RaboResearch - Economisch Onderzoek

Zuurpruim

Column

Delen:

Het gaat op dit moment een stuk beter met de economie dan in de afgelopen jaren. Toch merk ik dat ik bij lezingen over de Nederlandse economie nog steeds vrij gemakkelijk kan vervallen in een wat pessimistisch verhaal. Want het gaat wel beter maar niet goed genoeg. Hoe beter het economische nieuws, des te meer vind ik mezelf daardoor een zuurpruim.

Na jaren van economische tegenspoed zou het enorm fijn zijn om eens zonder allemaal mitsen en maren een onverdeeld optimistisch verhaal over de economische ontwikkelingen en vooruitzichten te kunnen houden. Dat lijkt wellicht ook niet zo moeilijk. De economische groei heeft in het eerste kwartaal van dit jaar beter stand gehouden dan wij hadden verwacht. De activiteit op de woningmarkt is veel minder sterk teruggevallen dan wij na het nogal uit de hand gelopen vierde kwartaal hadden voorzien. Ook de groei van de consumptieve bestedingen is in de eerste maanden van het jaar zeer goed op peil gebleven.

Die sterke start werkt ook positief door in de rest van het jaar. Het herstel op de woningmarkt heeft positieve uitstralingseffecten op de bouwnijverheid en de consumptie van huishoudens. Steeds meer bedrijven hebben voldoende vertrouwen om de investeringen uit te breiden en personeel aan te nemen. Het begrotingstekort van de overheid is door de groei van de economie vorig jaar lager uitgekomen dan voorzien. Inmiddels wordt daardoor na jaren van aanvullende bezuinigingspakketten nu eens gespeculeerd op lastenverlichting. Zo ontstaat het beeld dat de positieve economische dynamiek zichzelf versterkt.

Weinig redenen om zuur te zijn dus. Ik zou het dan ook graag hier bij laten. Maar net zoals ik dat bij lezingen niet kan laten, moet ik toch ook nu het optimisme weer wat indammen. Want hoe graag ik ook zonder nuance optimistisch wil zijn, op de economische voorspoed van dit moment valt nog wel wat af te dingen. Ten eerste omdat de verwachte verdere groei door onzekerheden is omgeven en ten tweede omdat de groei van de economie niet het enige is waar we naar moeten kijken.

Om met het eerste te beginnen. De herhaaldelijke onrust rond Griekenland beheerst met vlagen de financiële markten en het sentiment van ondernemers. Die onrust zal ook in de rest van het jaar op blijven spelen. Als het bij onzekerheid blijft, is dat te overzien. Maar uitsluiten dat Griekenland toch het eurogebied verlaat is helaas niet mogelijk. In Oekraïne is het evenmin rustig, waardoor een verdere verslechtering van de relatie tussen het Westen en Rusland nog steeds op de loer ligt. Hoewel economische vooruitzichten altijd onzeker zijn, hebben we op dit moment helaas wel twee heel duidelijke neerwaartse risico’s op de radar.

Los van de mogelijkheid dat de economische groei minder hoog uitpakt dan we voorzien is voor een goed oordeel over de economische situatie meer van belang dan alleen de groeicijfers. Het BBP per hoofd van de bevolking lag eind 2014 nog ruim 4% onder dat van begin 2008. Met de groei van de economie zijn we voorlopig dus vooral nog bezig om de schade van de crisisjaren in te lopen. Dat is ook goed zichtbaar in het niveau van de werkloosheid en dat van de bedrijfsfaillissementen, die ondanks een neerwaartse trend nog steeds veel te hoog zijn om van goede economische tijden te spreken. Daarom blijf ik, ondanks mijn vurige wens om geen zuurpruim te zijn, zeggen dat het beter gaat maar nog niet goed genoeg. Maar ik beloof u, zodra de werkloosheid van de huidige 7% is gedaald tot in de buurt van de 5% gooi ik alle remmen los en zal ik met genoegen ongenuanceerde positieve verhalen houden.

Delen:
Auteur(s)

naar boven