RaboResearch - Economisch Onderzoek

This article is also available in English

Nederland terug in recessie

Economisch commentaar

Delen:

De Nederlandse economie werd in het vierde kwartaal van 2012 voor het tweede kwartaal op rij kleiner. Daarmee is de derde recessie in de afgelopen vier jaar een feit. Recente ont­wik­ke­lingen wijzen op stabilisatie, maar de vooruitzichten blijven zwak en onzeker. 

In het vierde kwartaal van 2012 daalde het Nederlandse BBP-volume met 0,2% ten opzichte van het voorgaande kwartaal (figuur 1). Dit is een aanzienlijk minder grote krimp dan in 12K3, toen de econo­mische activiteit met 1% k-o-k terugviel. Maar doordat dit het tweede kwartaal van economische krimp op rij is bevindt de Nederlandse economie zich voor de derde keer sinds begin 2008 in recessie. In te­gen­stelling tot de periode tussen de Grote Recessie van 2008/2009 en de recessie van 2011 is de econo­mie tussen die laatste recessie en de huidige periode van krimp nauwelijks hersteld. In de eerste twee kwartalen van 2012 groeide de economie met slechts 0,1% en 0,2% per kwartaal. Hoewel de huidige ontwikkeling nu de boeken in gaat als een ‘triple-dip’ kunnen we stellen dat de huidige recessie eigenlijk al in het tweede kwartaal van 2011 is gestart. In 2012 als geheel is het reële BBP met 0,9% gedaald ten opzichte van 2011. Het BBP-niveau was in 12K4 3,2% lager dan in het eerste kwartaal van 2008. De Nederlandse krimp steekt relatief positief af bij de cijfers voor de andere landen in het eurogebied (zie Macro Comment 13/03). De economie van het eurogebied als geheel kromp met 0,6%. Daarentegen was Nederland in het derde kwartaal juist een negatieve uitschieter. Toen kromp het Nederlandse BBP met 1% en het eurogebied als geheel met 0,1%. Per saldo heeft de Nederlandse economie zich in de tweede helft van 2012 dus aanzienlijk slechter ontwikkeld dan het eurogebied als geheel.

Buitenlandse vraag omhoog, binnenlandse vraag omlaag

Met 0,6% groei herstelde het exportvolume gedeeltelijk van de sterke daling in 12K3. Naast het terug­veren van de sterke krimp in 12K3 heeft de Neder­landse export in 12K4 wellicht goed aansluiting kunnen vinden bij de hogere groei van de wereld­handel. De hernieuwde groei van de export heeft de krimp van het BBP kleiner kunnen maken, maar was niet voldoende om de verdere daling van de binnen­landse beste­dingen te kunnen compenseren. De daling van de particuliere consumptie versnelde naar 1,1% k-o-k na een krimp van 0,4% in 12K3. De daling van de reële lonen door de btw-verhoging van 1 okto­ber en de daling van het consumentenvertrouwen na de publicatie van het regeer­akkoord zijn daarbij belangrijke factoren geweest. De private investeringen herstelden voor een deel van de zeer grote krimp in het kwartaal ervoor en namen met 3,3% toe. Wij zien dit voor­al als terugveren na een zeer sterke daling en verwachten niet dat bedrijven door betere economi­sche omstandigheden aanleiding za­gen om het investerings­volume te verhogen. De overheids­bestedingen daalden fors. In 12K3 was dit nog het enige onderdeel van de binnenlandse bestedingen dat een positie­ve bijdrage leverde aan de eco­nomische groei. De daling in het vierde kwartaal past bij het beeld van een overheid die door minder uit te geven het begro­tingstekort pro­beert te verla­gen.

Figuur 1: Derde recessie in afgelopen vier jaar
Figuur 1: Derde recessie in afgelopen vier jaarBron: CBS
Figuur 2: Werkgelegenheid daalt verder
Figuur 2: Werkgelegenheid daalt verderBron: CBS

Werkgelegenheid en vacatures omlaag

Het aantal werknemers nam in 12K4 verder af, met 0,2% k-o-k. Hoewel dit een iets kleinere krimp is dan in 12K3 daalt de werkgelegenheid al vijf kwartalen op rij. In 12K4 was het aantal werknemers 2% lager dat begin 2008 (figuur 2). De werkgelegenheid daalde in vrijwel alle secto­ren. De grootste daling vond net als in het derde kwartaal plaats in de bouwnijverheid en de verhuur en handel van onroerend goed. Omdat de groei van de beroepsbevolking in het laatste kwartaal van 2012 versnelde, nam de werkloos­heidsstijging in tempo toe. De werkloosheid bereikte in december 5,8% van de beroepsbevolking (internationale definitie), een niveau dat sinds 1997 niet meer is be­haald. Het aantal openstaande vacatures daalde net als in de afgelopen kwar­talen gestaag verder. Bij de overheid daalde het aantal vacatures als gevolg van de bezuinigingsopera­ties naar een nieuw dieptepunt.

Stabilisatie in 2013

Op de korte termijn lijkt de recessie voort te duren. De Economisch Sentiment Indicator (ESI) steeg voorzichtig in zowel december als januari, maar blijft op een zeer laag niveau (figuur 3). Een terugkeer naar eco­nomische groei in het eerste kwartaal is niet waarschijnlijk. Wel zien wij voorzichtige tekenen van stabili­satie. De inkoopmanagersindex (PMI) voor de industrie steeg in januari tot boven de theore­tische grens tus­sen krimp en groei van 50. In een andere enquête kwam het punt waar evenveel onder­nemers hun or­ders zien stijgen als dalen in zicht. Bovendien zijn sentimentsindicatoren in een aantal grote economieën de afgelo­pen maanden verbeterd. Wij verwachten dan ook dat de exportgroei de komende tijd verder kan aansterken. Het consumentenvertrouwen blijft zeer laag, maar met de recente rustige periode op de financiële markten, met stijgende beurskoersen wereldwijd tot gevolg, kan het vertrouwen wellicht iets verbeteren. Hoewel dit niet voldoende zal zijn om de neerwaartse kracht van een dalend reëel beschik­baar inkomen van huishoudens op de consumptie te compenseren, kan het wel bijdragen aan een min­der sterke krimp. Gegeven de lage bezettingsgraad in de industrie zullen de investeringen van het be­drijfs­leven ook dit jaar zwak blijven. De overheidsbestedingen zullen door de bezuinigen verder blijven dalen.

Al met al verwachten wij voor 2013 als geheel een economisch beeld dat lijkt op de ontwikke­ling­en in het afgelopen kwartaal, met groeiende export en dalende binnenlandse bestedingen. Wij verwach­ten dat de exportgroei in de loop van het jaar sterk genoeg zal zijn om een wat minder sterk krimpende binnen­landse vraag te compenseren, zodat de economie als geheel voorzichtig weer kan groeien. Voor­lopig blijft de werkloosheid naar verwachting echter nog stijgen en blijft het aantal faillissementen op een hoog niveau. Bovendien blijft het risico groot dat een wederopleving van de Europese schuldencrisis of een nieuwe ronde van bezuinigingen onze verwachtingen te optimistisch maken. 

Figuur 3: Sentiment blijft negatief

Figuur 3: Sentiment blijft negatief

Bron: Reuters Ecowin, Rabobank

Delen:
Auteur(s)

naar boven