RaboResearch - Economisch Onderzoek

Nederlandse economie groeit in tweede kwartaal twee keer zo hard als gemiddelde in eurozone

Economisch commentaar

Delen:
  • Nederlandse economie groeide in volumetermen met 0,6% ten opzichte van het eerste kwartaal
  • De groei was wederom breed gedragen, de private investeringen droegen het meest bij
  • Werkgelegenheid in termen van werkzame personen trekt in tweede kwartaal flink aan, de werkloosheid daalt
  • De eurozone groeide met 0,3% in 2016K2, deze groei werd vooral gedragen door buitenlandse handel

Volgens de eerste, voorlopige, raming van het CBS is de omvang van de Nederlandse economie in het tweede kwartaal van 2016 met 0,6% in volume toegenomen ten opzichte van het kwartaal ervoor. Net als in het eerste kwartaal was er sprake van een breed gedragen groei: de particuliere consumptie, de overheidsbestedingen en de private investeringen droegen bij aan de groei (figuur 1). De uitvoer ontwikkelde zich vlak, waardoor de externe sector ditmaal weinig aan de groei bijdroeg. De Nederlandse economie groeide hiermee harder dan het eurozone gemiddelde, waar de economie met 0,3% toenam. Verder is het Nederlandse kwartaalcijfer van de groei in het eerste kwartaal opwaarts bijgesteld, van 0,5% naar 0,6%. Overigens zijn de effecten van de Brexit-uitkomst nog niet te zien in deze kwartaalcijfers aangezien deze plaats vond aan het einde van het tweede kwartaal. 

Figuur 1: Binnenland draagt NL BBP-groei in 2016K2
Figuur 1: Binnenland draagt NL BBP-groei in 2016K2Bron: CBS
Figuur 2: Licht negatieve bijdrage industrie in 2016K2
Figuur 2: Licht negatieve bijdrage industrie in 2016K2Bron: CBS 

Nederlandse groei blijft vooralsnog breed gedragen

Hoewel de Nederlandse groei breed gedragen is, valt onderliggend wel op dat de groei van de consumptie van huishoudens zich verhoudingsgewijs nog tamelijk zwak ontwikkelt. Dit is opvallend omdat het huidige consumptieklimaat gunstig is: de reëel beschikbare huishoudinkomens nemen toe, mede dankzij een lastenverlichtingspakket van vijf miljard euro, en de werkgelegenheid trekt fors aan. Dit zou erop kunnen wijzen dat de consumptiegroei naderhand alsnog opwaarts moet worden bijgesteld, of dat de gezinsbesparingen hoger liggen dan eerder gedacht. Naast de particuliere consumptie namen ook de private investeringen verder toe, en dan vooral de woninginvesteringen, in lijn met het verder aantrekken van de woningmarkt. De krachtige binnenlandse bestedingen illustreren dat de Nederlandse economie steeds weerbaarder wordt tegenover buitenlandse onzekerheden. Vanuit de productiekant werd de groei vooral gedreven door de commerciële diensten en de bouw. Het volume van de industriële productie, en dan vooral de delfstoffenwinning, kromp daarentegen het hardst (figuur 2). Deze nam met 2,6% af ten opzichte van het eerste kwartaal, en dit kwam vooral door een fors lagere gasproductie in de maand mei. De toename in de bouwnijverheid komt voornamelijk voort uit een stijging van de woningbouw. 

Werkgelegenheid trekt verder aan

In het tweede kwartaal nam het aantal werkzame personen met 36.000 fors toe ten opzichte van het kwartaal ervoor. Deze toename was vooral zichtbaar in de zakelijke dienstverlening en de handel, vervoer en horeca (figuur 3). Dit strookt met de maanddata van de Enquête beroepsbevolking, die al aangaven dat de werkloosheidsdaling werd veroorzaakt door een werkgelegenheidsstijging, en daardoor daalde van 6,4% in april naar 6,1% in juni. Het doorzetten van de economische groei en de verwachte toename van het aantal vacatures maakt een verdere daling van de werkloosheid via een aantrekkende werkgelegenheid waarschijnlijk. 

Figuur 3: Forse stijging werkzame personen
Figuur 3: Forse stijging werkzame personenBron: CBS 

Groei in eurozone blijft op peil

De economie van het eurogebied groeide in reële termen met 0,3% in het tweede kwartaal ten opzichte van het kwartaal ervoor (figuur 4). Hiermee groeit de economie gestaag door na een uitzonderlijk positief eerste kwartaal. Het groeitempo houdt niet over, maar ondanks alle neerwaartse risico’s en gebeurtenissen blijft deze wel op peil, wat de veerkracht van de economie toont. De Duitse economie presteerde met 0,4% boven verwachting goed terwijl Italië teleurstellend stagneerde (0,0%). We wisten al dat de Franse economie eveneens tot stilstand was gekomen en dat Spanje wederom goed presteerde met een groei van 0,7%. Onderliggend zijn er nog geen cijfers over de bestedingscomponenten beschikbaar voor het eurogebied. Voor de landen waar die er wel zijn zien we een gemengd beeld. In Duitsland lijkt de groei vooral gedreven door sterk groeiende uitvoer en deels door consumptie terwijl in zowel Duitsland als Frankrijk de bedrijfsinvesteringen afnamen. Ook in Italië kan de per saldo vlakke groei worden verklaard door enerzijds een positieve netto groeibijdrage van de buitenlandse handel, terwijl de binnenlandse vraag terugliep. Binnenlandse onzekerheid lijkt dus te domineren in deze drie landen. De Spaanse economie draait waarschijnlijk vooralsnog net als voorheen op consumptiegroei. 

Figuur 4: Eurozone blijft gestaag groeien
Figuur 4: Eurozone blijft gestaag groeienBron: Eurostat
Figuur 5: Indicatoren wijzen op verdere groei in K3
Figuur 5: Indicatoren wijzen op verdere groei in K3Bron: Eurostat, Markit

Vooruitkijkend zien we dat de voorspellende Purchasing Managers’ Index (PMI) voor de eurozone in juli op peil bleef (figuur 5). Dit geeft aan dat de initiële impact van de uitkomst van het Brexit-referendum vooralsnog  beperkt is. Ook het feit dat de uitvoer van het eurogebied het goed lijkt te hebben gedaan in het tweede kwartaal wijst op een gemiddeld goede concurrentiepositie, al verschilt de situatie van land tot land. We verwachten dan ook dat de gemiddelde kwartaalgroei in de rest van het jaar aanhoudt op zo’n 0,3% en daarmee uitkomt op ongeveer 1½% op jaarbasis. Een eventuele verdere divergentie tussen de noordelijke en zuidelijke lidstaten baart wel zorgen voor de groei op de langere termijn.

Delen:
Auteur(s)
Björn Giesbergen
RaboResearch Global Economics & Markets Rabobank KEO
030 21 62562
Daniël van Schoot
RaboResearch Nederland Rabobank KEO
030 21 62666

naar boven