RaboResearch - Economisch Onderzoek

Mannen met halve plannen

Column

Delen:

Het is weer zover. Net als de afgelopen jaren wil de Nederlandse overheid extra bezuinigen om te voldoen aan de Brusselse regels. Terwijl de bewijzen zich opstapelen voor het gegeven dat het feitelijke tekort van de overheid in 2014 absoluut niet het belangrijkste kengetal is voor de gezondheid van de overheidsfinanciën, blijft het merendeel van de politici in Den Haag zich blindstaren op die 3%. Ik snap dit Haagse misverstand niet. Een aantal argumenten nogmaals op een rij.

Ten eerste is het belangrijkste schuldenprobleem van Nederland niet dat van de overheid. Ja, de bruto overheidsschuld is opgelopen, maar niet dramatisch in historisch en internationaal perspectief. De schuld van huishoudens is daarentegen een veel groter probleem. Tegenover de hoge bruto schuld staan weliswaar bezittingen, vooral in de vorm van pensioenen en huizen. Maar een hoge bruto schuldpositie maakt huishoudens kwetsbaarder en de bezittingen zijn niet liquide te maken. Daarnaast is de verdeling erg scheef, waardoor steeds meer gezinnen problemen krijgen om hun financiën rond te krijgen. In zo’n zogeheten balansrecessie willen huishoudens sparen om schulden af te bouwen. Wanneer de overheid tegelijkertijd bezuinigt, leidt dat tot minder koopkracht en hogere werkloosheid. Daardoor wordt het voor huishoudens nog lastiger om hun schulden af te bouwen.

Ten tweede getuigen de steeds weer bijgestelde ramingen voor economische groei deels van een onderschatting van de effecten van bezuinigingen op die groei. Tegenstanders van dit argument geven aan dat de overheid nog altijd meer geld uitgeeft dan voor 2008. Ofwel dat ‘bezuinigen’ niets anders is dan het remmen van de uitgavenstijging. Dit klopt deels. In de afgelopen jaren werd de uitgavenstijging deels beperkt door het verhogen van de lasten. Dat de uitgaven desondanks niet verder daalden, komt vooral door de forse stijging van de zorguitgaven die onvoldoende wordt afgeremd. Een kwestie van prioriteren, maar heeft wel degelijk geleid tot bezuinigingen op andere terreinen. Feit blijft dat door telkenmale te mikken op een kortetermijnsaldodoelstelling, de nadruk komt te liggen op paniekbezuinigingen en lastenverzwaringen met schade voor de economie waardoor weer nieuwe bezuinigingen noodzakelijk zijn.

Ten derde gaat het bij overheidsfinanciën niet om de vraag of er volgend jaar een tekort is. Dat is alleen zo wanneer ons land geen toegang zou hebben tot de kapitaalmarkt en dus het tekort niet zou kunnen financieren. Het omgekeerde is eerder het geval. De rente op Nederlandse staatsobligaties is ongekend laag. Voor Nederland gaat het over de houdbaarheid van de overheidsschuld. Bij een houdbaarheidsoverschot zijn de toekomstige overheidsinkomsten ruim voldoende om de toekomstige overheidsuitgaven inclusief de rente op de bestaande overheidsschuld te betalen. De toekomstige generaties kunnen van een vergelijkbaar voorzieningenniveau profiteren als de huidige generaties zonder de belastingen te hoeven verhogen, terwijl de staatsschuldquote daalt. Nederland heeft op dit moment zelfs een houdbaarheidsoverschot.

Ten vierde blijkt dat de hoogte van de overheidsschuld de economische groei ook bij een tekort de komende jaren nog niet bedreigt. Het Centraal Planbureau beargumenteert dat er wel een verband is tussen groei en schuld en dat de economische groei pas terugloopt bij een schuld van ergens tussen de 80 en de 100%-BBP. Maar, voegt het er aan toe, in landen met een goede reputatie op het gebied van begrotingsdiscipline, grote pensioenfondsen en een omvangrijk positief saldo op de lopende rekening zou die relatie zich pas bij een hoger schuldniveau voordoen. Bij de huidige vooruitzichten voor de langere termijn is er geen enkele reden om aan te nemen dat de overheidsschuld voor Nederland een belangrijk probleem wordt.

Ik snap niet dat politici in Den Haag doorgaan op deze heilloze weg. Ik vind dat Haagse dommigheid. Het laaghangende fruit is inmiddels geplukt, meer uitgavenbezuinigingen vragen scherpe en goed doordachte keuzes. Dus tijd. Mijn idee is heel simpel. Staar je niet blind op het terugdringen van het tekort tot onder de 3% volgend jaar, maar zet juist in op het versneld doorvoeren van de structurele hervormingen, zoals de afbouw van de hypotheekrenteaftrek. Da’s veel verstandiger macro-economisch beleid, waar we aanzienlijk langer mee vooruit kunnen.

Delen:
Auteur(s)
Hans Stegeman
RaboResearch Nederland Rabobank KEO
030 21 62666

naar boven