RaboResearch - Economisch Onderzoek

China: onzekerheden nemen toe

Themabericht

Delen:
  • Directe impact van beurscrash en depreciatie is waarschijnlijk beperkt, maar crash is niet zonder gevaren
  • Terugval groei in eerste helft van dit jaar lijkt vooral geconcentreerd te zijn in de industrie, al suggereren enkele indicatoren ook een verzwakking elders in de economie
  • Stabilisering van de groei in de loop van tweede helft 2015 lijkt waarschijnlijk, maar de onzekerheden zijn groter geworden

Beurs en devaluatie domineren nieuws

Medio augustus verraste China de financiële markten door zijn wisselkoersregime aan te passen en de renminbi in twee dagen met ongeveer 3% ten opzichte van de dollar te laten depreciëren. Hoewel de aanpassing deels tegemoet komt aan eisen van het IMF die aan China zijn gesteld om van de renminbi een reservemunt te maken, speelden andere overwegingen hoogstwaarschijnlijk ook een belangrijke rol. Vlak voor de aanpassing bleek namelijk dat de Chinese exporten in juli met 8% waren gedaald ten opzichte van dezelfde maand een jaar geleden. We verwachten dat de economische impuls die de depreciatie oplevert voor de Chinese economie echter gering is, aangezien de waardedaling buitengewoon klein is, afgezet tegen de sterke reële appreciatie die de renminbi tot voor kort doormaakte (figuur 1). Daarom voorzien we dat de autoriteiten nog een verdere depreciatie van de munt toe zullen staan (zie Rente en Valuta, in ons nog te verschijnen Kwartaalbericht van september).

Figuur 1: Snelle reële appreciatie
 Figuur 1: Snelle reële appreciatieBron: Macrobond
Figuur 2: Forse koerscorrectie
Figuur 2: Forse koerscorrectieBron: Macrobond

Ook de sterke koersdalingen op de Chinese beurzen blijven groot nieuws. Medio juni begonnen de koersen plotseling hard te dalen, toen de overheid het moeilijk maakte om met geleend geld aandelen te kopen (figuur 2). In antwoord hierop voerde de overheid draconische maatregelen in; zo mochten grote aandeelhouders niet verkopen en de overheid kocht indirect grootschalig aandelen op. Niettemin gaan de beurskoersen op het moment van schrijven weer hard onderuit en is de handel in veel aandelen nog steeds stilgelegd. De directe economische impact van de koersdalingen is waarschijnlijk beperkt. Gemiddeld hebben Chinese huishoudens maar een relatief klein deel van hun vermogen in aandelen belegd en aangezien de koersen voor de crash snel stegen, zijn veel aandelen nog steeds een stuk meer waard dan begin dit jaar. Het lijkt daarom onwaarschijnlijk dat de dalingen een grote impact zullen hebben op de consumptie. Verder is de afhankelijkheid van het Chinese bedrijfsleven van beursfinanciering nog steeds vrij klein.

Toch is de crash niet zonder gevaren. Allereerst droeg de financiële sector, nominaal tenminste[1], in de afgelopen kwartalen opvallend sterk bij aan de economische groei (figuur 3). De komende tijd zal deze bijdrage flink kunnen terugvallen. Een nog groter risico is de mogelijke impact op het vertrouwen. Mede dankzij de indrukwekkende stijging van het welvaartsniveau de afgelopen decennia is er veel vertrouwen dat de autoriteiten in staat zijn om de lastige hervormingsuitdagingen aan te gaan. Nu de zeer vergaande maatregelen maar geen effect lijken te sorteren, staat het vertrouwen in het hervormingsbeleid van de autoriteiten ook op het spel.

