RaboResearch - Economisch Onderzoek

China: kopzorgen over kapitaalvlucht

Economisch Kwartaalbericht

Delen:
Deze publicatie is verouderd. Bekijk de recentste editie

Naar de overzichtspagina van het Economisch Kwartaalbericht

  • China is het jaar begonnen met flinke turbulentie op de financiële markten
  • Hoewel de situatie lijkt te zijn gestabiliseerd, blijft de omvangrijke kapitaaluitstroom een punt van zorg
  • Als de reserves in het huidige tempo blijven afnemen, zijn aanvullen­de maatregelen –devaluatie en /of aanscherping kapitaalcontroles– noodzakelijk
  • Ondanks de kapitaalvlucht blijft de Chinese internationale investerings­positie gunstig
  • De sterk opgelopen binnenlandse schuldenlast kan het groeipoten­tieel op termijn in gevaar brengen

Dit jaar begint met veel onrust op de financiële markten

Het jaar is begonnen met een hoop turbulentie op de Chinese financiële markten. Net als midden 2015 ontstond er weer een sterke neerwaartse druk op zowel de wisselkoers als de beurskoersen. Zigzagbeleid en slechte communicatie van de overheid zorgden aanvankelijk alleen maar voor meer onrust. Inmiddels heeft een zekere stabilisatie plaatsgevonden, na forse overheidsingrepen.

Figure 1: Beurstumult
Figure 1: BeurstumultBron: Macrobond
Figuur 2: Munt en reserves staan onder druk
Figuur 2: Munt en reserves staan onder drukBron: Macrobond

Grootschalige valuta-interventies hebben geleid tot een forse daling van de buitenlandse reserves, inmiddels van USD 3,99 biljoen in juni 2014 tot USD 3,21 biljoen in januari 2016. Vooral de afgelopen maanden was de daling fors, zie onze recente analyse over de (zin en onzin betreffende de) Chinese kapitaalvlucht.

Uit onze analyse blijkt dat een deel van de daling van de reserves voortvloeit uit het duurder worden van de Amerikaanse dollar. Reserves worden in dollars gewaardeerd, maar bestaan deels uit andere valuta en die delen dalen in (dollar-)waarde als de dollar apprecieert. Deze factor speelde met name in de eerste helft van 2015. De verdere daling sindsdien kan voor een substantieel deel worden verklaard doordat Chinese partijen de buitenlandse schuld terugbrachten (figuur 3). Dit betekent dat tegenover de daling van de buitenlandse reserves ook een daling van buitenlandse verplichtingen staat.

Een aanzienlijk deel van de daling lijkt echter ook het gevolg te zijn van meer clandestiene kapitaalvlucht. China heeft namelijk een behoorlijke post onverklaarde kapitaaluitstroom op de betalingsbalans (‘fouten en omissie’, zie figuur 4) en dat is een indicatie voor kapitaalvlucht. Cijfers voor het laatste kwartaal van 2015 en begin 2016 zijn nog niet beschikbaar, maar het is goed mogelijk dat de kapitaalvlucht toen verder is toegenomen.

Figuur 3: Daling buitenlandse reserves vergezeld van daling buitenlandse schuld
Figuur 3: Daling buitenlandse reserves vergezeld van daling buitenlandse schuldBron: Macrobond
Figuur 4: Toename onverklaarde uitstroom suggereert daarnaast ook kapitaalvlucht
Figuur 4: Toename onverklaarde uitstroom suggereert daarnaast ook kapitaalvluchtBron: Macrobond

De overheid houdt bewegingsruimte. De nog altijd sterke Chinese internationale investeringspositie beperkt de externe risico’s; de Chinese buitenlandse bezittingen overtreffen de verplichtingen ruimschoots (figuur 5). Ook zijn de bezittingen dankzij de nog altijd omvangrijke buitenlandse reserves zeer liquide, terwijl de verplichtingen voor een groot deel uit directe buitenlandse investeringen (Foreign Direct Investment of FDI) bestaan (waarop neerwaartse risico’s grotendeels bij de buitenlandse investeerders neerslaan) en de buitenlandse schulden zoals benoemd recent afnamen.

Wanneer Chinese bedrijven en huishoudens hun lokale valuta massaal om blijven wisselen in vreemde valuta, zetten zij de overheid niettemin voor het blok. Zij zal dan kapitaalcontroles verder moeten aanscherpen en/of meer depreciatie moeten toestaan, wat beide gepaard gaat met risico’s en onzekerheden. Dankzij de uitgebreide regulering en infrastructuur op het gebied van kapitaalcontroles zal het aanscherpen van controles waarschijnlijk wel effect sorteren. Dit is echter geen compleet uitgemaakte zaak, mede vanwege de toenemende integratie van China in de wereldeconomie. Daarbij is er een kans dat aanscherping het vertrouwen van Chinese investeerders en consumenten aantast. Een forse depreciatie kan daarentegen de Chinese transitie naar een meer door consumptie gedreven economisch model dwarsbomen, aangezien depreciatie exporteren stimuleert en (geïmporteerd) consumeren duurder maakt. Ook kan een snelle depreciatie van de yuan destabiliserend zijn voor de wereldeconomie.

