RaboResearch - Economisch Onderzoek

Nederland ontspringt bezuinigingsdans bij begrotingsbeoordeling uit Brussel

Economisch commentaar

Delen:
  • De Europese Commissie heeft groen licht gegeven voor de begrotingsplannen van het Nederlandse kabinet voor komend jaar
  • De Brusselse rekenmeesters baseren zich echter op achterhaalde cijfers over het structurele begrotingssaldo
  • Voor de eurozone als geheel is het geplande begrotingsbeleid voor volgend jaar verruimend. Het is echter waarschijnlijk dat er in verschillende lidstaten voor 2016 of 2017 extra (bezuinigings-)maatregelen worden aangekondigd

Nederland heeft begin oktober de kabinetsplannen voor komend jaar ingediend bij de Europese Commissie (EC). Deze zijn vervolgens langs de Brusselse meetlat gelegd om te bezien in hoeverre zij voldoen aan de Europese begrotingsregels uit de preventieve arm van het Stabiliteits- en Groeipact (SGP)[1]. Uit de bevindingen bleek dat Nederland voldoet aan de Europese begrotingsregels. Maar de overheidsfinanciën op de middellange termijn blijven een punt van aandacht. De meeste andere eurozonelidstaten zijn trouwens ook geslaagd voor de begrotingstest, zij het soms enkel in grote lijnen.

Groen licht voor Nederland uit Brussel

De preventieve arm

In de preventieve arm van het SGP wordt gekeken naar het structurele begrotingssaldo. Dit is het begrotingssaldo dat is gecorrigeerd voor de stand van de economie en voor eenmalige uitgaven en inkomsten. Daarnaast wordt bezien of een lidstaat voldoet aan de maximaal toegestane groei van de overheidsuitgaven.

Nederland slaagt door mazen in de regelgeving

Het verwachte structurele begrotingssaldo van de Nederlandse overheid bedraagt -1,1%-BBP voor 2015 en -1,4%-BBP voor 2016 (EC, 2015). Hiermee wijkt Nederland af van de toegestane middellange-termijndoelstelling (MTO) van -0,5%-BBP (EC, 2015). Maar om de voorspelbaarheid van het oordeel van de EC voor lidstaten bij hun begrotingsvoorbereiding te vergroten, ‘bevriest’ de Commissie bij de lenteraming van mei de vereiste ontwikkeling van het structurele saldo voor het lopende en komende jaar. Bij de beoordeling van de begroting in het najaar kijkt de Commissie dan hoe de ontwikkeling van het structurele saldo zich verhoudt tot de vereiste/toegestane ontwikkeling op basis van de ‘bevroren’ cijfers, oftewel de geraamde cijfers in het voorjaar.

In de Nederlandse context betekent dit dat de saldoverslechtering door onder meer de lagere gasbaten in 2015 niet volledig zijn meegenomen. In het kort betekent dit dat het structurele begrotingssaldo van de Nederlandse overheid in 2016 met 0,2%-punt mag verslechteren. Op basis van de huidige begrotingsplannen verwacht de EC dat het structurele begrotingssaldo van de Nederlandse overheid in 2016 met 0,3%-punt verslechtert (tabel 1). Volgens de Europese begrotingsregels is deze lichte overtreding onvoldoende om Nederland op de vingers te tikken2. Eens te meer omdat Nederland ook ruimschoots aan de uitgavenregel voldoet. De overheidsuitgaven stijgen in 2016 met 0,6%-punt minder dan de 1,2% die is toegestaan (tabel 1). Tot slot voldoet Nederland ook aan de schuldregel, aangezien de staatsschuld voldoende daalt in de richting van de 60%-BBP norm. Zou de vereiste aanpassing van het structurele saldo echter gebaseerd zijn geweest op de meest recente inzichten, dan zou dit met minimaal 0,5%-BBP moeten verbeteren. De verslechtering die nu op handen is, komt dan ineens in een heel ander daglicht te staan.

Mogelijk aanvullende bezuinigingen nodig in 2017

Vanuit Brussel is er op dit moment dus groen licht. Maar dit komt vooral doordat er mazen bestaan in de Europese begrotingsregels waar het kabinet dankbaar gebruik van maakt. Technisch gezien wordt er daardoor nu dus aan de regels voldaan. Maar tenzij de inschatting van het structurele begrotingstekort volgend voorjaar weer een stuk is verbeterd, zal voor de begroting van 2017 ineens een verplichting ontstaan om door bezuinigingen of lastenverzwaringen weer in de richting van de MTO te bewegen. Zo’n gunstiger inschatting van het structurele saldo is eigenlijk alleen mogelijk als de inschatting van de Europese Commissie van de potentiële groei van de Nederlandse economie opwaarts wordt bijgesteld. Dat zou best kunnen gebeuren, maar als dat niet zo is, dan is de regering achteraf bezien iets te ver gegaan in het opzoeken van de grenzen van de Europese begrotingsregels.

