RaboResearch - Economisch Onderzoek

Eurozone: één zwaluw, geen zomer

Economisch commentaar

Delen:

In 13K2 is de eurozone recessie tot een eind gekomen. Op het eerste gezicht stemmen zowel harde data als sentimentsindicatoren positief over het toekomstig herstel. Verschillen binnen de eurozone zijn echter groot en economische tegenwinden blijven onverminderd aanwezig.

In 13K2 is het Bruto Binnenlands Product (BBP) van de eurozone met 0,3% k-o-k gegroeid ten opzichte van een krimp van 0,3% k-o-k in 13K1. De groei is hoger dan verwacht, met name door een beter dan verwacht tweede kwartaal in Frank­rijk en een kleinere krimp dan verwacht in Italië en Spanje. Groei in de kernlanden (Nederland uitgezonderd, zie Macro Comment 13/20) en Portugal, in combinatie met een kleinere krimp in de andere perifere lidstaten, brengt de zes kwartalen durende eurozone recessie tot een eind.

De samenstelling van de eurozone groei is nog niet bekend. Wat uit tot op heden beschikbare data naar voren komt is dat de export in diverse lidstaten is toegenomen. De positieve impuls van de netto export bleef echter beperkt doordat ook de importgroei is gestegen. De relatief sterke groei in Duitsland en Frankrijk is dan ook met name te danken aan binnenlandse bestedingen. Deze toename is positief te noemen, daar het mogelijk duidt op normalisatie van de economische situatie. De positieve impulsen voor het BBP komen in deze landen echter gedeeltelijk voort uit tijdelijke factoren zoals investeringsherstel na een strenge winter, hogere energieconsumptie door een koude lente en verbeteringen in volatiele productiereeksen.

Figuur 1: BBP-ontwikkeling in eurozone-lidstaten

Figuur 1: BBP-ontwikkeling in eurozone-lidstaten

Bron: Reuters EcoWin

Vooruitkijkend stemmen oplopende sentimentsindicatoren optimistisch. De samengestelde inkoopmanagersindex (PMI, figuur 2) kwam in juli voor het eerst sinds augustus 2011 uit boven de neutrale grenswaarde van 50 (50,5). De huidige sentimentniveaus wijzen daarmee ook op een toename van de economische activiteit in 13K3. Ook de Economisch Sentiment Indicator (ESI) van de Europese Commissie is stijgende: het driemaands gemiddelde nam in juli toe naar het hoogste niveau in 13 maanden (figuur 3).

Figuur 2: BBP-groei en PMI
Figuur 2: BBP-groei en PMIBron: Reuters EcoWin
Figuur 3: EC economisch sentiment indicator
Figuur 3:  EC economisch sentiment indicatorBron: Reuters EcoWin

Op basis van de BBP-ontwikkeling in 13K2 en de stijging van diverse sentimentsindicatoren kan men concluderen dat de economie van de eurozone zich op een keerpunt bevindt. Wij benadrukken echter dat hierbij enige voorzichtigheid is geboden. Allereerst blijven er zowel dit als volgend jaar verschillende factoren een forse rem zetten op het economisch herstel. Ondanks het uitstel van de begrotingsdoelstellingen van diverse lidstaten door de Europese Commissie afgelopen voorjaar blijft de noodzakelijke begrotingsinspanning de komende jaren zeer fors. Naast deze budgettaire inspanning bevinden met name de Zuid-Europese landen zich nog midden in een proces van private schuldafbouw. Gekoppeld aan de, met name in Zuid-Europa, nog altijd zeer moeizame kredietverlening (figuur 4), zal dit ervoor zorgen dat de binnenlandse bestedingen in de eurozone ook in 2014 slechts zeer beperkt zullen groeien. Voornamelijk op basis van een positieve bijdrage van de netto export verwachten wij voor 2014 een BBP-groei van 3/4%. Dit is weliswaar een duidelijke verbetering ten opzichte van de verwachte BBP-krimp van 1/2% in 2013, maar deze groei is naar onze verwachting onvoldoende sterk om de hoge werkloosheid in de eurozone (12,1%) omlaag te brengen.

Daarnaast zijn de sentimentsverschillen binnen de eurozone nog altijd groot en ligt het driemaands gemiddelde van de ESI vooralsnog in alle lidstaten onder het langjarig gemiddelde. De sentimentsverbetering in de eurozone blijft dus broos en sterk afhankelijk van de ontwikkelingen omtrent de Europese schuldencrisis. Door de aankondiging van het Outright Monetary Transactions programma van de ECB en de kwantitatieve verruiming in met name de VS en Japan zijn de rentes op Europese staatsobligaties sinds eind vorig jaar behoorlijk gedaald. Een sneller dan verwachte afbouw van de monetaire stimulering in de VS (‘tapering’) kan de rentes echter weer doen oplopen en daarmee de discussie over de schuldhoudbaarheid van diverse perifere overheden aanzwengelen. De recente rentestijging in Portugal laat zien dat tegen deze achtergrond politieke instabiliteit zich weer nadrukkelijk op de radar van de financiële markten bevindt. Daarnaast constateren wij dat de lage marktrentes de druk bij Europese politici wegnemen om verdere beleidsstappen te zetten en ook de positieve BBP cijfers van het tweede kwartaal zullen de druk voorlopig niet opvoeren. Dit is ongewenst, daar de institutionele herinrichting van de eurozone nog duidelijk onvoltooid is (voor meer informatie zie de recente Rabobank Special 13/08: institutionele herinrichting eurozone).

Figuur 4: Eurozone kredietverlening private sector
Figuur 4: Eurozone kredietverlening private sectorBron: Reuters EcoWin
Figuur 5: Rente op 10 jaars staatsobligaties
Figuur 5: Rente op 10 jaars staatsobligatiesBron: Reuters EcoWin
Delen:
Auteur(s)
Maartje Wijffelaars
RaboResearch Global Economics & Markets Rabobank KEO
06 2257 0569

naar boven