersteuning heeft voor een lagere pensioenopbouw gezorgd. Als dan ook nog in ogenschouw wordt genomen dat het herstel op de woningmarkt voor hogere investeringen door huishoudens in woningen heeft gezorgd, dan hielden huishoudens als groep per saldo in 2015 een aanmerkelijk minder groot deel van het inkomen over voor de opbouw van financieel vermogen of de afbouw van schulden (figuur 5, vorderingensaldo).

De jaarlijkse besparingen slaan neer in steeds groter wordende spaar- en pensioenpotten (figuur 6). Door het herstel op de woningmarkt stegen de schulden van huishoudens na twee jaar van daling in 2015 echter ook weer. Tegelijkertijd neemt door de stijging van de huizenprijzen de waarde van de woningvoorraad[1] sinds 2014 ook weer toe (figuur 6, niet-financiële activa). Per saldo is zowel het financiële netto vermogen van de Nederlandse huishoudens als groep als hun totale netto vermogen in de afgelopen twee jaren fors toegenomen.

Figuur 5: Spaaroverschot huishoudens omlaag
Figuur 5: Spaaroverschot huishoudens omlaagBron: CBS
Figuur 6: Netto vermogen huishoudens neemt verder toe
Figuur 6: Netto vermogen huishoudens neemt verder toeBron: CBS, Rabobank

Voetnoot
[1] De niet-financiële activa van huishoudens zijn bij het CBS voor 2015 nog niet beschikbaar. De in figuur 6 weergegeven waarde is bepaald door het niet-financiële vermogen van 2014 te verhogen met de jaargroei van de Prijsindex Bestaande Koopwoningen in 2015 plus 1%-punt, in lijn met de historische relatie tussen beide. 

Delen:
Auteur(s)

naar boven