RaboResearch - Economisch Onderzoek

This article is also available in English

Duitsland: hogere groei, maar risico’s nemen toe

Conjunctuurbeeld

Delen:
  • Wij verwachten dat de Duitse economie in 2015 met 1¾% groeit en in 2016 met 2%
  • De groei is breed gedragen: de groei van de particuliere bestedingen, de investeringen en de netto export dragen allemaal bij aan het economische herstel
  • Ondanks een solide basis zijn de risico’s in de vorm van de haperende Chinese economie, de toenemende vluchtelingenproblematiek en het emissieschandaal bij Volkswagen toegenomen

Groeiverwachtingen

De Duitse economie zal naar onze verwachting de positieve groei van de afgelopen tijd voortzetten. We verwachten voor 2015 een economische groei van 1¾% en voor 2016 een groei van 2%. Veel stemmingsindicatoren steunen de positieve groeivooruitzichten (zie figuur 1). De Economisch Sentiment Indicator (ESI), de IFO Business Climate Indicator én de inkoopmanagersindex (PMI) wijzen op aanhoudende groei.

Tabel 1: Kerngegevens Duitsland
Tabel 1: Kerngegevens DuitslandBron: Macrobond, Rabobank
Figuur 1: Stemmingsindicatoren wijzen op aanhoudende economische groei
Figuur 1: Stemmingsindicatoren wijzen op aanhoudende economische groeiBron: Macrobond

Breed gedragen groei

De economische groei wordt breed gedragen. Ten eerste verwachten we dat de particuliere consumptie in Duitsland blijft groeien met 2% in 2015 en 2016. Huishoudens profiteren van de aanhoudend lage prijzen van grondstoffen (olie). Bovendien heeft de krappe arbeidsmarkt gezorgd voor een opwaartse druk op de nominale lonen, wat het reëel beschikbare inkomen van huishoudens stevig heeft ondersteund (zie figuur 2).

Figuur 2: Reële lonen zijn sterk gestegen
Figuur 2: Reële lonen zijn sterk gestegenBron: Macrobond

Ten tweede zorgt de sterke verbetering van de overheidsfinanciën voor ruimte op de begroting die groei van overheidsbestedingen en -investeringen mogelijk maakt. Dit zorgt voor een extra steun in de rug van de Duitse economische groei. Onder invloed van negatieve rentes op Duits staatsschuldpapier en gunstige belastingopbrengsten als gevolg van de economische voorspoed liet de overheid in 2014 zelfs een begrotingsoverschot noteren van 0,7% van het BBP. We verwachten dat de Duitse overheid ook in 2015 en 2016 op een positief begrotingssaldo zal uitkomen, wat zal zorgen voor een sterke verbetering van de staatsschuldquote.

Tot slot ontwikkelt de internationale handel zich gunstig in Duitsland, met een groei van het exportvolume in het tweede kwartaal van maar liefst 2,2% ten opzichte van het eerste kwartaal van 2015. We verwachten dat de gunstige exportontwikkeling de forse importgroei (als gevolg van de hoge particuliere consumptie) de komende twee jaar zal compenseren, waardoor de netto handelsbijdrage aan de groei in 2015 ½%-punt zal bedragen en ¼%-punt in 2016. Hoewel Duitsland van alle grote eurozonelanden de sterkste handelsbetrekkingen heeft met China, heeft de terugval in de Chinese importen eerder dit jaar slechts beperkt invloed gehad op het handelsbeeld. Dit kwam onder meer doordat de lagere Duitse exportgroei naar Azië ruimschoot is gecompenseerd door een forse exportgroei naar de VS als belangrijkere handelspartner.[1] De Duitse exporten profiteren van de lage eurokoers, die ervoor zorgt dat Duitse producten goedkoper zijn geworden voor importeurs buiten het eurogebied.

Investeringen vallen nog wat tegen

De investeringen in Duitsland zijn nog teleurstellend en lieten in het tweede kwartaal van dit jaar zelfs een krimp noteren van -0,4% ten opzichte van het eerste kwartaal van dit jaar (kwartaal-op-kwartaal, k-o-k). Deze krimp kwam vooral door een investeringsafname in de bouwsector van 1,2% (k-o-k), die wij als correctie zien op de sterke investeringsgroei in de twee kwartalen ervoor als gevolg van de zachte winter.

Figuur 3: Investeringen komen in Duitsland moeizaam van de grond
Figuur 3: Investeringen komen in Duitsland moeizaam van de grondBron: Macrobond

De tegenvallende investeringen passen in het brede beeld voor de eurozone waar de investeringen de grootste rem zetten op doorgroei (zie Eurozone: groei zet door; investeringen rem op krachtig herstel). Tegelijkertijd is het beeld voor Duitsland opvallend, gezien de gunstige ontwikkeling van de economie, de groei van het aantal orders en de bezettingsgraden die ­na een kortstondige dip in 2013- weer zijn genormaliseerd (zie figuur 3).

