RaboResearch - Economisch Onderzoek

Nederlandse aardgasbaten nog steeds belangrijke inkomstenbron overheid

Economisch commentaar

Delen:
  • In een serie stellingen bespreken we veelgehoorde misverstanden of terechte vaststellingen over de Nederlandse economie en belichten we bijzondere kenmerken en ontwikkelingen
  • De aardgasproductie valt dit jaar waarschijnlijk terug tot het niveau van begin jaren zeventig
  • Gasbaten zijn nog steeds een belangrijke bron van inkomsten voor de overheid
  • Door de lagere gaswinning zullen de overheidsinkomsten structureel dalen
  • Een verdere verlaging van de gaswinning zou nieuwe bezuinigingen of belastingverhogingen naar verwachting noodzakelijk maken

Stelling: Aardgasbasten zijn van groot belang voor de Nederlandse overheidsfinanciën

Sterke vermindering gaswinning

In 1959 werd in Groningen het gasveld bij Slochteren ontdekt. Midden jaren zestig begon de gaswinning uit het Groningenveld. Aanvankelijk werd er zoveel mogelijk gas gepompt uit de gasveldenvelden, omdat werd verondersteld dat het belang van gas door de opkomst van onder andere kernenergie zou afnemen (Algemene Rekenkamer, 2014). Later werd het gas uit Groningen meer als buffer gezien en kwam de nadruk op het winnen van gas uit de kleine velden te liggen.[1] De totale jaarlijkse aardgasproductie ligt sinds de jaren tachtig tot 2013 rond de 80 mld kuub (figuur 1). Inmiddels is meer dan drie kwart van de gasvoorraad in Groningen uitgeput; voor de kleine velden is dat zelfs meer dan tachtig procent (Algemene Rekenkamer, 2014).

Figuur 1: Gaswinning sterk verminderd
Figuur 1: Gaswinning sterk verminderdBron: CBS, Rabobank

De vele aardbevingen in Groningen hebben geleid tot toenemende maatschappelijk onrust, waardoor het kabinet heeft besloten de gasproductie in Groningen te verminderen. Vorig jaar nam deze productie al af van 54 miljard tot 42 miljard kuub[2]. De totale gasproductie (inclusief de kleine velden) nam mede hierdoor in 2014 af van 81 miljard tot 68 miljard. Dit jaar wordt de winning verder teruggeschroefd tot 30 miljard. Omdat de gaswinning uit de kleine velden nauwelijks kan worden verhoogd (EBN, 2015) schatten wij in dat de totale gasproductie dit jaar terug zal vallen tot 54 miljard kuub, de laagste hoeveelheid sinds begin jaren zeventig (figuur 1).

In verband met de aardbevingen zal de overheid het productieplafond voor Groningen waarschijnlijk niet snel weer verhogen. Om de gasproductie niet verder te laten dalen, zou de productie van de kleine velden dan omhoog moeten. Dit is echter niet waarschijnlijk. Energiebeheer Nederland gaat er vanuit dat zelfs in het meest optimistische scenario voor winning uit de kleine velden het productievolume tot 2025 hooguit constant kan worden gehouden (EBN, 2015). 

Aardgasbaten sterk gestegen sinds eeuwwisseling

Hoewel de totale gaswinning in Nederland over de afgelopen decennia redelijk stabiel was, geldt dit niet voor de inkomsten uit de gaswinning voor de overheid, de aardgasbaten. Dit heeft te maken met de wisselende prijs van aardgas. Begin jaren tachtig stegen de aardgasbaten sterk door de hogere gasprijzen, die het gevolg waren van stijgende olieprijzen (figuur 2).[3] In de jaren daarna daalden de olie- en de gasprijs sterk, wat resulteerde in veel lagere aardgasbaten voor Nederland. Sinds begin deze eeuw zijn de gasprijzen weer gaan stijgen waardoor de aardgasbaten tot 2013 significant hoger lagen dan in de decennia daarvoor. Vorig jaar zorgden de lagere gasproductie en lagere gasprijzen voor lagere aardgasbaten. Zoals gezegd ligt een verdere daling van de totale aardgasproductie in de komende jaren voor de hand, waardoor het waarschijnlijk is dat de aardgasbaten verder zullen dalen.