Impact reële economie beperkt, maar uitdagingen blijven groot

De onrust op de markten heeft tot dusver weinig impact gehad op de reële economie. In China zijn economie en beurs twee grotendeels gescheiden werelden. Huishoudens beleggen maar een klein deel van hun vermogen op de beurs en voor bedrijfsfinanciering speelt de beurs (helaas, gezien de hoge schulden van sommige bedrijven) een zeer beperkte rol.

Veel belangrijker dan de effectenbeurs is de woningmarkt. Deze herstelde wat in 2015, na een afkoeling in 2014. In de meest ontwikkelde gebieden (Beijing, Shanghai en Shenzhen) lopen de prijzen sterk op. In minder belangrijke steden blijft de voorraad onverkochte huizen echter hoog. Mede hierdoor blijft de vastgoedmarkt voor risico’s zorgen.

Figuur 5: Daling buitenlandse reserves vergezeld van daling buitenlandse schuld
 Figuur 5: Daling buitenlandse reserves vergezeld van daling buitenlandse schuldBron: Macrobond
Figuur 6: Groei kredieten en nominale BBP
Figuur 6: Groei kredieten en nominale BBPBron: Macrobond

De officiële BBP-cijfers geven aan dat de groei daalde van 7,3% in 2014 tot 6,9% in 2015. Maar dit is een te rooskleurig beeld. De daadwerkelijke groei lag hoogstwaarschijnlijk een paar procentpunten lager. De terugval van de groei lijkt vooral in het eerste kwartaal van 2015 te hebben plaatsgevonden (toen er ironisch genoeg nog sprake was van een rally op de Chinese beurs). Deze terugval vond plaats in de industriële sector en de bouw, terwijl de dienstensector zich nog steeds gunstig lijkt te ontwikkelen.

De economische uitdagingen blijven echter zeer groot voor China. De kredietgroei is nog altijd veel hoger dan de groei van het nominale BBP (figuur 6), wat betekent dat de schuldratio verder oploopt. Het risico is groot dat hierdoor nog meer slechte/onrendabele investeringen worden gedaan, wat het groeipotentieel van de economie op de langere termijn aantast. De afhankelijkheid van China van hoge kredietgroei en investeringen hangt samen met het feit dat de spaarquote van huishoudens nog altijd erg hoog is (bijna 40% in 2013). Deze hoge quote impliceert dat men een hoog investeringsniveau (of een toename van de netto uitvoer) voorlopig nodig acht om de groei te ondersteunen.

We verwachten dat de Chinese economische groei ook in 2016 relatief laag zal blijven, waarbij de onzekerheden door de onrust op de financiële markten en de beleidsreactie van de overheid wel zijn toegenomen. Recente handelsdata suggereren een trage start van 2016, al speelt hier traditioneel het Chinese nieuwjaar als stoorzender mee. De over de afgelopen maanden weer oplopende kredietgroei zal de BBP-groei slechts in beperkte mate een stimulans geven.

Naar de overzichtspagina van het Economisch Kwartaalbericht

Colofon

Het Economisch Kwartaalbericht is een uitgave van Kennis en Economisch Onderzoek van Rabobank en kwam mede tot stand in samenwerking met Financial Markets Research.

De in deze publicatie gepresenteerde visie is mede gebaseerd op gegevens uit door ons betrouwbaar geachte bronnen, waaronder Macrobond. Deze bronnen zijn op zorgvuldige wijze in onze analyses verwerkt. De economische groeivoorspellingen zijn gegenereerd met behulp van het werelddekkende econometrische structuurmodel NiGEM.

Overname van de inhoud met bronvermelding is toegestaan. Kennis en Economisch Onderzoek aanvaardt echter geen enkele aansprakelijkheid voor het geval dat de in deze publicatie neergelegde gegevens of prognoses onjuistheden bevatten.

Gebruikte afkortingen bronnen: CBS: Centraal Bureau voor de Statistiek, ONS: Office of National Statistics, OECD: Organisation for Economic Co-operation and Development, IMF: Internationaal Monetair Fonds, CPB: Centraal Planbureau

Gebruikte afkortingen landen: VK: Verenigd Koninkrijk, VS: Verenigde Staten, EZ: Eurozone, IE: Ierland, AT: Oostenrijk, BE: België, DE: Duitsland, NL: Nederland, FI: Finland, PT: Portugal, ES: Spanje, IT: Italië, FR: Frankrijk, GR: Griekenland. 

Deze informatie kunt u ontvangen door een mail te sturen naar economie@rabobank.nl onder vermelding van ‘KEO Kennismail’. Hierdoor wordt u op de verzendlijst geplaatst van de gratis digitale nieuwsbrief van Kennis en Economisch Onderzoek die tenminste eens per maand uitkomt. In deze nieuwsbrief zijn links te vinden naar het Economisch Kwartaalbericht, maar ook naar alle andere publicaties van onze medewerkers.

Voor overige informatie kunt u bellen met Kennis en Economisch Onderzoek via tel. 030 - 2162666. U kunt ons ook bereiken op het volgende e-mailadres: economie@rabobank.nl

Eindredactie: 
Allard Bruinshoofd, hoofd Internationaal Onderzoek
Tim Legierse, hoofd Nationaal Onderzoek

Redactie: Enrico Versteegh

Productiecoördinatie: Christel Frentz

Graphics: Reinier Meijer

Delen:
Auteur(s)
Hugo Erken
RaboResearch Global Economics & Markets Rabobank KEO
06 2223 1650
Herwin Loman
Rabobank KEO
030 21 62666

naar boven