RaboResearch - Economisch Onderzoek

De Italiaanse Januskop

Column

Delen:

Een januskop is letterlijk een hoofd dat aan zowel de voor- als de achterzijde een gezicht heeft. Als beeldspraak is de januskop iets of iemand met diverse en dan met name tegengestelde eigenschappen of karakteristieken. Neem de Italiaanse financieel-economische situatie. Italië heeft op Griekenland na de hoogste staatsschuldquote van de eurozone. Het land kende het afgelopen decennium per saldo een afname van de pro­ductie per werknemer en verloor ruimschoots terrein voor wat betreft zijn internationale prijsconcurrentievermogen. Dat is een grimmig gezicht, hoor ik u denken en dat kan ik me goed voorstellen. Maar tegelijkertijd heeft Italië een betrekkelijk gering tekort op de overheidsbegroting. Gemiddeld genomen is het gewoon een rijk land dat bovendien ongeveer twee derde van zijn eigen staatsschuld binnenlands financiert. Dat is uiteraard een veel vriendelijker gezicht. Italië heeft weinig acute problemen en moet zich vooral richten op het verstevigen van het groeivermogen op termijn, om zo meer draagkracht onder de hoge staatsschuld te kweken.

Het democratisch veto van de markten

Ondertussen worstelen markten met deze twee gezichten van Italië. Als vooral de grimmige kant van de Italiaanse januskop zichtbaar of onder de aandacht is, dan zal men uit voorzorg meer geneigd zijn het land in de beleggingsportefeuille even links te laten liggen. En als voldoende partijen dat doen, dan ontstaat automatisch een acuut financieringsprobleem voor de Italiaanse overheid. De hoge schuld moet namelijk wel doorlopend worden geherfinancierd om het überhaupt mogelijk te maken dat een verstevigd groeivermogen op lange termijn zijn werk kan doen. Een regering die niet op een geloofwaardige manier inzet op de benodigde hervormingen om dat groeivermogen te verstevigen, riskeert dus een financieringsstop.

De recente –en ook de bijna onvermijdelijke weer aanstaande– verkiezingen lijken daarmee minder te gaan om welk type beleid de Italiaanse regering gaat voeren, maar enkel om wie het door de markten vereiste beleid gaat doorvoeren. Ik heb de afgelopen tijd veel mensen gesproken die dit een erg onwenselijke situatie en zelfs een aantasting van de Italiaanse democratie vinden. Dat gevoel begrijp ik heel goed, maar tegelijkertijd heeft Italië in het verleden natuurlijk in volledige vrijheid gekozen voor regeringsbeleid dat het land steeds meer afhankelijk maakt van de grillen en de eisen van diezelfde markt. Het gebrek aan keuze op dit moment, het veto dat de markten in feite mogen uitspreken over het Italiaanse beleid, is wat dat betreft een vrije keuze geweest uit het verleden.

Welke kop willen investeerders zien?

Op het moment van schrijven is het nog onduidelijk of er nu een Italiaanse regering kan worden samengesteld en zo ja, hoe deze eruit gaat zien en wie haar zou gaan leiden. Europa houdt zich (grotendeels) afzijdig in dit proces en de markt wacht af. Daarbij maakt het de investeerders in Italiaanse staatsobligaties, zoals gezegd, in principe niet uit welke persoon de nieuwe Italiaanse premier wordt, als hij hen maar de vriendelijke kant van de Italiaanse januskop kan laten zien. Gelet op de op zijn zachtst gezegd weinig toegeeflijke campagnes die Silvio Berlusconi en Beppe Grillo voerden, zouden deze beide politieke leiders in elk geval eerst de andere kant van hun eigen januskop moeten tonen om daarin te kunnen slagen.

Delen:
Auteur(s)
Allard Bruinshoofd
Rabobank KEO
030 21 62666

naar boven