RaboResearch - Economisch Onderzoek

De verborgen rijkdom van omgekeerd scheefwonen

Column

Delen:

De wijk waarin ik woon is een van de gezelligste multiculturele wijken van de stad. Of misschien wel van heel Nederland, zeg ik met typisch Amsterdamse bescheidenheid. In mijn straat wonen rijk en arm letterlijk tegenover elkaar: aan de ene kant staan sociale huurwoningen, aan de andere kant koopwoningen, allemaal gebouwd rond het jaar 1900. Behalve het eigendom zijn de woningen vergelijkbaar qua grootte en staat van onderhoud. Als je zo’n woning koopt, zijn je netto hypotheeklasten en VvE-bijdrage samen ongeveer € 750 per maand. Mijn overburen betalen, na aftrek van huursubsidie, rond de € 250 huur per maand. En dat vind ik niet alleen prima, dat is geweldig! Want wonen in een fatsoenlijke woning is een groot maatschappelijk goed.

Dat een sociale huurder met € 250 netto veel meer woonruimte kan consumeren dan een koper (laat staan een huurder in de private sector), zie je echter niet terug in de statistieken van de inkomensverdeling. De gebruikelijke statistieken van inkomensverdeling houden rekening met inkomensoverdrachten door belasting, subsidies en toeslagen. Dankzij deze overdrachten zijn de besteedbare inkomens van huishoudens in Nederland veel gelijker verdeeld dan de primaire inkomens uit arbeid en vermogen. Met de huursubsidie en de hypotheekrenteaftrek wordt dus rekening gehouden in de definitie van besteedbaar inkomen, maar niet met het feit dat de brutohuur in de sociale woningbouw vaak lager is dan de vrije marktprijs. Terwijl het extra herverdelingseffect door deze ‘woonprijsdifferentiatie’ substantieel is. Wanneer je hiervoor corrigeert, dan wordt de inkomensverdeling voor wat betreft koopkracht nog gelijker.

De appartementen bij mij in de straat zijn vrij klein en op termijn zou ik wel willen verhuizen naar een wijk met iets bredere straten en ruimere woningen. Bijvoorbeeld de wijk waar een goede vriend van mij woont. Laten we hem Jasper noemen. We hebben ooit dezelfde studie gevolgd maar daarna liepen onze levenspaden in financieel opzicht uiteen. Aan het einde van de maand houd ik van mijn salaris geld over; hij komt met zijn bijstandsuitkering altijd net tekort. Het is duidelijk dat wij ons niet in hetzelfde inkomensdeciel bevinden. Maar als een ‘omgekeerde scheefwoner’ heeft Jasper de beschikking over een ruime sociale huurwoning in een zeer gewilde buurt. Op dit moment kan ik nog niet voldoende lenen om een woning bij hem in de straat te kopen. En hoewel ik niet met hem zou willen ruilen ben ik toch een beetje jaloers op zijn mooie huis. Nog even doorsparen dus, voordat ik net zo rijk kan wonen als mijn armlastige vriend.

Delen:
Auteur(s)

naar boven