RaboResearch - Economisch Onderzoek

Zwakke BBP-groei Nederland tegen achtergrond van internationale onzekerheid

Economisch commentaar

Delen:
  • De Nederlandse BBP-groei in het derde kwartaal bedroeg 0,1% ten opzichte van het tweede kwartaal
  • De zwakke groei komt vooral door een tegenvallende exportgroei, het uitblijven van een toename van de huishoudconsumptie en dalende bedrijfsinvesteringen
  • De woninginvesteringen noteerden wederom groei

Volgens de eerste raming van het CBS over het derde kwartaal van 2015 is het Nederlandse BBP-volume met 0,1% toegenomen ten opzichte van het vorige kwartaal. De BBP-groei van het tweede kwartaal is neerwaarts bijgesteld van 0,2% kwartaal-op-kwartaal naar 0,1%. De zwakke groei in het derde kwartaal komt vooral door het uitblijven van groei in de particuliere consumptie, krimpende bedrijfsinvesteringen en een terugvallende exportgroei. Dat het BBP-volume desondanks mild toenam, is vooral te danken aan een groei van de overheidsbestedingen en de woninginvesteringen. Dit laatste als gevolg van het woningmarktherstel, dat ook in het derde kwartaal weer is doorgezet (zie: Nederlandse woningmarkt houdt hoger niveau verkopen volgend jaar vast).

Figuur 1: Tegenvallende BBP-groei derde kwartaal
Figuur 1: Tegenvallende BBP-groei derde kwartaalBron: CBS

De lage economische groei in het tweede kwartaal viel nog te wijten aan een neerwaarts effect vanuit de gaswinning. Maar de gematigde groei in het derde kwartaal is een duidelijke breuk met het beeld van gestaag herstel van de afgelopen kwartalen en een tegenvaller vergeleken met de door ons verwachte kwartaalgroei. Deze zwakte in het derde kwartaal is eveneens zichtbaar in de ons omringende landen, wat wijst op een drukkend effect van verschillende internationale onzekerheden (zie Economie eurozone groeit matig tegen decor van onzekerheden buiten muntunie). Vooruitkijkend veranderen we ons beeld van een breed gedragen economisch herstel niet. Door de lage groei in het derde kwartaal zien wij ons echter wel genoodzaakt om de verwachte BBP-groei voor 2015 neerwaarts bij te stellen van 2¼ naar 2% en voor 2016 van 2¾ naar 2½%.

Uitvoer groeit in matiger tempo

Het exportvolume groeide in het derde kwartaal met 0,7% op kwartaalbasis, een stuk lager dan de 1,5% groei van het tweede kwartaal. De invoer nam in het derde kwartaal met 1,1% toe. Het gevolg is dat de netto internationale handel in het derde kwartaal 0,2%-punt aftrok van de BBP-groei. De lagere exportgroei in het derde kwartaal hangt waarschijnlijk samen met de lagere groei in China en andere opkomende markten en de onrust op de financiële markten die daarvan het gevolg was. Hoewel het directe belang van China in de toegevoegde waarde van de Nederlandse export beperkt is, kan een groeivertraging daar ons wel degelijk raken via een lagere wereldhandelsgroei en vertrouwenseffecten. In de komende kwartalen zal de Nederlandse export gesteund blijven door de lage waarde van de euro en de door ons voorziene verdere groei van de economieën van het eurogebied, de VS en het VK.

Consumptie blijft gelijk

Het private consumptievolume bleef in het derde kwartaal gelijk ten opzichte van het tweede kwartaal. In de komende kwartalen trekt de consumptiegroei naar verwachting aan, vanwege het hoge aantal woningverkopen en de stijging van het reëel beschikbare huishoudinkomen. De consumptie levert dit jaar dan ook voor het eerst weer eens een positieve bijdrage aan de economische groei, na jaren van krimp en stagnatie.

Bedrijfsinvesteringen krimpen

De bedrijfsinvesteringen krompen in het derde kwartaal met 0,9% op kwartaalbasis. Na vier kwartalen van relatief hoge groei is daar dus even pas op de plaats gemaakt. Vooruitkijkend verwachten wij dat in het kielzog van de voortgaande groei van export en consumptie uiteindelijk ook de bedrijfsinvesteringen weer mee omhoog zullen komen. Bovendien zal de groei breder zijn verdeeld over de sectoren.

Sectoren

In lijn met de lagere exportgroei in het derde kwartaal noteerde de productie van de maakindustrie een krimp van 0,7% ten opzichte van het tweede kwartaal (figuur 2). Maanddata suggereren dat de productiedaling vooral voortkomt uit de elektrotechnische industrie en de machine-industrie. De zakelijke dienstverlening groeide in het derde kwartaal met 1,5%, ongeveer in lijn met de groei van de afgelopen kwartalen. De bouwnijverheid kromp met 2% op kwartaalbasis, doordat het BTW-tarief van verbouw- en herstelwerkzaamheden per 1 juli is verhoogd van 6 naar 21%.

Figuur 2: Zwakte maakindustrie en bouw
Figuur 2: Zwakte maakindustrie en bouwBron: CBS
Figuur 3: Zakelijke diensten wederom banenmotor
Figuur 3: Zakelijke diensten wederom banenmotorBron: CBS

Private sector zorgt voor verdere groei werkgelegenheid

In het derde kwartaal zette de groei van het aantal werkzame personen zich in ongeveer hetzelfde tempo voort als in het tweede kwartaal. De private sector fungeerde wederom als banenmotor, en dan vooral de sectoren handel, vervoer en horeca en de zakelijke dienstverlening (figuur 3). De daling van de werkgelegenheid in de zorg vormde een rem op het werkgelegenheidsherstel. Wij verwachten dat de werkgelegenheidsgroei in de private sector in de komende kwartalen aanhoudt. Arbeidsmarktindicatoren zoals het aantal vacatures ondersteunen dit beeld.

Delen:
Auteur(s)

naar boven