Gezien de gezonde basis van de Duitse economie verwachten we dat de investeringen weer aan zullen trekken en gemiddeld uit zullen komen op een groei van 2¼% in 2015 en 3% in 2016.

Risico’s nemen toe

Een escalatie van de vluchtelingenproblematiek, mogelijke uitbreiding van het emissieschandaal bij Volkswagen naar andere Duitse autofabrikanten en meer negatief nieuws over de prestaties van de Chinese economie kunnen de solide economische basis van de Duitse economie aantasten. Ook verwachten we dat problemen rond Griekenland vroeg of laat weer de kop op zullen steken (zie Griekse verkiezingsuitslag: steun voor euro gegroeid, onzekerheid blijft).

Gezien de actualiteit belichten we de eerstgenoemde twee onderwerpen hieronder meer in detail.

Vluchtelingenproblematiek

Duitsland heeft het meest van alle Europese landen te maken met een sterke toestroom van vluchtelingen uit Syrië en Noord-Afrika. Op het moment van schrijven zouden reeds een half miljoen vluchtelingen in Duitsland zijn gearriveerd en de Duitse regering houdt rekening met nog een extra half miljoen mensen in de rest van dit jaar. Het is lastig om een inschatting te maken van de economische impact van de vluchtelingenstroom op de economie op basis van de huidige gebrekkige informatie. Hieronder maken we daarom slechts een ruwe inschatting van de implicaties langs drie lijnen, waarbij we wegblijven van politieke implicaties qua Europese integratie en het politieke sentiment in Europa.

  1. Ten eerste zijn er op de korte termijn budgettaire lasten gemoeid met de opvang van vluchtelingen, die federaal en op deelstatenniveau moeten worden omgeslagen op het collectief via hogere belastinginkomsten. Op basis van budgettaire transfers van deelstaten naar gemeentes gericht op de opvang van vluchtelingen rapporteert Deutsche Bank een bedrag van jaarlijks € 9.000 per vluchteling. Hierin zijn onder meer de kosten voor huisvesting en gezondheidszorg opgenomen, maar bijvoorbeeld geen kosten voor taalcursussen en verdere integratie.[2] De deelstaten hielden al rekening met een totaalbedrag van € 2,7 miljard voor de opvang van 300.000 vluchtelingen aan het begin van dit jaar. Als de teller zoals verwacht eind dit jaar op één miljoen vluchtelingen uitkomt, is er € 6,3 miljard extra nodig.

  2. Ten tweede kunnen er negatieve implicaties zijn voor de internationale handel wanneer het recente Europese plan voor de herverdeling van vluchtelingen in de praktijk niet goed zou uitpakken en landen teruggrijpen op het intensiveren van grenscontroles. Hiermee wordt de controlevrije beweging van mensen door de Europese Unie, zoals vastgelegd in het Schengen-verdrag, aangetast. Deze implicaties spelen eveneens op de korte termijn, maar kunnen uiteindelijk structureel uitpakken als grenscontroles een permanent karakter krijgen. Dit zou de transactiekosten aanzienlijk verhogen en intra-Europese handel kunnen aantasten, die circa de helft bedraagt van de totale toegevoegde waarde die de Duitse handel genereert. Een recente studie van Davis en Gift (2014) laat zien dat het Schengen-verdrag een significant positief effect heeft in verschillende modelschattingen van tussen de 0,09% en 0,15% per jaar op de handel tussen twee landen die deel uitmaken van het verdrag.[3] Dit is een beperkt effect, maar uitgaande van het totale handelsvolume binnen de EU komt dit op jaarbasis toch al gauw neer op een handelsverlies van ruwweg € 3½ tot 5¾ miljard.

  3. Op de middellange en lange termijn biedt de instroom van vluchtelingen economische kansen. Duitsland heeft te maken met een sterk vergrijzende bevolking. Hoewel de arbeidsparticipatie naar verwachting stijgt, zorgt de sterk dalende bevolking van werkzame leeftijd voor een daling van de beroepsbevolking (zie figuur 4). Het arbeidsaanbod zal naar verwachting in 2017 al licht gaan krimpen. Ortega en Peri (2014) vinden bewijs dat migratie zorgt voor positieve werkgelegenheidseffecten, maar tegelijkertijd de productiviteitsgroei drukt, waardoor het netto effect op het BBP neutraal is. De lagere productiviteit komt doordat migranten vaak werk vinden in non-tradable sectoren (zoals de horeca en huishoudelijke hulp), die zich kenmerken door een hoge arbeidsintensiteit en lage arbeidsproductiviteitsgroei.[4] De negatieve productiviteitseffecten zouden in de huidige situatie echter een stuk lager kunnen uitpakken, doordat vluchtelingen uit Syrië naar verluidt relatief goed zijn opgeleid.[5] Daarmee zou het effect van de vluchtelingeninstroom in Duitsland op termijn kunnen resulteren in positieve effecten op de welvaart.
Figuur 4: Arbeidsaanbod daalt door de vergrijzing
Figuur 4: Arbeidsaanbod daalt door de vergrijzingBron: UN, Eurostat, Rabobank

