RaboResearch - Economisch Onderzoek

Schuldenberg Nederlandse huishoudens steeds groter?

Economisch commentaar

Delen:
  • In een serie stellingen bespreken we veelgehoorde misverstanden of terechte vaststellingen over de Nederlandse economie en belichten we bijzondere kenmerken en ontwikkelingen
  • In Nederland is de hypotheekschuld hoog in vergelijking met andere landen
  • Andersoortige schulden zijn vaak minder ‘zichtbaar’

Stelling: Nederlandse huishoudens hebben steeds hogere schulden

Omvang leningen gedaald…

De schulden van huishoudens bestaan zowel uit leningen als uit andere schulden. De totale schuld van huishoudens steeg na het uitbreken van de financiële crisis minder snel dan vóór de crisis (figuur 1). Sinds 2012 neemt de schuld zelfs af.

Figuur 1: Totale schuld huishoudens
Figuur 1: Totale schuld huishoudensBron: CBS

De figuur op basis van CBS-cijfers laat zien dat de schuld van huishoudens voor het overgrote deel bestaat uit langlopende leningen. Deze langlopende leningen zijn vooral hypotheken. Het CBS beschikt over goede data over officiële leningen, uit bronnen zoals DNB, het Kadaster en de Belastingdienst. Informele leningen bij familie en vrienden zijn doorgaans niet zichtbaar.

De totale hypotheekschuld van Nederlandse huishoudens is de laatste jaren niet meer toegenomen. Dit heeft te maken met een lager niveau van woningverkopen en een sterke toename van de extra aflossingen op hypotheken[1]. De hypotheekschuld heeft al jarenlang een prominente plaats binnen het economische debat. Recente hervormingen zijn erop gericht om het maximale hypotheekbedrag te beperken en aflossen te stimuleren[2].

… overige schulden sterk gestegen

Het begrip ‘schulden’ omvat meer dan leningen alleen. Ook andere betalingsverplichtingen maken deel uit van de schulden van huishoudens. Handelskredieten ontstaan wanneer de levering en betaling van goederen niet gelijktijdig plaatsvinden. Huishoudens die een aanbetaling doen hebben een vordering, degenen die achteraf betalen een schuld. De overige transitorische posten bestaan uit andere te betalen of te ontvangen bedragen zoals loon, belastingen en premies, huur en energiekosten. Betalingsachterstanden van huishoudens zien we daarom terug als een schuld bij de overige transitorische posten – het donkerblauwe deel in figuur 2. De door huishoudens verschuldigde ‘overige transitorische posten’ zijn sinds de crisis sterk gestegen, van ongeveer € 38 miljard in 2007 tot € 60 miljard in 2014. Dit strookt met de berichtgeving over toegenomen betalingsproblemen (EIM Panteia), huurachterstanden (Aedes) en een grotere vraag naar schuldhulpverlening (NVVK).

Figuur 2: Handelskredieten en overige transitorische posten - vorderingen en schulden
Figuur 2: Handelskredieten en overige transitorische posten - vorderingen en schuldenBron: CBS

Op het niveau van een individueel huishouden is de waarneming van dit soort schulden onvolledig. Huishoudens hoeven niet-hypothecaire schulden namelijk alleen op te geven bij de Belastingdienst indien zij box-3 inkomen hebben. Het CBS bepaalt het totaalbedrag van de handelskredieten en overige transitorische posten van huishoudens daarom voornamelijk op basis van de gegevens van andere economische sectoren (zoals bedrijven) die hun vorderingen of verplichtingen ten aanzien van huishoudens rapporteren. 

Conclusie: onjuist

Wanneer we alle soorten schulden bij elkaar optellen dan is de totale schuld van huishoudens na de crisis nauwelijks gestegen en in recente jaren zelfs gedaald. Dit komt doordat de omvang van de (geregistreerde) leningen is gedaald. De omvang van andere schulden, zoals betalingsachterstanden, is klein in vergelijking tot de hypotheekschuld. Maar juist deze andere schulden zijn sterk gestegen. Bovendien gaat het om bedragen die op korte termijn moeten worden terugbetaald. Oplopende betalingsachterstanden kunnen leiden tot grote problemen, zoals boetes, beslaglegging of huisuitzetting. Zo kan het zijn dat de totale schulden van huishoudens afnemen, terwijl de problemen met schulden tegelijkertijd groter worden.

De afgelopen jaren zijn er veel maatregelen genomen om de hypotheekschuld terug te dringen. Op het gebied van niet-hypothecaire schulden is er verhoudingsgewijs weinig nieuw (landelijk) beleid geïmplementeerd. Plannen voor een Landelijk Informatiesysteem Schulden (LIS) zijn gesneuveld op praktische uitvoerbaarheid en privacy-bezwaren. Momenteel wordt gewerkt aan een ander systeem met een beperktere reikwijdte: Vindplaats van Schulden (VPS). In de pilotfase werken verschillende gemeentes op lokaal niveau samen met het Bureau Kredietregistratie (BKR), woningcorporaties, zorgverzekeraars en energiebedrijven om betalingsachterstanden in een eerder stadium te signaleren.  

 

Voetnoten

[1] Zie ook eerdere Economische Commentaren uit maart 2015 en maart 2014.

[2] Zie ook het themabericht Structurele hervormingen op de Nederlandse woningmarkt.

Delen:
Auteur(s)

naar boven