Voetnoot
[1] Reële data zijn op voor sectoren niet op kwartaalbasis beschikbaar

Dienstensector lijkt het beter te doen dan de industrie, al zijn er ook negatieve signalen

In het tweede kwartaal bedroeg de (officieel gerapporteerde) reële BBP-groei net als in het eerste kwartaal 7% ten opzichte van hetzelfde kwartaal een jaar geleden. De daadwerkelijke groei lag waarschijnlijk een paar procentpunten lager. Tegelijkertijd daalden de importvolumes begin dit jaar vijf maanden op rij (j-o-j; figuur 4). Deze daling beperkte zich niet tot grondstoffen alleen. Dergelijke dalingen lijken op het eerste gezicht moeilijk te verenigen met de data die suggereren dat de groei ondanks een terugval toch nog behoorlijk op peil is gebleven. Allereerst ligt de verklaring waarschijnlijk in het feit dat de officiële data de reële groei ook in het tweede kwartaal overschatten. Daarnaast is de economische terugval het sterkst in de industrie en de bouw, sectoren die sterk afhankelijk zijn van importen.

Figuur 3: Financiële sector draagt sterk bij aan groei
Figuur 3: Financiële sector draagt sterk bij aan groeiBron: Macrobond
Figuur 4: Importen zwak in eerste helft 2015
Figuur 4: Importen zwak in eerste helft 2015Bron: Macrobond

De meeste indicatoren suggereren dat aan de vraagkant de consumptie en aan de aanbodkant de dienstensector nog steeds vrij hard groeien. Niet alleen de officiële BBP-cijfers, maar ook de meeste andere indicatoren wijzen hierop. Zo bleef de groei van de detailhandelsverkopen en het vliegverkeer de afgelopen maanden op peil. De inkoopmanagersindex voor de dienstensector was ook in juli opvallend positief. Wel nam het aantal vacatures per werkzoekende voor het tweede kwartaal op rij af. Nog steeds zijn er relatief veel vacatures, maar als deze trend doorzet zou dit de consumptiegroei wel kunnen verzwakken. Ook daalden de autoverkopen de laatste maanden flink en rapporteerde een aantal Westerse bedrijven tegenvallende resultaten. Niet uit te sluiten valt dat de groei van de consumptie en de dienstensector daarom toch meer onder neerwaartse druk staat dan de officiële data suggereren. 

Overheid remt terugval, maar onzekerheden zijn toegenomen

Recente data suggereren dat de economische activiteit weer aan het verzwakken is, na een korte opleving in de loop van het tweede kwartaal. Zo waren de inkoopmanagersindices voor de maakindustrie (maar dus niet die voor de dienstensector) in juli en augustus erg zwak en daalde de export in juli hard (figuur 5). Tegelijkertijd verwachten we zoals reeds gemeld dat de bijdrage van de financiële sector aan de groei door de ontwikkelingen op de beurzen zal terugvallen. Naar verwachting zal de overheid de komende tijd echter meer bijdragen aan de groei, nadat de uitgaven van lokale overheden begin dit jaar onder druk kwamen te staan door financiële hervormingen die het moeilijker maakten voor lokale overheden om investeringen te financieren. Begin augustus kondigde de centrale overheid extra uitgifte van obligaties aan door beleidsbanken voor investeringen in onder andere huisvesting en pijpleidinginfrastructuur. Daaraan voorafgaand vonden herkapitalisaties plaats die banken in de gelegenheid moeten stellen meer uit te lenen. Deze kredietimpuls, die de nog steeds hoge kredietgroei verder op zal drijven, zal de economische activiteit een impuls geven in de tweede helft van het jaar. Het meest waarschijnlijk achten we daarom een stabilisatie van de groei in de loop van het tweede halfjaar, waarbij dan een langzame neerwaartse trend van de economische groei op jaarbasis tot stand komt (figuur 6). Daarbij zijn de onzekerheden dit jaar echter wel een stuk groter geworden en kunnen stimuleringsmaatregelen de overgang naar een duurzamer groeimodel vertragen.

Figuur 5: Ontkoppeling diensten en maakindustrie?
Figuur 5: Ontkoppeling diensten en maakindustrie?Bron: Macrobond
Figuur 6: Groeiprognose
Figuur 6: GroeiprognoseBron: Macrobond
Delen:
Auteur(s)

naar boven