RaboResearch - Economisch Onderzoek

Uit de recessie… en nu?

Column

Delen:

Terugkijkend op 2014 kunnen we stellen dat het economische herstel ook in ons land eindelijk is ingetreden. De economie groeit weer en de werkgelegenheid neemt langzaam toe. Het medio 2013 ingetreden herstel op de markt voor koopwoningen heeft zich voortgezet. De Nederlandse overheidsfinanciën zijn op orde, want het overheidstekort ligt duidelijk onder de 3% van het BBP en de staatsschuldquote stabiliseert.

Reden tot tevredenheid, zou je zeggen. Toch zou het een goede zaak zijn om de gebeurtenissen van de afgelopen jaren nog eens kritisch tegen het licht te houden, met name om er lessen uit te trekken. Over de rol van de financiële sector bij het ontstaan van de crisis en in de jaren daarna is al veel geschreven, dus dat sla ik ditmaal maar eens over. De kwaliteit van het economische beleid heeft minder aandacht gekregen, terwijl ook daar het nodige over te zeggen valt. In Europa hadden wij natuurlijk de pech dat kort na de financiële crisis die in het najaar van 2008 in alle hevigheid losbarstte, de eurocrisis volgde. Hoewel de banken ook bij die crisis een rol hebben gespeeld, lag de kern van deze tweede crisis toch vooral in de Europese politiek. Landen die zich naar letter en geest niet aan de Europese afspraken hebben gehouden, vormden een belangrijke oorzaak van de crisis. Ook het feit dat die afspraken resulteerden in een overdreven restrictief begrotingsbeleid was niet echt behulpzaam. Dit alles legde de institutionele zwaktes van de EMU genadeloos bloot. De afgelopen jaren is er dan ook hard aan gewerkt om de governance van de EMU te versterken en daarvan zullen wij de komende jaren de nodige vruchten plukken. Dit neemt niet weg dat aan de inrichting van de eurozone nog veel moet worden verbeterd. De politieke aansturing moet worden versterkt, de grensoverschrijdende arbeidsmobiliteit moet worden bevorderd en de fragmentatie van de financiële markten in de eurozone moet worden bestreden, bijvoorbeeld met de inzet van conditionele eurobonds. Dit zijn politiek gevoelige kwesties die nog niet zijn opgelost en wellicht hebben we eerst nog een nieuwe eurocrisis nodig om ook deze belangrijke stappen te zetten. 

Er valt nog heel veel meer over te zeggen, maar op deze plaats wil ik vooral nog even stilstaan bij de rol van het begrotingsbeleid. Het bizarre is dat de overheidsfinanciën in de eurozone tijdens de crisis er gemiddeld beter voorstonden dan die in de VS, het VK en zeker Japan. Toch hadden wij in de EMU een begrotingscrisis, althans dat was de heersende gedachte, en dus moesten we bezuinigen. Voor sommige landen was er inderdaad geen alternatief, maar over de hele linie kunnen we stellen dat het begrotingsbeleid in de eurozone te restrictief is geweest. Dat heeft de economische groei onnodig geschaad en de werkloosheid te ver opgestuwd. Dit geldt zeker ook voor Duitsland en ons land. Nederland heeft een zeer groot nationaal spaaroverschot. Het is dankzij onze enorme pensioenfondsen beter dan vrijwel ieder ander land voorbereid op de gevolgen van de vergrijzing. Toch heeft het beleid ook in ons land de afgelopen jaren vooral in het teken gestaan van tekortreductie. Nederland heeft het mede daardoor qua economische groei slechter dan gemiddeld gedaan. Het beleid was ook niet bovenmatig effectief. Er was meer dan 50 miljard euro aan bezuinigingen en lastenverzwaringen nodig om het overheidstekort met een kleine 20 miljard terug te dringen. Dat kan beter, zou je zo zeggen.

Als econoom koester ik de stille wens dat beleidsmakers nog eens terugkijken met de vraag: wat kunnen we leren uit de afgelopen crisis? Want er zijn zonder twijfel veel goede maatregelen getroffen, maar er kan ook beleidsmatig nog steeds heel veel beter. Daar hebben we allemaal baat bij.

Ik wens u allen een goed 2015. Dat het u geluk en een goede gezondheid moge brengen.

Delen:
Auteur(s)
Wim Boonstra
RaboResearch Global Economics & Markets Rabobank KEO
030 21 66617

naar boven