Figuur 2: Sterke stijging aardgasbaten sinds 2000 door hogere gasprijzen
Figuur 2: Sterke stijging aardgasbaten sinds 2000 door hogere gasprijzenBron: CBS
Figuur 3: Aardgasbaten nog steeds belangrijke bron van inkomsten overheid
Figuur 3: Aardgasbaten nog steeds belangrijke bron van inkomsten overheid Bron: CBS

Gasbaten belangrijke bron van inkomsten overheid

De dalende gasbaten zullen van invloed zijn op de overheidsfinanciën. Figuur 3 laat de aardgasbaten als percentage van de totale overheidsinkomsten zien. Het blijkt dat de gasbaten de afgelopen jaren een kleiner deel uitmaken van de inkomsten dan begin jaren tachtig, maar nog steeds meer dan zes procent van de inkomsten besloegen. In 2014 is de dalende gasopbrengst duidelijk te zien in een sterk afnemend aandeel van de gasopbrengsten in de totale overheidsinkomsten. In 2015 zal dat aandeel naar verwachting verder dalen door de afnemende gasopbrengsten. Toch lijkt de regerering erin geslaagd deze tegenvallers op te vangen. Dit wordt onder andere veroorzaakt door de aantrekkende economische groei, die leidt tot hogere belastinginkomsten en lagere uitgaven aan uitkeringen. Hierdoor daalt het tekort dit jaar volgens het CPB zelfs met een geraamde gasproductie van 30 miljard kuub in Groningen naar 2,2%; in 2016 daalt het verder naar 1,5%. Daarbij lijkt het structurele tekort volgend jaar overigens wel hoger uit te vallen dan volgens de Europese regels is toegestaan. Bij een verdere daling van de gasbaten zullen dus bezuinigingen of hogere lasten nodig zijn om een verdere verslechtering daarvan te voorkomen.

Conclusie: juist

De gasproductie wordt dit jaar teruggeschroefd naar een niveau dat we voor het laatst in het begin van de jaren zeventig hebben gezien. De aardgasbaten zijn nog steeds een belangrijk onderdeel van de overheidsinkomsten, waardoor de lagere gasbaten een tegenvaller zijn voor de overheidsfinanciën. Het lijkt er echter op dat het kabinet in staat is om deze tegenvaller op te vangen, mede geholpen door de aantrekkende economische groei. Wel zal het structurele begrotingssaldo verslechteren als de gaswinning verder wordt teruggeschroefd. Dit betekent dat verdere bezuinigingen en belastingverhogingen noodzakelijk zouden zijn om aan de Europese regels te voldoen.

Voetnoten

[1] De kleine velden zijn gasvelden in minder rendabele gebieden in de rest van Nederland en in de Noordzee.

[2] Dit was overigens relatief gemakkelijk te realiseren doordat 2014 een uitzonderlijk warm jaar was. Hierdoor zouden de vraag naar gas en dus de productie ook zonder verlaging van het productieplafond voor Groningen lager zijn geweest.

[3] In die tijd waren de olie- en gasprijzen sterk aan elkaar gelinkt. Tegenwoordig is er een wereldwijde gasmarkt waardoor de gasprijzen zich meer onafhankelijk ontwikkelen van de olieprijs.

Bibliografie

Algemene Rekenkamer (2014). Besteding van Aardgasbaten: Feiten, Cijfers en Scenario’s.

Energiebeheer Nederland (2015). Focus on Dutch Oil and Gas.

Delen:
Auteur(s)
Martijn Badir
RaboResearch Nederland Rabobank KEO
088 726 7864

naar boven