RaboResearch - Economisch Onderzoek

This article is also available in English

Brazilië stelt begrotingsdoelstelling naar beneden bij

Economisch commentaar

Delen:
  • De Braziliaanse regering heeft het beoogde primaire overschot voor 2015 bijgesteld van 1,2% naar 0,15% van het BBP. De doelstelling om een primair primaire overschot te realiseren van minimaal 1% is verschoven naar 2017;
  • Door deze bijstelling is de doelstelling geloofwaardiger, maar gezien de noodzaak om de staatsschuld te stabiliseren laat de omvang van de herziening vrijwel geen ruimte voor budgettaire missers;
  • Het verslechterende economisch en politiek klimaat maakt de situatie nog complexer. 

Levy neemt gas terug

Op 22 juli 2015 stelde de Braziliaanse regering de begrotingsdoelstelling voor 2015 bij van 1,2% naar 0,15% van het BBP (USD 2,6 miljard). Bovendien heeft de regering aangegeven dat verdere neerwaartse bijstelling mogelijk is. Van de totale inkomsten is namelijk USD 7,8 miljard (0,45% van het BBP) afhankelijk van goedkeuring door het congres en zijn de begrote opbrengsten uit concessies voor infrastructurele projecten onzeker. Het primaire begrotingssaldo kan dit jaar dus nog op een tekort uitkomen. Om hun commitment te tonen heeft de regering nog eens USD 2,6 miljard aan bezuinigingsmaatregelen afgekondigd. Daarnaast zijn de doelstellingen voor de komende twee jaar bijgesteld, van een jaarlijks primair begrotingsoverschot van 2% van het BBP naar 0,7% van het BBP in 2016 en 1,3% van het BBP in 2017 (figuur 1). Dit betekent dat de staatsschuld in de komende twee jaar zal stijgen en pas in 2018 zal stabiliseren. Tegenvallende overheidsinkomsten als gevolg van teleurstellende economische groei zijn volgens de regering de hoofdreden voor de neerwaartse bijstelling.

De bijstelling zelf is geen verrassing, maar de omvang ervan wel. De algemene verwachting was dat de regering het beoogde primaire overschot van 1,2% van het BBP niet zou halen. De nieuwe begroting is realistischer, wat ten goed komt aan de geloofwaardigheid van de Braziliaanse regering. De omvang van de bijstelling maakt duidelijk dat de Braziliaanse overheidsuitgaven zeer rigide zijn. Een groot deel van de lopende uitgaven is namelijk grondwettelijk bepaald. Veranderingen daarvan vereisen de goedkeuring van het Braziliaanse congres en dat is heel moeilijk te realiseren door de enorme versplintering binnen het congres en de aanhoudende politieke spanningen. Hierdoor zijn de implementatierisico’s omtrent begrotingsconsolidatie groot. Dit wordt bevestigd door het feit dat S&P, dat Brazilië net boven junkstatus waardeert, het vooruitzicht op de soevereine kredietwaardigheid op 28 juli van stabiel naar negatief bijstelde. Gezien de verslechterde economische groeivooruitzichten en de toenemende politieke onzekerheid, achten zij de kans op begrotingsuitglijders zeer groot.

Figuur 1: Begrotingssaldi volgens de nieuwe doelstellingen
Figuur 1: Begrotingssaldi volgens de nieuwe doelstellingenBron: EIU, Brazilië MP MF & BCB
Figuur 2: Binnenlandse vraag wordt negatief
Figuur 2: Binnenlandse vraag wordt negatiefBron: IBGE, Rabobank

Beter economisch beleid heeft negatieve gevolgen voor de economie

Figuur 3: De arbeidsmarkt verslechtert
Figuur 3: De arbeidsmarkt verslechtertBron: IBGE, Rabobank

Een verslechterende economie maakt de situatie des te moeilijker. De economie stagneerde in 2014 en het naar voren halen van het aanpakken van de macro-economische onevenwichtigheden doet de economische productie geen goed (figuur 2). Het recente corruptieschandaal van historische proporties (‘Car Wash’) drukt eveneens zwaar op het sentiment en de economische activiteit. In het eerste kwartaal van 2015 kromp het BBP met 1,6% op jaarbasis doordat de groei van de consumentenbestedingen, voorheen een groeifactor, negatief werd (-0,9% op jaarbasis). Dit was het gevolg van een aanzienlijke verslechtering van de arbeidsmarkt, hoge inflatie (8,9% in juni 2015) en de verkrapping van het kredietaanbod. Mede door de huidige bezuinigingsmaatregelen, de monetaire verkrapping en de problemen in de bouw- en energiesector(), verwachten wij dat de economie in 2015 met ten minste 1,5% zal krimpen. Beter economisch beleid zou in 2016 kunnen resulteren in een licht herstel van 0% tot 0,5%. De politieke onzekerheid is daarbij het grootste neerwaartse risico. 

Moeten we ons schrap zetten?

De gevolgen van het 'Car Wash'-corruptieschandaal in de afgelopen maanden hebben het Braziliaanse politieke landschap aanzienlijk verslechtert. Dat maakt, samen met de historisch lage populariteit van de president, de kans op een politieke 'perfecte storm' oncomfortabel groot. Dit is echter nog steeds niet ons hoofd scenario. 'Car Wash' is een corruptieschandaal waarbij oliestaatsmaatschappij Petrobas en vele hooggeplaatste politici en zakenmensen betrokken zijn. De recente arrestatie van een directielid van het bouwconglomeraat Odebrecht brengt het onderzoek steeds dichter bij voormalig president Lula. Een officieel onderzocht zal uitwijzen of hij misbruik heeft gemaakt van zijn positie ten gunste van het bedrijf. Naar aanleiding van het gerucht dat de voorzitter van het Lager Huis en de voorzitter van het Hogerhuis binnenkort worden beschuldigd van betrokkenheid in het 'Car Wash'-schandaal stapte eerstgenoemde uit de oppositie. Door deze gebeurtenissen nemen de politieke spanningen toe, wat de kans op politieke instabiliteit op de korte termijn vergroot. Uiteindelijk zou dat kunnen leiden tot afzetting van de president. Dit kan het verbeterde economische beleid verstoren en de investment-grade status van de Braziliaanse staatsobligaties en het economisch herstel in 2016 in gevaar brengen.

Delen:
Auteur(s)
Alexandra Dumitru
RaboResearch Global Economics & Markets Rabobank KEO
06 2326 6856

naar boven