RaboResearch - Economisch Onderzoek

Op een kluitje in de Randstad of alleen in het weiland?

Column

Delen:

Ik woon in een van de meest welvarende landen ter wereld, in een van de duurzaamste regio’s van Nederland (Utrecht), in de meest besproken VINEX-wijk (Leidsche Rijn) en op een steenworp afstand van snelweg, openbaar vervoer, scholen en winkels. Tevens heb ik de ‘luxe’ dat ik in twintig minuten naar mijn werk en de binnenstad van Utrecht fiets. Veel mensen zullen dit ver vinden. Wil ik de natuur in, dan ben ik in een kwartier in het Groene Hart. De ideale woon- en werkomgeving lijkt me zo, voor mij in ieder geval. Hoe je een leefomgeving waardeert is immers subjectief. En zo ook de duurzaamheid van zo’n regio.

De meeste mensen in Nederland willen in een omgeving wonen met voldoende voorzieningen, het liefst in de buurt van het werk. Als een van de meest dichtbevolkte landen ter wereld zijn we eraan gewend geraakt dat alles binnen handbereik is. Wat wij in onze leefomgeving waarderen verschilt vaak van wat mensen ‘elders’ als een duurzame samenleving beschouwen. Tijdens mijn reis door Tasmanië (een staat in een van de meest dunbevolkte landen ter wereld - Australië) had ik dan ook regelmatig gesprekken over Nederland. Tasmanië heeft slechts 500.000 inwoners (vergelijkbaar met de gemeente Den Haag) op een landoppervlakte van bijna tweemaal Nederland. Men kon zich dan ook niet voorstellen dat wij met ruim 16 miljoen inwoners op de helft van hun oppervlakte wonen. “How do you people live?” en “Do you actually have farmland?” Ja, het merendeel van ons land is bestemd voor agrarisch grondgebruik. Wat voor ons Nederlanders zo normaal is, konden de Tasmaniërs zich niet voorstellen.

Met zo’n hoge bevolkingsdichtheid oefenen wij dan ook een behoorlijke druk uit op het milieu. We doen een veel groter beroep op natuurlijke hulpbronnen dan houdbaar is ten opzichte van mensen elders en toekomstige generaties. Kan mijn driejarig nichtje later op volwassen leeftijd van dezelfde kwaliteit natuur genieten als ik momenteel doe? Waarschijnlijk niet.

Wat op nationaal niveau van belang is voor alle Nederlanders, kan op regionaal en lokaal niveau sterk verschillen. Objectief gezien zijn de meest duurzame regio’s in de Randstad gelegen, tussen en rondom de grootstedelijke gebieden. De onderlinge verschillen in duurzaamheid tussen deze regio’s zijn aanmerkelijk. Hierdoor is het bijvoorbeeld niet vreemd dat het sociaaleconomisch klimaat in de grote steden minder gunstig en stabiel is dan in minder dichtbevolkte regio’s.

De subjectieve beleving van duurzaamheid verschilt daarbij ook aanzienlijk. Want ondanks dat we zo dicht op elkaar wonen, is het in de grote steden redelijk normaal dat sommige buren onbekenden voor je zijn. Deze grootstedelijke ‘mentaliteit’ spreekt niet iedereen aan en is voor een deel van mijn vriendenkring de reden dat zij één voor één weer teruggaan naar Brabant of Limburg. Voor hen is de nabijheid van familie blijkbaar belangrijker bij de waardering van hun leefomgeving dan de grootstedelijke voorzieningen. Persoonlijke voorkeuren van mensen en waar zij graag willen wonen en werken zijn dus niet universeel en ‘maakbaar’. Voor mij zijn de uitlaatgassen op mijn balkon van het voorbijkomende verkeer geen issue, voor iemand die de voorkeur geeft aan rust en ruimte juist wel. Wat een regio duurzaam maakt is dus afhankelijk van degene aan wie je het vraagt en in welke levensfase hij of zij verkeert. Zoveel mensen, zoveel behoeften.

Delen:
Auteur(s)
Cynthia Briesen
Rabobank KEO

naar boven