Emissieschandaal VW

Recent is bekend geworden dat Volkswagen in een groot aantal dieselauto’s software heeft geïnstalleerd om emissietesten te manipuleren. De consequenties voor de autofabrikant zijn aanzienlijk: het bedrijf moet een half miljoen auto’s terughalen uit de VS, kan sommige dieselmodellen in sommige Europese landen niet meer verkopen en heeft forse klappen gekregen op de aandelenbeurzen. Bovendien hangt VW een boete boven het hoofd van het Amerikaanse milieuagentschap EPA (er is € 16 miljard genoemd) en het is niet uitgesloten dat meer claims zullen volgen. Wereldwijd zijn 600.000 personen actief voor de Volkswagen groep en in Duitsland gaan 260.000 werknemers onzekere tijden tegemoet.

De grote vraag is of het schandaal ook imagoschade heeft veroorzaakt voor de totale Duitse auto-industrie en zelfs in algemene zin het label ‘Made in Germany’ heeft aangetast. Momenteel is nog onduidelijk of ook andere Duitse en Europese autoproducenten zich schuldig hebben gemaakt aan het manipuleren van brandstofemissies. Een recente studie beweert dat de discrepantie tussen gerapporteerde brandstofemissie en daadwerkelijke emissie van Europees geproduceerde auto’s is opgelopen van 8% in 2001 naar 40% in 2014, waarbij sommige modellen zelfs boven de 50% zouden scoren.[6] Wanneer verder onderzoek uitwijst dat het VW-schandaal het topje van de ijsberg blijkt te zijn, kan dit zelfs negatieve gevolgen hebben voor de gehele Europese auto-industrie.[7] 

Figuur 5: Aandeel Duitse auto-industrie in toegevoegde waarde en totale export is hoog
Figuur 5: Aandeel Duitse auto-industrie in toegevoegde waarde en totale export is hoogBron: OECD STAN-database, UNCTAD

x

Het directe aandeel van de Duitse auto-industrie in de industriële toegevoegde waarde en de totale Duitse export is respectievelijk 14% en 17% (zie figuur 5). Tegelijkertijd zijn veel dienstverleners en toeleveranciers nauw verweven met de productie van auto’s. Daarmee zouden de negatieve uitstralingseffecten van het schandaal aanzienlijk grotere delen van de Duitse economie kunnen treffen. Eén op de zeven banen in Duitsland is direct of indirect gerelateerd aan de Duitse auto-industrie.[8]

Als de fraude beperkt blijft tot VW en het bedrijf in staat is om de schadeclaims snel af te wikkelen en de merknaam van blaam te zuiveren, dan zullen de effecten waarschijnlijk beperkt blijven. Toyota en GM hebben in het recente verleden modellen terug moeten halen vanwege veiligheidsproblemen met zelfs fatale afloop, maar dit heeft nauwelijks effect gehad op het marktaandeel van deze merken. En op termijn kan het schandaal zelfs positieve effecten hebben, wanneer Europese autofabrikanten ­-die eerder fors hebben ingezet op de doorontwikkeling van dieselmotoren- ervoor kiezen om versneld over te schakelen op duurzame technologieën. Hiermee zullen namelijk ook aanzienlijke investeringen gepaard gaan.

Voetnoten

[1] Van de totale toegevoegde waarde in Duitsland die aan buitenlandse handel kan worden toegeschreven (30%) heeft China een aandeel van 2% en de VS 3,3%.

[2] Deutsche Bank, Focus Germany, 1 september 2015.

[3] Davis, D. en T. Gift (2014), The positive effects of the Schengen agreement on European trade, The World Economy, 37 (11), blz. 1541-1557.

[4] Ortega, F. en G. Peri (2014), The aggregate effects of trade and migration: Evidence from OECD countries, Springer International Publishing.

[5] Cijfers over de achtergrond van vluchtelingen in Zweden laten zien dat 40% van de Syriërs MBO4-niveau heeft of hoger. Zie The Economist, Time to go, 26 september 2015. NOS, Werkgevers willen vluchtelingen aan werk helpen, 10 september 2015.

[6] European Federation for Transport and Environment AISBL, Mind the gap: Closing the chasm between test and real-world car CO2 emissions, september 2015. International Council on Clean Transportation, From laboratory to road. A 2015 update of official and “real-world” fuel consumption and CO2 values for passenger cars in Europe, september 2015.

[7] In Europa is veel sterker dan in de VS en Japan ingezet op de verdere ontwikkeling van dieseltechnologie.

[8] Bondskanselier Merkel heeft deze uitspraak gedaan, maar we zijn ook berekeningen tegengekomen in bijvoorbeeld Guay, T.R. (2014), The Business Environment of Europe: Firms, Governments, and Institutions, Cambridge University Press.

Delen:
Auteur(s)
Hugo Erken
RaboResearch Global Economics & Markets Rabobank KEO
06 2223 1650

naar boven