RaboResearch - Economisch Onderzoek

Proost!

Column

Delen:

De feestmaand is weer begonnen. Een maand waarin we net iets meer eten en drinken dan normaal. Gezellig met zijn allen aan tafel, behalve natuurlijk mijn vriend en mijn zwager die op gezette tijden staan te blauwbekken op het balkon – want hun vieze sigarettenrook willen we uiteraard niet binnen hebben. In januari volgen dan de goede voornemens. We willen slanker en fitter worden, dus méér bewegen, minder roken, drinken en eten. Voor de schatkist is het prettig als mijn vriend en mijn zwager blijven roken, want een pakje per dag levert maar liefst € 1 BTW en € 3 accijns op. Kassa! Daar staan weliswaar hogere zorgkosten tegenover, maar deze worden grotendeels teniet gedaan doordat rokers gemiddeld minstens vijf jaar korter leven.

Voor hun eigen portemonnee kunnen mijn vriend en mijn zwager het dagelijkse pakje sigaretten beter inruilen voor een sixpack bier, want de accijns op bier is met een miezerige 7½ cent per liter gelijk aan het tarief van de verbruiksbelasting op limonade. Op de wijn die wij bij onze maaltijd nuttigen is het tarief iets hoger, namelijk 88 cent per liter.

De gezondheidsrisico’s bij matig roken liggen vele malen hoger dan bij matig alcoholgebruik. Toch vinden wij aan tafel het verschil tussen de accijns op tabak en op alcohol wel heel erg groot. En speculeren we over mogelijke redenen. Zitten er te weinig rokers in de Tweede Kamer? Is de dranklobby in Nederland machtiger dan de tabakslobby? Is het maatschappelijk meer geaccepteerd om je geest te benevelen dan je longen aan te tasten? Voor de arbeidsproductiviteit en verkeersveiligheid is waarschijnlijk eerder het laatste te verkiezen.

Los van de waaromvraag is er de impact op de huishoudfinanciën. Laagopgeleiden roken meer dan hoger opgeleiden, dus de lagere inkomens betalen beduidend meer tabaktaks. Zo bezien is de accijns op tabak een van de meest denivellerende fiscale regelingen. Een belangrijke vraag is dan ook hoe om te gaan met de budgettaire consequenties van roken voor mensen met een laag inkomen. Het Nibud gaat uit van een gemiddeld budget voor voeding van ongeveer € 6 per volwassene per dag. Een standaardbudget voor genotmiddelen is er niet, terwijl een pakje sigaretten ook al gauw € 6 kost. Verstokte rokers die in de schuldsanering belanden zullen dus ook grote moeite hebben om rond te komen van het vastgestelde leefgeld als zij niet minderen met roken.

Voorlopig blijven mijn vriend en mijn zwager helaas nog wel doorpaffen. Terwijl zij buiten staan, wordt aan tafel een extra fles wijn ontkurkt. Het bespreken van onze eigen goede voornemens stellen we nog even uit. We mopperen liever op de rokers en op de oneerlijke tabaktaks. En als we onze glazen nog een paar keer bijvullen denk ik dat we aan het einde van de avond een briljant plan hebben om het belastingstelsel grondig te hervormen. Volgens onszelf, natuurlijk.

Delen:
Auteur(s)

naar boven