RaboResearch - Economisch Onderzoek

27 oktober 2017

Grote regionale verschillen in brede welvaart

De brede welvaartsindicator (BWI) is een indicator ontwikkeld door de Rabobank en de Universiteit Utrecht. Deze indicator, die alle aspecten van welzijn meeneemt, is een bruikbaar alternatief voor het bruto binnenlands product (bbp). Het afgelopen jaar is de brede welvaart in Nederland toegenomen, maar in tegenstelling tot economische groei is deze nog niet terug op het niveau van voor de economische crisis. De regionale verschillen in brede welvaart zijn groot. Opvallend is dat de grote steden een lagere brede welvaart hebben dan de rest van Nederland. De regionale BWI vormt een startpunt voor beleidsmakers om regionale knelpunten aan te pakken.

Download hier het volledige rapport of lees onder de infographic en video een samenvatting.

 

Infographic

Infographic Brede welvaart

Video

 

De Brede Welvaartsindicator (BWI): een integrale maatstaf voor menselijk welbevinden

Tot nu toe wordt het concept bruto binnenlands product (bbp) per hoofd vaak gebruikt om de welvaart van mensen te meten. Economische groei is echter niet het enige wat de welvaart van Nederlanders bepaalt. Ook aspecten als gezondheid, inkomen, onderwijs, veiligheid, milieu en geluk zijn hiervoor van belang. Deze aspecten komen echter onvoldoende aan bod binnen het bbp. Daarom hebben de Universiteit Utrecht en de Rabobank in 2016 de Brede Welvaartsindicator (BWI) ontwikkeld, die alle aspecten die van belang zijn voor het menselijk welbevinden meet langs elf dimensies. De Brede Welvaartsindicator 2017 is bijgewerkt voor 2016 en geregionaliseerd voor alle Nederlandse provincies en de veertig arbeidsmarktgebieden.

Brede welvaart nog niet hersteld van de crisis

De Brede Welvaartsindicator en de economische groei, gemeten aan de hand van het bbp, hebben in Nederland duidelijk een ander verloop (figuur 1). Tot 2009 vertoont zowel het bbp als de BWI een opwaartse ontwikkeling. In 2009 daalde het bbp echter sterk, terwijl de brede welvaart nagenoeg gelijk bleef. In die periode hielden veel bedrijven nog vast aan hun werknemers en bleven de lonen stijgen. Vanaf 2010 begint de brede welvaart te dalen. In 2013 was de werkloosheid sterk toegenomen. Tegelijkertijd daalde ook het subjectieve welzijn van mensen. De nieuwe gegevens voor 2016 laten zien dat pas in het afgelopen jaar ook de BWI flink is toegenomen, onder meer door een afname van de werkloosheid. Opvallend hierbij is dat het bbp in 2016 al terug was op het niveau van voor de crisis, terwijl dit nog niet geldt voor de BWI. De brede welvaart is met andere woorden nog niet hersteld van de crisis.

Als we kijken naar de ontwikkeling van de dimensies van de BWI in de afgelopen dertien jaar dan zien we dat de verschillende dimensies zich ook heel verschillend  hebben ontwikkeld. De dimensies arbeid en wonen zijn sterk gedaald, door de gestegen werkloosheid, de toegenomen flexibilisering van arbeid, en de lagere woontevredenheid. De dimensies veiligheid en milieu zijn juist sterk toegenomen doordat de gewelddadige misdaad is gedaald en de fijnstofuitstoot sterk is verminderd.

Figuur 1: Ander verloop brede welvaart en economische groei
Figuur 1: Ander verloop brede welvaart en economische groei
Bron: Rabobank/UU

 

BWI in grote steden lager dan in de rest van Nederland

De regionale verschillen in brede welvaart zijn groot in Nederland (figuur 2). Opvallend is dat grootstedelijkheid over het algemeen samengaat met een lagere brede welvaart. De drie grootste steden Amsterdam, Rotterdam en Den Haag hebben zelfs de laagste brede welvaart van Nederland. De lagere brede welvaart in de grote stad wordt veroorzaakt door een lagere score op een groot deel van de dimensies, maar vooral de lage woontevredenheid en de grotere onveiligheid dragen sterk bij aan een lagere BWI. De meer landelijke regio’s scoren over het algemeen een stuk hoger op de dimensies wonen en veiligheid.

Figuur 2: Grote verschillen in brede welvaart tussen Nederlandse regio’s
Figuur 2: Grote verschillen in brede welvaart tussen Nederlandse regio’s
Bron: Rabobank/UU

 

De Brede Welvaartsindicator als instrument voor beleidsmakers

De brede welvaart in Nederland ontwikkelt zich anders dan de economische groei. Verder blijken de regionale verschillen groot te zijn, waarbij de stedelijke gebieden relatief slecht scoren. Dit maakt het des te belangrijker dat beleidsmakers bij het ontwikkelen van een visie om de welvaart te verhogen niet alleen kijken naar economische groei maar alle dimensies van welvaart in ogenschouw nemen. De Brede Welvaartsindicator kan dienen als startpunt om de regionale knelpunten vanuit een breder perspectief aan te pakken.

Zie ook:

Netherlands beyond GDP: A Wellbeing Index (Engelstalig) - 21 december 2016
De Rabobank heeft samen met de Universiteit Utrecht een nieuwe Brede Welvaartsindicator ontwikkeld. In dit achtergrondpaper wordt de motivatie voor het ontwikkelen van een nieuwe welvaartsindicator gegeven. Vervolgens wordt er ingegaan op de methodologie en de resultaten van de nieuwe Brede Welvaartsindicator.