Tabel 1: Nederland voldoet aan de eisen uit de preventieve arm
Tabel 1: Nederland voldoet aan de eisen uit de preventieve armBron: Europese Commissie

Andere lidstaten (vrijblijvend) aangespoord om plannen aan te passen

In eurozoneperspectief presteert Nederland, technisch gezien, goed. In slechts vijf lidstaten voldoet de begroting volledig aan de regels van het SGP (zie bijlage). In haar beoordeling heeft de EC rekening gehouden met de effecten van de vluchtelingencrisis, maar enkel in Oostenrijk had dit een noemenswaardig effect op de uitkomst.

De EC spoort de meeste lidstaten aan om extra bezuinigingsmaatregelen op te nemen in hun plannen. Daartegenover staat dat ze de Duitse overheid juist verzoekt om overheidsinvesteringen op te schroeven. Enkel Spanje is verplicht om een aantal maatregelen verder te specificeren en ter goedkeuring voor te leggen. De EC acht de kans namelijk groot dat de overheid haar buitensporige tekort niet tijdig (in 2016) onder de 3%-BBP krijgt. Ook de Franse overheid loopt volgens de Commissie wederom het risico haar buitensporige tekort niet volgens afspraak terug te dringen. De Franse overheid hervormt en bezuinigt structureel nog altijd te weinig. De deadline voor Frankrijk ligt echter pas in 2017 en de begrotingsdoelstellingen voor 2015 en 2016 lijkt het wel te gaan halen. Dit komt doordat de nominale economische groei sneller aantrekt dan eerder verwacht.

Terrorismebestrijding geen excuus voor lakende structurele bezuiniging Frankrijk

Eurogroep-voorzitter Dijsselbloem heeft aangegeven dat Frankrijk in het kader van de toegenomen terreurdreiging wat hem betreft minder streng hoeft te worden aangepakt. Dat de Franse uitgaven mogen stijgen om terrorisme te bestrijden is wat ons betreft niet meer dan logisch. De lakende structurele bezuinigingsinspanning in de huidige begroting dateert echter al van voor de aanslagen in Parijs en het is volgens ons onverstandig om Frankrijk daar (op termijn) weer mee weg te laten komen (zie ook Europese begrotingsregels: feit of fabel?).

Verruimend begrotingsbeleid, voor nu

Voor de eurozone als geheel is het begrotingsbeleid volgens de begrotingsplannen volgend jaar opnieuw verruimend. Gemiddeld genomen wordt er structureel meer uitgegeven in plaats van meer bezuinigd (figuur 1).

Figuur 1: Structurele begrotingsinspanning eurozone
Figuur 1: Structurele begrotingsinspanning eurozoneBron: Europese Commissie, Rabobank

Dit is mogelijk positief voor de economische groei, maar niet per definitie voor de schuldhoudbaarheid. Zeker niet als er onvoldoende maatregelen worden genomen om ook de potentiële groei van lidstaten te vergroten. Het is waarschijnlijk dat naast Nederland ook andere lidstaten, zoals Spanje en Italië, alsnog in 2016, of later in 2017, extra (bezuinigings-)maatregelen moeten nemen ten aanzien van de huidige plannen om aan de Europese begrotingsregels te voldoen. Volgens de regels geldt dit ook voor Frankrijk. De Franse overheid wordt mogelijk echter opnieuw ontzien, dit keer in het kader van terrorismebestrijding.

Voetnoot

[1] Ons land bevindt zich sinds 2014 in de preventieve arm van het SGP. Nederland werd in 2014 namelijk ontslagen uit de buitensporigetekortprocedure, nadat we ons begrotingstekort hadden gereduceerd tot onder de 3%-BBP. Zie voor een uitgebreid overzicht van de regels onder de preventieve arm binnen het SGP ook: Europese begrotingsregels: feit of fabel?).

Bijlage: uitkomst beoordeling ontwerp begrotingsplannen


<br>Bron: Europese Commissie

 

Delen:
Auteur(s)
Björn Giesbergen
RaboResearch Global Economics & Markets Rabobank KEO
030 21 62562
Maartje Wijffelaars
RaboResearch Global Economics & Markets Rabobank KEO
030 21 68740

naar boven