RaboResearch - Economisch Onderzoek

Strengere kapitaaleisen: verschillen in aanpassing hangen samen met impact op kredietverlening

Economisch commentaar

Delen:

Deze publicatie is geschreven door Kirsten van Nimwegen tijdens haar tijd bij Kennis en Economisch Onderzoek van Rabobank.

  • Banken hebben zich op verschillende wijzen aangepast aan de strengere kapitaaleisen van Basel III en dit hangt samen met de ontwikkeling van de bancaire kredietverlening
  • Bij banken die de kapitaalratio tussen 2008 en 2014 verbeterden door extra kapitaal te verwerven, zien we een positieve samenhang met de kredietverlening
  • Bij banken die dit via balansverkorting bereikten, zien we een negatieve samenhang met de kredietverlening
  • Banken in de eurozone maakten relatief sterk gebruik van balansverkorting en de-risking van de balans

Sinds 1 januari 2015 moeten banken voldoen aan aangescherpte minimale kapitaalratio’s, zoals vastgesteld onder Basel III (Smolders, 2011). Per 2019 moet tevens aan additionele kapitaalbuffers, een niet-risicogewogen hefboomratio van tenminste 3% en aangescherpte liquiditeitseisen worden voldaan. Wij analyseren de aanpassingswijzen van 76 grote banken in de eurozone (52) en de VS (24) aan de nieuwe kapitaaleisen in de periode 2008–2014, dus in de aanloop naar en gedurende de in-fasering van de nieuwe kapitaaleisen (zie Van Nimwegen en Bruinshoofd, 2016).

Waar staan banken en hoe kwamen ze tot hier?

Banken kunnen de risicogewogen kapitaalratio’s op ruwweg drie manieren verhogen. Zij kunnen de hoeveelheid kapitaal verhogen (door aandelenemissies en/of winstinhoudingen); zij kunnen de balanssamenstelling aanpassen zodat er minder risicovolle, kapitaalintensieve uitzettingen op staan (de-risking)[1] en/of de bankbalans verkorten (bedrijfsonderdelen verkopen en/of kredieten rantsoeneren).

Banken in zowel de eurozone als de VS hebben de kapitaalratio’s beduidend verhoogd. Zodoende voldeden zij ultimo 2014 (gemiddeld genomen) ruimschoots aan de minimumeisen zoals die vanaf januari 2015 gelden, inclusief aanvullende buffers die tot 2019 stapsgewijs van toepassing worden. De wijze van aanpassing verschilt echter aanzienlijk (figuren 1 en 2). In de eurozone is aan alle knoppen gedraaid: er zijn extra middelen toegevoegd aan de kapitaalbuffers (+1,8 procentpunt bijdrage aan de kapitaalratio), de balanssamenstelling is bijgesteld naar lagere gemiddelde risico’s (+0,9 procentpunt) en balansen zijn verkort (+1,1 procentpunt). 

In de VS zijn daarentegen meer middelen aan de kapitaalbuffers toegevoegd  (+3,0 procentpunt) en droeg de balanssamenstelling per saldo niet bij (-0,1 procentpunt). Zo konden Amerikaanse banken de kapitaalratio zien toenemen, terwijl de bankbalansen tegelijkertijd groeiden (-2,1 procentpunt bijdrage aan de kapitaalratio). Merk op dat Amerikaanse banken eind 2008 al hogere kapitaalratio’s kenden dan Europese banken. Hier moet goed worden gerealiseerd dat beide regio’s verschillende boekhoudstandaarden hanteren (US local GAAP versus IFRS), wat leidt tot artificiële verschillen in balansgrootheden.

De sterke kapitalisatie bij groeiende bankbalansen was in de VS mogelijk doordat de overheid de banken al in een vroeg stadium onderwierp aan stresstests en gedwongen herkapitalisatie, het budgettaire beleid steviger inzette om het economische herstel te ondersteunen, en de centrale bank al vroeg en grootschalig monetaire ondersteuning verleende. Dergelijke maatregelen waren en zijn in de eurozone maar moeizaam en mondjesmaat mogelijk. Niet alleen kent de eurozone allerlei politieke barrières, vanwege de landsgrensoverschrijdende dimensie en zeer beperkte politieke unie, maar ook kreeg de muntunie nog een eurocrisis te verwerken, met aanzienlijke en langdurige vraaguitval.

Figuur 1: Aanpassingswijze totale kapitaalratio in de eurozone
Figuur 1: Aanpassingswijze totale kapitaalratio in de eurozoneBron: Bankscope, Rabobank
Figuur 2: Aanpassingswijze totale kapitaalratio in de VS
Figuur 2: Aanpassingswijze totale kapitaalratio in de VSBron: Bankscope, Rabobank

Regressieresultaten geven aan dat aanpassing via het aantrekken van kapitaal positief is gerelateerd aan bancaire kredietverlening: een 1%-punt verhoging van de kapitaalratio door het aantrekken van kapitaal gaat samen met een 2,3% toename van de kredietverlening (Van Nimwegen en Bruinshoofd, 2016). Aanpassen door balansverkorting blijkt daarentegen negatief gerelateerd aan de krediet­verlening: verlaging van de kapitaalratio met 1%-punt door balansreductie hangt samen met een 5,8% daling van de kredietverlening. Aanpassingen van de risicosamenstelling van de bankbalans heeft geen statistisch significant verband met de kredietverstrekking door de bank.

Banken die er goed voor staan en kapitaal kunnen aantrekken en/of toevoegen aan hun reserves, blijken ook beter in staat om leningen te verstrekken aan huishoudens en bedrijven. Banken die daarentegen aanpassingsstrategieën volgen die tevens balansverkorting omvatten, doen dat mede door in hun leningenportefeuille te snijden.

Niet-bancaire kredietverlening geen drukventiel

Het wegvallen van bancaire kredietverlening kan in principe worden opgevangen door extra niet-bancaire kredietverlening. De omvang van dergelijke alternatieve financieringsbronnen is in de eurozone echter onderontwikkeld ten opzichte van de VS. Dit maakt de eurozone afhankelijker van bancair krediet en daarmee kwetsbaarder voor de aanpassingswijze van banken aan strengere kapitaaleisen. Dit pleit voor een snelle vorming van een Europese kapitaalmarktunie die niet-bancaire kredietverlening bevordert (Loman, 2016).

Voetnoot

[1] Wij observeren enkel het totale volume van risicogewo­gen activa, en drukken dat uit als percentage van de totale activa. De beschikbare data staan geen nadere verdieping toe op specifiek het effect van verlaging van individu­ele risicogewichten. 

Referenties

Loman, H. (2016), Europese Kapitaalmarktunie: kleine stapjes in de richting van een nog nader in te vullen einddoel, Rabobank Special, 16 februari.

Nimwegen, K. van en A. Bruinshoofd (2016), Aanpassing banken aan Basel III en impact op kredietverlening, Rabobank Themabericht, 4 april.

Smolders, N. (2011), Basel III: Stevig maar realistisch, Rabobank Themabericht 2011-01, januari.

Delen:
Auteur(s)

naar boven